Beschermd monument

Woning Janssens

Beschermd monument van 23-04-2019 tot 14-01-2020 (voorlopige bescherming)

De rechtsgeldigheid van dit aanduidingsobject is niet meer actueel.
ID
113513
URI
https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/113513

Besluiten

Woning Janssens
voorlopige beschermingsbesluiten: 23-04-2019  ID: 14801

Beschrijving

Deze bescherming betreft woning Janssens, met inbegrip van de voor- en achtertuin met tuinpaviljoen.



Waarden

De woning Janssens, met inbegrip van de voor- en achtertuin met tuinpaviljoen, is beschermd als monument omwille van het algemeen belang gevormd door de:

architecturale waarde

De woning in de Ruytenburgstraat in Berchem, ontworpen in 1936 voor de artsenfamilie Janssens, is een gaaf bewaard voorbeeld van de kwaliteitsvolle interbellumarchitectuur in het voorstedelijk gebied van Antwerpen waarmee bekende architecten zoals Léon Stynen zich binnen de heersende traditiegetrouwe particuliere woningbouw wisten te onderscheiden.

Léon Stynen (1899-1990) was meer dan vijftig jaar beroepsmatig actief als architect, stedenbouwkundige, docent, schooldirecteur, onderwijshervormer, beleidsmedewerker en zelfs politicus. Hij realiseerde een omvangrijk en kwalitatief oeuvre waarvan het zwaartepunt in Antwerpen lag. In Antwerpen bleven zowel gebouwen uit zijn beginperiode als uit zijn latere oeuvre bewaard en hij realiseerde er een brede typologische waaier gaande van private woningen over appartementsgebouwen tot handelspanden, kantoren en cinema’s. In de loop van de jaren 1920 evolueerde Stynen van een Berlagiaanse art deco naar een zakelijke, moderne baksteenarchitectuur waarmee hij terecht tot het canon van het interbellummodernisme mag gerekend worden. Dat eigentijdse tijdschriften over kunst en architectuur, die sterk bijdroegen tot het uitdragen en promoten van de modernistische idealen in alle disciplines, de architectuur van vooral zijn grotere projecten loofden en plaatsten naast die van bekende tijdgenoten, getuigt van een eigentijdse waardering buiten de regionale grenzen. Cruciaal hierbij was zijn kennismaking met de Franse avant-garde tijdens de Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels Modernes (1925) in Parijs. Hij beschouwde dit als een eerste kennismaking met de moderne architectuur. Vooral aangetrokken door Le Corbusiers paviljoen ‘l’ esprit nouveau’, verdiepte hij zich in de ideeën en realisaties van het Nieuwe Bouwen en trachtte deze in de Belgische context te verwezenlijken.

De woning Janssens sluit aan bij het baksteenmodernisme dat Léon Stynen in diezelfde periode realiseert in de Tentoonstellingswijk. Als één van de vroegst werkzame en meest productieve architecten van de jonge Tentoonstellingswijk realiseert hij er in de jaren 1930 een zestiental burgerwoningen, die in vormgeving, materiaalgebruik en planvoering minder opvallende of vernieuwende varianten zijn op het ontwerp voor zijn eigen woning uit 1932-1933 aan de Camille Huysmanslaan. Gebonden aan bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, betreft het hier voornamelijk rijwoningen met een stereotiep gevel- en planconcept dat aansluiting vond bij de doorgaans gematigde modernistische vormgeving in de Tentoonstellingswijk. Het geconcipieerde woningtype bestond meestal uit drie bouwlagen onder plat dak met een bakstenen gevelparement en een gelijkvloerse verdieping in blauwe hardsteen. Het gebruik van een sileziesteen met Dudok-voeg komt vaak terug. Rechthoekige vensterpartijen, al dan niet met betegelde vensterposten, wisselen af met patrijspoorten en de voordeur valt op door fraai metalen ijzerwerk. Ook het ruimteconcept is grotendeels op hetzelfde grondplan gebaseerd: het gelijkvloers met een woonprogramma, bestaande uit een woonkamer aan straatzijde, eetplaats aan tuinzijde, met links of rechts hiervan de keuken. De twee bovenverdiepingen met slaapkamers en badkamer waren voorbehouden voor het rusten.

Hoewel de woning Janssens sterk aansluit bij dit gevel- en planconcept, worden hier bepaalde modernistische principes verder doorgedreven. Een welstellende bouwheer en andere stedenbouwkundige voorschriften hebben hier wellicht toe bijgedragen.

De woning, opgevat als een strak blokvormig volume, deels op ‘pilotis’ (kolommen), uitgewerkt met een beglaasde inkom, diverse terrassen, een vernieuwende planindeling, een fraaie interieurafwerking met enkele vernuftige details en met een ingerichte buitenruimte, mag beschouwd worden als een eerder bijzonder en uitzonderlijk gaaf bewaard architecturaal geheel uit Stynens modernistische interbellumperiode in het Antwerpse. De voortuin met centrale oprit en de achtertuin met paviljoen maken inherent deel uit van het totaalconcept.

De opdracht voor een halfvrijstaande woning van vier bouwlagen hoog liet Stynen toe om meer te experimenteren met de verworvenheden van het Nieuwe Bouwen. In plaats van een verschil te maken in materiaalgebruik om het gelijkvloers van de bovenbouw te onderscheiden, maakt Stynen hier gebruik van ‘pilotis’. De combinatie met een quasi transparante ‘entrée’ in de vorm van een terugwijkende glazen inkompartij versterkt nog het  zwevend effect van de bovenbouw. Ook in deze opdracht blijft Stynen trouw aan het bakstenen gevelparement van sileziesteen met een beperkt gebruik van blauwe hardsteen en geeft hij de buitengevels een strak, horizontaliserend karakter door de typische Dudok-voeg, de rechthoekige grote vensterpartijen die over de hoek doorlopen met doorgetrokken lekdrempels, de rollagen, gevelbrede terrassen en de verspringende gevellijnen, afgelijnd door dakranden, luifels en/of kroonlijsten. De betegelde ‘pilotis’ en vensterposten zorgen dan weer voor verticale accenten. De (dak)terrassen met buisleuning, cirkelvormige uitsprongen, de -inmiddels verwijderde- vlaggenstok en de patrijspoorten zijn zuiver modernistische elementen die verwijzen naar de pakketbootesthetiek.

De plattegrond beantwoordt aan de typologie van de bel-etagewoning met inkom, garages en nutsruimtes op de begane grond, leefruimtes op de bel-etage, slaap- en logeervertrekken met badkamers op de tweede en derde verdieping. Opvallend en vooruitstrevend in de planindeling is de functionele efficiënte schikking van de vertrekken, gericht op een optimale belichting en verluchting, en de dynamische circulatie. Cruciaal hierbij is de centrale inplanting van de cirkelvormige ruime traphal met slingertrap waarrond alle vertrekken logisch geschikt zijn en er elk apart op uitkomen.

Net zoals in zijn eigen woning paste Stynen ook hier het modernistisch gegeven toe van één grote open leefruimte op de bel-etage met ineenvloeiende eet- en zitplaats waar alle gezinsleden samen konden vertoeven. 

Bepalend in het interieur is de ensemblewaarde door het uitdrukkelijk aanwezige houtwerk dat opvalt door zijn kwaliteit, ambachtelijkheid en maatwerk en dat aan de ruimtes een bijzonder warm karakter verleent. Behalve de eiken visgraatparket en het vensterschrijnwerk in teak, is vooral het binnenschrijnwerk in gevernist Congolees limbahout opmerkelijk. Vermeldenswaardig in deze context zijn de slingertrap met een sierlijke leuning van limbahout, de binnendeuren met originele greep en het tevens door Stynen ontworpen vast meubilair zoals onder meer de vestiairekast, de opbergkast (linnenkast) op de tweede verdieping, en de kastwand op de overloop van de derde verdieping.

Zoals vele modernisten had Stynen ook veel aandacht voor de buitenruimte en beoogde hij een wisselwerking tussen interieur en exterieur. Vooral de bel-etage is sterk opengewerkt naar de tuin toe en staat hiermee rechtstreeks in verbinding via een buitentrap. Hij richtte het overdekt terras in met een buitenkeuken ‘avant la lettre’. De tuinkamer heeft grote vensterpartijen waarvan die aan de tuinzijde verticaal in de buitenmuur kan weggeschoven worden waardoor de kamer een soort van overdekt terras wordt. Achteraan in de tuin voorzag Stynen een ruim overdekt paviljoen.


Aanduiding van

Is de bescherming van

Woning Janssens

Ruytenburgstraat 29 (Antwerpen)
Burgerhuis van vier bouwlagen onder een platte bedaking, opgetrokken in een zakelijk baksteenmodernisme, ontworpen in 1936 door Léon Stynen.

Andere relaties

Wordt opgevolgd door

Woning Janssens

Ruytenburgstraat 29 (Antwerpen)