Handzamevaart met omgeving

Beschermd stads- of dorpsgezicht, intrinsiek van 30-06-2014 tot heden

Locatie

Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Diksmuide
Deelgemeente Diksmuide
Straat Kleine Dijk, Alleyepad, Vismarkt, Grote Dijk, Begijnhofstraat, Vaartstraat, Beerstblotestraat, Kwadestraat, Oostendestraat, Grauwe Broedersstraat, Sint-Niklaasstraat, De Breyne Peellaertstraat
Locatie Alleyepad, Beerstblotestraat, Begijnhofstraat, De Breyne Peellaertstraat, Grauwe Broedersstraat, Grote Dijk, Kleine Dijk, Kwadestraat, Oostendestraat, Sint-Niklaasstraat, Vaartstraat, Vismarkt (Diksmuide)

Administratieve gegevens

Andere nummers
  • 4.001/32003/126.1
  • 4.02/32003/710.1

Is de (gedeeltelijke) bescherming van

Handzamevaart met omgeving

Alleyepad, Beerstblotestraat, Begijnhofstraat, De Breyne Peellaertstraat, Grauwe Broedersstraat, Grote Dijk, Kleine Dijk, Kwadestraat, Oostendestraat, Sint-Niklaasstraat, Vaartstraat, Vismarkt (Diksmuide)

Een gedeelte van de Handzamevaart, met aansluitend de Vismarkt en omgeving, te Diksmuide, is beschermd als stadsgezicht.

Is de omvattende bescherming van

Appelmarktbrug

Kleine Dijk zonder nummer, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Kleine Dijk z.nr./ Grote Dijk/ Vismarkt. Zogenaamde "Appelmarktbrug" over de Handzamevaart naar de Vismarkt. Naamgeving naar de oude naam "Appelmarkt" voor de Vismarkt. In 1921-1922 heropgebouwd naar het historische model van de bruggen over deze vaart, n.o.v. architect C. Lesy (Brugge). Drieledige boogbrug in gele baksteenbouw, gebruik van arduin voor boo

Begijnhof

Begijnhofstraat 2, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Begijnhof, beschermd als landschap bij K.B van 10.07.1973 en als monument bij M.B. van 03.02.2000.Na de Eerste Wereldoorlog heropgebouwde begijnhofsite ten noorden van de historische stadskern ingeplant aan de rand van de waterzieke 'Beerstblote'-broeken en in de nabijheid van de Handzamevaart.

Burgerhuis

Grote Dijk 13, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Grote Dijk nr. 13. Burgerhuis in de jaren 1920 heropgebouwd. Bakstenen lijstgevel met opvallende centrale in- en uitgezwenkte gevel met topstuk als referentie naar de 17de-eeuwse herberg "Den Papegaei" (zou dateren van 1631), die voor de oorlog op de hoek van de Grote Dijk en de Begijnhofstraat stond. Barokke natuurstenen deuromlijsting met afzonderlijk bovenlicht met natu

Heropgebouwd hoekhuis

Kiekenstraat 28, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Hoekpand heropgebouwd in de jaren 1920. Verzorgde baksteenarchitectuur met rechts trapgevel en links dakvenster met uitzwenkende belijning met getorst topstuk en bolbekroning.

Heropgebouwde hoekhuizen Steun aan België

Kleine Dijk 17, Begijnhofstraat 3, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Hoekpanden heropgebouwd in de jaren 1920, met steun van de "Stichting van Wezel" zie tegeltjes met opschrift "STEUN AAN BELGIË" (Nederlands-Belgisch hulpfonds).

Hoekhuis met Handzamevaart

De Breyne Peellaertstraat 53, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Hoekpand heropgebouwd in de jaren 1920. Naar de Handzamevaart opvallende en hoog opgaande trapgevel geleed door Brugse traveeën, als referentie naar het vooroorlogse hoekpand.

Klein begijnhof

Kleine Dijk 21-25, 22-32, 29-31, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Groep kleine huisjes na de Eerste Wereldoorlog gebouwd voor oorlogsweduwen met steun van het Nederlands-Belgisch hulpfonds "Steun aan België" of de "Stichting van Wezel".

Klooster en kapel van de zwarte zusters

Vismarkt 6, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Klooster en kapel van de zwarte zusters, heropgebouwd in de jaren 1920. Naar aanleiding van een pestepidemie in 1479 verzocht de stadsmagistraat de zwarte zusters om zich te Diksmuide te vestigen. Ze kregen het huis "Sint-Andries" op de hoek van de Paaphoek en de Zwartenonnenstraat.

Noorderbrug of Beerstbrug

Grauwe Broedersstraat zonder nummer, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Deze boogbrug dateerde oorspronkelijk van 1774, en werd in 1907 verbreed naar aanleiding van de aanleg van de buurtspoorweg Oostende-Diksmuide. De brug was tijdens de Eerste Wereldoorlog van groot belang voor de bevoorrading van de Duitse troepen. Daarom werd de zogenaamde "Mainzerbrücke" bij beschietingen telkens opnieuw hersteld. Na de oorlog werd deze brug histroriserend heropgebouwd.

Postgebouw

Grauwe Broedersstraat 1, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Gelegen aan de Handzamevaart. Postgebouw heropgebouwd tussen 1921-1928 naar ontwerp van architecten Luc Viérin en Antoine Dugardyn (Brugge). Dit postgebouw, zie verzorgd ijzeren uithangbord, werd gebouwd ter vervanging van het zogenaamde "Spaanse huis" of het "Huis der Spaanse Kapiteins", een 16de-eeuwse patriciërswoning met dienstgebouwen, stallingen, achthoekige toren en een ommuurde tuin, een voormalige residentie van de Spaanse gouverneur.

Twee burgerhuizen

Vismarkt 1, 2, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Vismarkt nrs. 1-2. Twee burgerhuizen heropgebouwd in 1921 cf. jaarankers en -stenen, dit n.o.v. architect Lucien Coppé (Brugge). Traditionele baksteenarchitectuur cf. de rechthoekige muuropeningen verdiept in korfbogige en accoladebogige nissen. Nr. 1 is het meest verzorgd uitgewerkt cf. het op consoles uitkragende risaliet oplopend in verhoogde halsgevel met overhoeks topstuk en jaaranker

Vaartbrug

Kleine Dijk zonder nummer, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Zogenaamde "Vaartbrug". Niet historische brug tussen de Kleine Dijk en de Vaartstraat alwaar de Handzamevaart een scherpe bocht neemt. Deze brug werd gebouwd ter vervanging van de niet heropgebouwde "Alleyebrug".

Vishal van 1924-1925

Vismarkt zonder nummer, Diksmuide (West-Vlaanderen)

Vismarkt z.nr. Vishal van 1924-1925 n.o.v. architect Lucien Coppé (Brugge), heropgebouwd naar model van de vishal op de vooroorlogse vismarkt (nu Vrijheidsplein). Roodbeschilderde houten constructie op tien (ontdubbelde) pijlers op arduinen blokken en met uitgewerkte korbelen. Verzorgde zware kapconstructie verstevigd met ijzeren banden. Leien schilddak. Bakstenen banken v

Beknopte karakterisering

Tags Wederopbouw

Beschrijving

Een gedeelte van de Handzamevaart, met aansluitend de Vismarkt en omgeving, te Diksmuide, is beschermd als stadsgezicht. De gevels die zich op de grens van de afbakening bevinden en waarvan de rest van het gebouw buiten de afbakening ligt, maken in dit geval geen deel uit van de bescherming.

Waarden

Een gedeelte van de Handzamevaart, met aansluitend Vismarkt en omgeving, is beschermd als stadsgezicht omwille van het algemeen belang gevormd door de:

sociaal-culturele waarde, historische waarde

Diksmuide- reeds in de herfst van 1914 bijzonder hard beproefd tijdens de IJzerslag- is één van de drie frontsteden waarin bijna geen enkel gebouw de oorlog overleefde. Hierdoor vormt de stad een belangrijke materiële getuige van de Eerste Wereldoorlog, die de frontstreek jarenlang in zijn greep hield ten koste van honderdduizenden levens.
De in situ wederopbouw van de stad was na de enorme verwoestingen niet vanzelfsprekend, gezien de aanvankelijke scepsis van onder meer de pers. Hetzelfde geldt voor het hernemen van de kronkelende Handzamevaart die aan de stadsrand aftakt met daaraan gelegen onder meer het begijnhof. In een plan van 1916 is immers het voorstel opgenomen om de vaart recht te trekken ten voordele van een nijverheidszone. De beslissing om het begijnhof her op te bouwen volgt pas in 1923.
De historiserende wederopbouw wou de getraumatiseerde bevolking haar trots teruggeven. Het pittoresk herbouwde stadscentrum - met herneming van oude jaarankers, en in het interbellum een altijddurende tentoonstelling van oude Vlaamse bouwkunde genoemd - staat dan ook in schril contrast met archiefbeelden van totale verwoesting. Jaarstenen op bruggen (op Appelmarktbrug zowel wapenschilden met 1563 als 1921) en enkele huizen verbreken echter deze droom en verwijzen impliciet naar de verwoesting.
Door de historiserende wederopbouw rondom blijft de middeleeuwse stadsevolutie met havenkwartier aan de gekanaliseerde vaart en de 13de-eeuwse inname door ambachtslui van de lager gelegen gronden ten noorden leesbaar. De - weliswaar niet heropgestarte - handels- en nijverheidsactiviteit is afleesbaar in de kaaimuren met aanmeerringen. Het heropgebouwde begijnhof - hier ingeplant sinds de 13de eeuw - vormt een materiële getuige van de begijnenbeweging, die in de 14de en 15de eeuw tot volle bloei kwam in Vlaanderen. De grote, ten noorden aansluitende moestuin en de zichtrelatie met het poldergebied verduidelijkt de historische vestiging van het begijnhof aan de stadsrand.
Toch laat de wederopbouw niet alles bij het oude. Kleine wijzigingen in de vooroorlogse perceelsstructuur betreffen de verschuiving van de herberg Den Papegaai met één perceel en de verhuis van de vishal naar de huidige Vismarkt. Verder wordt het begijnhof herbouwd vanuit de nood aan een rusthuis en ontstaat het conceptueel aansluitende Klein Begijnhof/Stichting Van Wezel als een privaat huisvestingsinitiatief voor oorlogsweduwen en -wezen in het vernietigde gebied. Ook de openbare functie als postgebouw voor het Spaans huis is nieuw.

historische waarde

in casu architectuurhistorische waarde:
Na de totale vernietiging lokt de wederopbouw hevige discussies uit, dit reeds in 1916 met een in Parijs goedgekeurd lijnrichtingsplan. Niettegenstaande de suggestie van een nieuwe stad naast de puinen, wordt in 1919 beslist tot de in situ wederopbouw, onder leiding van stadsarchitect J. Viérin. De eerste bouwactiviteit rondom de vaart betreft de private huizen in 1921-1922. Grote projecten zoals het begijnhof en het Klein Begijnhof volgen pas in 1923-1933 en 1931.
De gerealiseerde wederopbouw vloeit voort uit de keuze om het middeleeuwse Diksmuide te herstellen. De stadsarchitect opteert rondom de vaart waar mogelijk voor reconstructie naar vooroorlogs model. Uitzonderlijk bij de wederopbouw worden het pand Thomas van Cantelberg en het begijnhof (poort en huizen) witgeschilderd, correct naar historisch model. Het Spaans huis wordt daarentegen in blote baksteen en stijlzuiverder in Vlaamse renaissance herbouwd met trapgevels, aediculanissen en kruiskozijnen. De Vismarkt illustreert de vervanging van bepleisterde lijstgevels door een sobere wederopbouwarchitectuur in blote baksteen. Al roept de lijstgevel van het klooster het vooroorlogse volume op, de blote baksteen, de toegevoegde tuitgeveltjes, en de aansluitende kapel met spitsboogvensters en klokkengeveltje verwijzen duidelijk naar de regionale baksteengotiek. De Appelmarktbrug in het midden en de Beerstbrug ten oosten zijn historisch/in situ herbouwd, met natuurstenen bogen en steunberen. De nieuwe Vaartbrug volgt dit model. Ook de afzoming van de vaart met lindes herneemt een vooroorlogs gegeven.
Zichtassen op beeldbepalende reconstructies spelen een belangrijke rol vanaf de structurerende Handzamevaart met kaaimuren, trappen en bruggen. De centrale Appelmarktbrug biedt noordelijk een zicht op de herberg Den Papegaai - met klokgevel en bewaard houtwerk en luiken -, en het huis Thomas van Cantelberg met tuitgevel, en op de achterin, in de knik van de straat gelegen begijnhofpoort; zuidelijk op de gevels rond de vishal (1924); oostelijk op de trapgevels van het postgebouw en het hoekpand er tegenover, die boven de Beerstbrug oprijzen. De poort van de stichting refereert zowel aan de begijnhofpoort als aan deze van de vooroorlogse kazerne. Aansluitend bij de poort zijn een aantal, meestal lage stichtingshuisjes gericht naar de Kleine Dijk, met geschilderde naam, tuitgeveltjes, korfboogdeuren en beluikt houtwerk.
Het pleinbegijnhof - driehoekig graspleintje afgebaard door huizen en kapel - wordt gespiegeld in het woonconcept van de Stichting Van Wezel rond plein met waterput. Dit Klein Begijnhof vervangt de vooroorlogse rijkswachtkazerne, die na de Franse revolutie gebouwd was op een begijnhofperceel. Boven het muurtje tussen de binnenpleintjes wordt vanuit het Klein Begijnhof de aandacht getrokken op de toegangspoort en de hoge begijnhofhuizen; vanuit het begijnhof op de lage geelbakstenen huisjes en de imposante lindeboom. De Begijnhofstraat wordt gekenmerkt door witgeschilderde baksteenarchitectuur: de lage huisjes (hoek Kleine Dijk), de zijgevel met aandaken van het Huis van de grootjuffrouw, de poort, en de deels blinde achtergevels van de huizen.

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.