Beschermd stads- of dorpsgezicht, intrinsiek

Klooster van Poortakker: kloostertuin en omgeving

Beschermd stads- of dorpsgezicht, intrinsiek van 26-03-1998 tot heden

ID: 10237   URI: https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/10237

Besluiten

Kloostercomplex van Poortakker met tuin en omgeving
definitieve beschermingsbesluiten: 26-03-1998  ID: 3303

Beschrijving

De tuin aan de zuidwestelijke zijde van het Poortakkerkloostercomplex, gelegen langs de Oude Houtlei te Gent, en de omgeving van het complex zijn beschermd als stadsgezicht. De Poortakkerkapel en het Poortakkerklooster zijn beschermd als monument en maken geen deel uit van het beschermde stadsgezicht.



Waarden

De tuin en onmiddellijke omgeving van het kloostercomplex van Poortakker zijn beschermd als stadsgezicht omwille van het algemene belang gevormd door de:

historische waarde

De versnipperde kleinere tuin met voormalig bijgebouw van het kloostercomplex vormt als oorspronkelijk onderdeel van de kloostersite een omgevingselement dat historisch en visueel bij Poortakker hoort.
De aanpalende rijhuizen aan de Oude HoutIei en het huisje tegen de zijtoegang in de Wellingstraat vormen door hun inherente visuele en/of functionele samenhang en door hun beeldbepalend karakter wezenlijke omgevingselementen die de intrinsieke waarde van Poortakker als monument tot zijn recht laten komen.

Aanduiding van

Is de omvattende bescherming van

Herenhuis

Oude Houtlei 58 (Gent)
Ten zuiden van het poortgebouw van het klooster van Poortakker langs de Oude Houtlei bevindt zich een laat 19de-eeuwse herenhuis met enkelhuisopstand, volgens kadastergegevens nieuw opgericht in 1891 door Marie-Thérèse Bracq. Onderkelderd breedhuis van zes traveeën breed en drie bouwlagen met een zadeldak.

Is de gedeeltelijke bescherming van

Klooster van Poortakker

Oude Houtlei 50, 56-58, Wellingstraat 32 (Gent)
De laat 19de-eeuwse Poortakkerkapel en het bijhorend kloostercomplex vormen een voorbeeld van neogotische bouwkunst, een constructie van vooraanstaande kunstenaars voor de neogotiek, namelijk Arthur Verhaegen in samenwerking met Jean-Baptiste Bethune en Florimond Van de Poele. Het goed bewaard geheel dankt zijn architecturale kwaliteiten onder meer aan het totaalconcept en de consequente eenheidsstijl.