Beschermd monument

Graf en grafteken Carpentier-Huybreghts

Beschermd monument van 12-12-2019 tot 02-06-2020 (voorlopige bescherming)

De rechtsgeldigheid van dit aanduidingsobject is niet meer actueel.

ID: 113601   URI: https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/113601

Besluiten

Graf en grafteken Carpentier-Huybreghts
voorlopige beschermingsbesluiten: 12-12-2019  ID: 14882

Beschrijving

Deze bescherming betreft het graf en grafteken Carpentier-Huybreghts, grafperceel: perk B5 zonder nummer.



Waarden

Het graf en grafteken Carpentier-Huybreghts zijn beschermd als monument omwille van het algemeen belang gevormd door:

historische waarde

Het ontwerp van het grafteken dateert uit de periode 1893-1895 en is niet alleen één van de vroegste ontwerpen van Victor Horta in zuivere art nouveau maar ook van een zeldzaam grafteken in die stijl. Het grafteken werd ontworpen door de jonge Victor Horta voor de familie Huybrechts-Coppejans, schoonouders van de textielfabrikant Valère Carpentier. Vermoedelijk liet Valère Carpentier het grafteken in Ronse vervaardigen bij de dood van zijn echtgenote in 1920.

De menselijke resten van het echtpaar Carpentier-Huybreghts bleven in het graf bewaard. De bijna identieke graftekens Carpentier-Huybreghts en Huybrechts-Coppejans getuigen van de familiale en artistieke banden tussen de families Huybrechts, Carpentier en Victor Horta. Het grafteken is een uitzonderlijk voorbeeld van de invloed in Vlaanderen van de artistieke Brusselse kringen uit het fin de siècle waar ook de Vlaamse katholieke burgerij, hier de familie Carpentier, deel aan had.

architecturale waarde

Het grafteken uit de periode 1893-1895 is een uitzonderlijk voorbeeld van een grafteken in zuivere art nouveau in Vlaanderen. De art nouveau is vernieuwend binnen de funeraire kunst en komt bijzonder weinig voor op Vlaamse begraafplaatsen.

Het grafteken is een uitzonderlijke realisatie binnen het oeuvre van Horta waarin graftekens slechts sporadisch voorkomen. Hier past de architect zijn volgroeide art-nouveauvormgeving toe op een grafteken van het stèle-met-zerktype. De curve en het zweepslagmotief, twee kenmerken van de art nouveau van Victor Horta, domineren in het grafteken, zowel in zijn algemene vorm als in het decoratieve detail.

Het gebruik van de zijkanten van de stèle als volwaardig decoratief onderdeel van het grafteken, een vernieuwing ingevoerd door Victor Horta, is uitzonderlijk in de funeraire vormgeving en wordt in dit ontwerp voor de eerste keer toegepast. Het zal een handelsmerk van Victor Horta worden.

De iris op de zijkanten van het grafteken is een veel voorkomend en representatief decoratief element binnen het oeuvre van Horta. Hetzelfde motief komt ook voor in het architecturale oeuvre van de architect.

culturele waarde

De locatie van het grafteken langs het hoofdpad van de begraafplaats getuigt van de positie die de familie Carpentier-Huybreghts innam in de laat-19de en vroeg-20-ste-eeuwse burgerlijke maatschappij in Ronse en Brussel.

De afbeelding van symbolen op graven is representatief voor specifieke cultuurgemeenschappen. Het gebruik van het kruis met een stralenkrans is representatief voor de christelijke gemeenschap en bevestigt de geloofsovertuiging van het gezin Carpentier-Huybreghts. Hun keuze voor de in vrijzinnige en liberale milieus populaire Victor Horta is daardoor uitzonderlijk. Samen met het Gentse grafteken Huybrechts-Coppejans is het grafteken Carpentier-Huybreghts het enige funeraire ontwerp waar Victor Horta een kruis in verwerkt, weliswaar op de zijkant van het grafteken en als decoratief element. Enkel in de Villa Carpentier, eveneens in opdracht van Valère Carpentier,  zal hij nog religieuze elementen toepassen, waaronder de bouw van een huiskapel.

Het grafteken is door het gebruik van verschillende symbolen representatief voor de  burgerlijke cultuur op het einde van de 19de eeuw. Het kruis refereert naar de religieuze overtuiging van de familie Carpentier-Huybreghts. De afbeelding van een papaver of slaapbol als symbool voor ‘troost’, ‘de slaap der doden’ of ‘eeuwige slaap’ is een representatief voorbeeld van een algemeen bekend symbool binnen de funeraire cultuur van de late 19de eeuw.  De ‘taal der bloemen’ genoot grote bekendheid bij de burgerij tussen 1816 en 1914 en net tot die burgerij behoorde het gezin Carpentier-Huybreghts dat bekend stond als textielproducenten. De iris staat mogelijk voor Hades, god van de onderwereld.

archeologische waarde

De menselijke resten van het echtpaar Carpentier-Huybreghts bleven voor zover bekend in het graf bewaard. Menselijke resten in een duidelijk omschreven funeraire context zijn archeologisch belangrijk omdat bekend is wie zij waren, tot welke sociale laag ze behoorden, wanneer ze stierven, enzovoort. Zelfs voor de 19de en 20ste eeuw blijven skeletresten belangrijke onafhankelijke tot stand gekomen informatiebronnen die de geschreven archiefbronnen kunnen toetsen, aanvullen en nuanceren. Over grafrituelen en grafgiften werd weinig informatie overgeleverd in eigentijdse bronnen. Grafinhouden en skeletresten zijn dan ook belangrijk om de visie op leven en dood, de funeraire cultuur, levensverwachting, ziekte, biologische kenmerken, ... te onderzoeken.


Aanduiding van

Is de bescherming van

Het graf en grafteken Carpentier-Huybreghts

Engelsenlaan zonder nummer (Ronse)
Het grafteken voor het echtpaar Carpentier-Huybreghts dateert van 1920 en is een kopie van het grafteken van de familie Huybrechts-Coppejans (Gent, kerkhof van Sint-Amandsberg) dat in 1893-1895 werd ontworpen door Victor Horta in art-nouveaustijl.


Andere relaties

Wordt opgevolgd door

Graf en grafteken Carpentier-Huybreghts

Engelsenlaan zonder nummer (Ronse)