ronkelhof_versie1_06/06/2013

Het huidige 18de eeuwse "Ronkelhof" maakte oorspronkelijk deel uit van een gesloten vierkanthoeve op een middeleeuwse site. Het is het enige historische pachthof te Wemmel met authentiek bewaarde gebouwen. Het Hof bestaat uit een L-vormige hoeve met boerenwoning en stal.

Historiek

De aanzet tot de huidige dorpsstructuur van Wemmel ligt in de Frankische periode. Rond de nieuwe Frankische kern werden her en der verspreide hoven opgericht die later evolueerden naar de middeleeuwse hoven “ten Obberge”, “ter Elst”, “te Brackene”, “te Bossche”, “te Gaesborre”, “te Roeckele”, enz. Hiervan rest enkel nog het “Hof te Roeckele” of het huidige “Ronkelhof”.

Reeds in 1321 is er in geschreven bronnen sprake van het leengoed "Te Roeckele" gesitueerd op een hoogte "Ronkelborch" genaamd, niet zo ver van de oude schapenbaan, de huidige Romeinse Steenweg. Tot in de tweede helft van de 19de eeuw was Ronkelhof achtereenvolgens in bezit van volgende adellijke families: ’t Serclaes, Ballast, van Nevele, van Weerden, de Man de Brackène, van Male de Brackène, Coomans de Brackène en van Malderen. Rond 1860 werd de hoeve verkocht aan de familie Crockaert, een brouwersfamilie uit Brussel, die vanaf 1921 de hoeve aan de familie Baert verpachtte. Zij kochten op hun beurt de hoeve in 1967 en zijn tot op heden eigenaar.

De hoeve bestond in het laatste kwart van de 18de eeuw (Ferrariskaart, 1771-1775) uit vier vrijstaande volumes rond een erf en evolueerde in de 19de eeuw naar een gesloten vierkanthoeve met bakhuis en drinkpoel ten westen (Poppkaart, ca. 1860). De hoeve wordt op de Poppkaart aangeduid als (jenever)stokerij. Dit correspondeert met optekeningen in het kadaster waar in 1860 de stalvleugel ten zuiden wordt uitgebreid met een kleine constructie, namelijk een stokerij (distillerie) (mutatieschets 1860/4). Zestien jaar later verdween de stokerij weer en vermoedelijk werd het gebouwtje kort daarna omgevormd tot zijn huidige functie van bakhuis (mutatie schets 1876/9). Enkele jaren later wordt immers de afbraak van het bakhuis naast de poel geregistreerd (mutatie schets 1884/46). Op dat moment staat het perceel 443a ten zuiden van het Ronkelhof en gelegen naast de holle toegangsweg geregistreerd als moestuin en het perceel 441a dat zich ten zuiden en ten westen van de hoeve uitstrekt geregistreerd als boomgaard.

Het Ronkelhof wordt uitgebreid gedocumenteerd door M. Van Heusden (1946) die de hoeve opneemt als typevoorbeeld van een "grote historische vierkanthoeve" met een landbouwareaal tussen de 25 en 60 hectare in de noordelijke regio van Brussel. In de eerste helft van de 20ste eeuw bezat de hoeve nog steeds 65 hectare landbouwgrond en 19 werkpaarden. Samen met de beschrijving in "Bouwen door de eeuwen heen" (1975) en de toenmalige genomen foto's, is het de belangrijke bron voor de in 1988 ingestorte monumentale 18de eeuwse langsschuur in vakwerkbouw op bakstenen voeting ten noordoosten van het erf (oudste gegraveerde data 1728, PD 1798 en 1824). Gelijktijdig met de schuur verdwenen toen ook de aanpalende overluifelde inrijpoort ten zuidoosten en de kleinere haakse stal voor kleinvee ten noordwesten.

In de ruimere omgeving werden er in de loop der tijden twee grote infrastructuurwerken aangevat die het landbouwareaal aan de oost- en zuidkant hebben afgesloten. In 1878 werd ten oosten de Steenweg op Brussel gedeeltelijk rechtgetrokken (mutatie schets 1878/8) en midden jaren 1950 werd ten zuiden, iets boven de Romeinse Steenweg, de Brusselse ring aangelegd. In de meer directe omgeving werden er in de loop van de tweede helft van de 20ste eeuw sporadisch percelen verkaveld en bebouwd met (rij)huizen.

Beschrijving

Het landelijk gesitueerde "Ronkelhof" is beeldbepalend ingeplant op een heuvel in het zuiden van de gemeente en tot op heden omringd door zijn oorspronkelijk landbouwareaal van weiden en akkers. De huidige, 18de eeuwse L-vormige hoeve bestaat uit een imposant boerenhuis ten zuidoosten en een stalvleugel ten zuidwesten van het gekasseide erf met mestvaalt. De éénlaagse volumes worden met elkaar verbonden door een lager, tweeledig bakhuis uit eind 19de eeuw. Er zijn resten van een omhaagde boomgaard achter de stalvleugel en een poel in het dal.

Goed bewaard, onderkelderd boerenhuis van zeven traveeën en één bouwlaag onder recent vernieuwd mechanisch pannen zadeldak gevat tussen zijtuitgevels met aandak, vlechtingen en weinig uitgesproken schouderstukken op geprofileerd consooltjes uit het tweede kwart van de 18de eeuw. Op de nok een klein klokje. Verankerde, witgeschilderde baksteenbouw op een gedeeltelijk gepikte, hoge kalkzandstenen plint, voorzien van hoekkettingen en steigergaten. De erfgevel met dubbelhuisopstand bezit voormalige kruisvensters in een kalkzandstenen omlijsting van hoek- en negblokken met sponning en luikduimen. De eerste twee vensters werden in de tweede helft van de 20ste eeuw getralied. Steekboogvormige en kwarthol geprofileerde deuromlijsting met negblokken. Oorspronkelijk had de deur een getralied bovenlicht, conform sporen. De achtergevel wordt geopend door kleine, rechthoekige venstertjes met kwarthol geprofileerde dagkanten. De vensters en keldergaten zijn van diefijzers voorzien. Links van de later aangebrachte achterdeur onder houten latei (eerste helft 20ste eeuw), is de zware gootsteen van het moosgat nog zichtbaar. De zijgevels worden geopend door vierkante en rechthoekige (laad)vensters; de westelijke zijgevel is gecementeerd. Het schrijnwerk werd overal vernieuwd.

Bakstenen koeien- en paardenstal van acht traveeën op een lage kalkzandstenen plint onder rood-zwart Vlaams pannen zadeldak gevat tussen zijtuitgevels met aandak en vlechtingen, opklimmend tot de 18de eeuw. Verankerde en witgeschilderde erfgevel geopend door deels gewijzigde rechthoekige muuropeningen onder houten lateien en een later toegevoegde schuurpoort. Ter hoogte van de vijfde travee een laadvenster onder afgesnuit zadeldakje. Gecementeerde veld- en zijgevels. Acht oorspronkelijke gebinten met telmerken, waarvan één moerbalk in de vorige eeuw vervangen werd door een ijzeren I-profiel en één moerbalk recent door balkoprot ingestort is.

Aanpalend aan de stalvleugel en een gesloten hoek vormend met het woonhuis, een ruim intact tweeledig bakhuis (bakhuis met externe bakoven) opgetrokken in de tweede helft van de 19de eeuw. Deels gewitte, deels gecementeerde baksteenbouw onder verspringende zadeldaken met rood-zwarte Vlaamse pannen. De gewitte erfgevel op lage gepikte plint is voorzien van rechthoekige muuropeningen en een sterk overkragende dakrand. De zuidwestelijke zijgevels zijn gecementeerd. In de hoek gevormd door het bakhuis en de bakoven bevindt zich een bakstenen secreet onder Vlaams pannen lessenaarsdakje.

Interieur

Binnenin is de volledige dragende structuur van kinder- en moerbalken intact bewaard gebleven, alsook de oorspronkelijke planindeling. Een brede middengang geeft toegang tot grote leefruimten aan de erfzijde die op hun beurt leiden naar kleinere dienst- en slaapruimtes aan de veldzijde. De enige wijziging betreft het maken van een verbinding tussen de middengang en de achterdeur in de eerste helft van de 20ste eeuw. Vanuit de gang leidt een steile steektrap naar de zolder met zeven genummerde gebinten. Met uitzondering van de twee meest oostelijke traveeën is het volledige woonhuis onderkelderd. Een hardstenen trap leidt naar vier kelders onder tongewelf, waarvan drie toegankelijk zijn via een getoogd deurtje met natuurstenen omlijsting, waarvan twee met kwartholprofilering. De eerste kelder heeft een vloer in blauwe hardsteen, de overigen een vloer in witte kalkzandsteen.

Omwille van het unieke karakter van het geheel, met name het enige nog bewaarde historische pachthof te Wemmel dat bovendien nog in uitbating is en tot op heden omgeven door zijn historisch landbouwareaal en dit binnen de sterk verstedelijkte context van de Vlaamse Rand wordt het Ronkelhof en zijn omgeving in zijn totaliteit als monument beschermd. De afbakening heeft betrekking op de omgeving die een directe ruimtelijke en visuele impact heeft op de perceptie en herkenbaarheid van het Ronkelhof. Er werd eveneens rekening gehouden met de begrenzing van het historische areaal als economische en historisch waardevolle context.

Bibliografie

  • ANDRIES C. 1990: Wemmel, cultuurpatrimonium, gastronomie en toerisme, Wemmel, p. 15.
  • DE MAEGD C. en VAN AERSCHOT S. 1975: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Vlaams-Brabant, Halle-Vilvoorde, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen, 2n., Gent, p. 769-770.
  • DE DONCKER, M. 2010: Twee eeuwen Wemmel.
  • GUYOT G. 1978: Wemmel III. Voortbestaan en uitbreiding van het dorp. In: Wamblinis, VI, 3, Wemmel, p. 34-35.
  • VAN DER KAA M.-H. 1985: Wemmel. Origine et transformation jusque' en 1838 d'un village de l'agglomeration Bruxelloise, (onuitgegeven licenciaatsverhandeling), Louvain-La-Neuve, p. 181.
  • VAN HEUSDEN M. 1946: La région nord de Bruxelles. Les caractères naturels et spirituels. Le paysage, Brussel, p. 42-47.
  • VERBRUGGEN E. 1976: Het Ronkelhof. In Wamblinis, IV, 4, Wemmel, p. 49-51.
  • Ferrariskaart (1771-1775)
  • Poppkaart (circa 1850)
  • Kadaster Vlaams-Brabant, primitief kadasterplan en mutatieschetsen Wemmel: 1860/4, 1876/9, 1876/13, 1878/8,1884/46 en 1916/21.

Waarden

Het ronkelhof met omgeving is beschermd als monument omwille van het algemeen belang gevormd door de:

historische waarde : uit historische gegevens, de omvang van de hoeve en de verzorgde architectuur blijkt dat het Ronkelhof één van de belangrijkste hoeves te Wemmel was, met een geschiedenis die minstens terug gaat tot de middeleeuwen, maar vermoedelijk zelfs tot de Frankische periode. Als het enige nog bewaarde historische pachthof vormt het een zeldzaam en uniek voorbeeld van agrarische architectuur te Wemmel. De omliggende weidepercelen en akkergronden behoren tot het oorspronkelijke landbouwareaal en zijn onlosmakelijk verbonden met de economische context van deze hoeve-uitbating. Door hun ligging in één aaneengesloten blok en visueel met de hoeve verbonden, ondersteunen en versterken ze de intrinsieke waarde van de hoeve en leveren ze een cruciale bijdrage tot de herkenbaarheid en definiëring van dit groot voormalig pachthof in de vruchtbare Brabantse kouters. Daarenboven is de omgeving een voorbeeld van een goed bewaard kouterlandschap, met het Ronkelhof beeldbepalend ingeplant op de Ronkelberg, gelegen aan de historische veldweg (F)ronkel, één van de twee laatst overgebleven holle wegen te Wemmel.

historische, in casu architectuurhistorische waarde: niettegenstaande de gedeeltelijke bewaring, vormt de hoeve een representatieve illustratie van een grote hoeve uit de 18de eeuw, met goed bewaard boerenhuis, stalvleugel en bakhuis. Het behoud van het gekasseide erf met de mestvaalt, de voormalige omhaagde moestuin en boomgaard met poel, de holle weg en het omringend landbouwareaal dragen bij tot een verhoogde ensemblewaarde. Stilistisch en typologisch interessant boerenhuis in een overgangsstijl van traditionele bak- en zandsteenstijl naar een sober classicisme met bewaarde planindeling en hierdoor bijzonder typerend voor het tweede kwart van de 18de eeuw. Karakteristieke stalvleugel met rechthoekige openingen onder houten lateien en centraal een laadvenster onder afgesnuit zadeldakje uit de 18de eeuw. Groot, intact, tweeledig bakhuis uit de 2de helft van de 19de eeuw.


Bron: Beschermingsdossier DB002329
Auteurs:  Van Damme, Marjolijn
Datum: 2011

Je kan deze pagina citeren als: Van Damme, Marjolijn: Hoeve Ronkelhof en omgeving [online], https://id.erfgoed.net/teksten/145754 (geraadpleegd op 25-10-2020)


Hoeve Ronkelhof en omgeving

De hoeve Ronkelhof is samen met haar omgeving beschermd als monument, met uitzondering van de met een X op het afbakeningsplan aangeduide constructies.


Bron: -
Auteurs:  Agentschap Onroerend Erfgoed

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed: Hoeve Ronkelhof en omgeving [online], https://id.erfgoed.net/teksten/187751 (geraadpleegd op 25-10-2020)