Beschermd monument

Cisterciënzerinnenabdij

Beschermd monument van 30-09-2014 tot heden
ID: 1878   URI: https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/1878

Besluiten

Cisterciënzerinnenabdij Oriënte
definitieve beschermingsbesluiten: 30-09-2014  ID: 5539

Beschrijving

De bescherming als monument betreft de 13de-eeuwse voormalige cisterciënzerinnenabdij Oriente, en sinds de 19de eeuw in gebruik als herenhoeve door de familie Vinckenbosch.



Waarden

De voormalige abdijsite Oriënte, nu herenhoeve Vinckenbosch is beschermd als monument omwille van het algemeen belang gevormd door de:

historische waarde

Gelegen in de Getevallei, op de oostgrens van Vlaams-Brabant en omarmd door een kunstmatige bocht van de Melsterbeek vormt deze rond 1850 fasegewijs opgetrokken hoeve een unieke materiële verwijzing naar de na de Franse Revolutie grotendeels gesloopte cisterciënzerinnenabdij van Oriënte (1234-1795). De hoeve werd opgetrokken door de Tiense notaris Vinckenbosch, en de originele benaming 'Sorores domus Orientis' werd ingegeven door de oostelijke ligging ten opzichte van de iets oudere zusterabdij Maagdendal te Oplinter (Tienen). Niet alleen geïncorporeerde bouwrelicten waaronder de getoogde hardstenen Louis XV-deuren en het 1722 gedateerde wapenschild van abdis Mathilde de Roest maar ook de oorspronkelijke toegangsdreef, de omgelegde Melsterbeek en het nog grotendeels -in natte of droge vorm- herkenbare grachtensysteem dat op het terrein de historische begrenzing van de site traceert, vormen opmerkelijke en betekenisvolle getuigen van een abdij die met haar uitgestrekte, over een 30-tal locaties verspreide bezittingen tijdens het ancien regime tot een van de grootste domeinen van monialen in de Nederlanden werd gerekend.
Met haar twee langgerekte woon- en bedrijfsvleugels waaronder een distilleerderij die samen met het kleine rechthoekige volume van kippenren en/of volière en een ovaalvormig ommuurde mestvaalt een circa 100 meter diep, rechthoekig gekasseid erf omlijnen en daarnaast, de op enige afstand ingeplante constructies van bakhuis en dienstwoning vormt de hoeve Vinckenbosch met haar uitgebreid areaal, zowel door haar aanzienlijke proporties als afwijkende typologie een op zijn minst markant en bovendien opmerkelijk goed bewaard voorbeeld van een rond 1850 te dateren herenhoeve. Dat beeld wordt vervolledigd door een aansluitende, circa een hectare grote informele tuin met 1861 gedateerd zeshoekig paviljoen en enkele merkwaardige bomen waaronder een laagvertakte esdoorn (Acer pseudoplatanus), een witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum), een bruine beuk (Fagus sylvatica 'Atropunicea') op een heuveltje, en een door gele kornoeljes (Cornus mas) gevormd prieel.
Het afwijzen van de klassieke kwadraatstructuur en de omvangrijke koe- en varkensstallen met centrale voedergang zijn bovendien tekenend voor de modernisering en herstructurering van de landbouwbedrijven in het derde kwart van 19de eeuw toen de graanprijzen ingevolge goedkope buitenlandse invoer kelderden en er in bepaalde regio’s noodgedwongen werd overgeschakeld op de meer lucratieve veeteelt.
De middeleeuwse kanalisering van de Melsterbeek was een omvangrijke onderneming die cruciaal was voor de ontginning van de noordelijke Getevallei. De doorsteek van het interfluvium van Grazen illustreert de grote ijver die aan de dag is gelegd om de waterhuishouding te wijzigen ten behoeve van de landbouw en watermolens.

historische waarde

in casu architectuurhistorische waarde:
Opgetrokken in baksteen met okerkleurig geschilderd woongedeelte en witgeschilderde bedrijfsgebouwen onder pannen zadeldaken met verspringende nokhoogte is het fasegewijs, in de periode 1846-1879, gerealiseerde complex qua vormgeving bijzonder illustratief voor de bewuste bouwperiode. Het in twee onderscheiden volumes ondergebrachte woonhuis, waaronder een met mezzanine, vormt met zijn vrijwel symmetrische ordonnantie van grote rechthoekige, beluikte vensters - deels met origineel schrijnwerk -, en zijn sobere achtergevel met dominant rondbogig traplicht een typische exponent van een midden 19de-eeuws, neoclassicistisch geïnspireerd boerenburgerhuis. Dit vertaalt zich ook in het overigens enigszins stilistisch hybride interieur met zijn ranke balustertrap en historiserende marmeren schouwen. De eveneens uit dezelfde periode daterende bedrijfsgebouwen waaronder stallingen en distilleerderij, alsook de vrijstaande dienst- of daglonerswoning met hun regelmatige ordonnantie van lichtgetoogde deuren en vensters met metalen schrijnwerk met al dan niet neerklappend bovengedeelte, karakteristieke laadvensters en dit in combinatie met een binnenstructuur van bakstenen troggewelven op I-liggers en een met schroefbouten vergaarde houten dakstructuur zijn daarnaast bijzonder illustratief voor de bedrijfsarchitectuur uit het derde kwart van de 19de eeuw.

industrieel-archeologische waarde

Als een goed bewaard en voor Vlaanderen uitzonderlijk voorbeeld van een maalstoel van de Luikse firma G.J. Pasteger et Fils van ongeveer 1900 bestaande uit een houten maalstoel op een gietijzeren onderstel die samen met de nog aanwezige transmissie-as en verschillende riemschijven een laatste getuige vormt van een eens bloeiende lokale industriële bedrijvigheid op het platteland.


Aanduiding van

Is de bescherming van

Herenwoning en distilleerderij op cisterciënzerinnendomein

Galgestraat 57, 59 (Geetbets)
Opgeheven tijdens de Omwenteling en openbaar verkocht. Sinds de 19de eeuw gebruikt als hoeve en brouwerij, daartoe omgebouwd en uitgebreid.

Is de omvattende bescherming van

Tuin bij herenhuis en distilleerderij Oriënte

Galgestraat 57-59 (Geetbets)
Informele tuin van circa 1 hectare, aangelegd omstreeks omstreeks 1850 bij de tot distilleerderij met herenwoning verbouwde relicten van een voormalige abdij.