Stadswoningen

Beschermd monument van 05-12-2005 tot heden

Locatie

Provincie Antwerpen
Gemeente Mechelen
Deelgemeente Mechelen
Straat Begijnenstraat
Locatie Begijnenstraat 19, Begijnenstraat 21, Begijnenstraat 23 (Mechelen)

Administratieve gegevens

Andere nummers
  • 4.01/12025/479.1
  • OA003429

Is de (gedeeltelijke) bescherming van

Stadswoningen

Begijnenstraat 19-23, Mechelen (Antwerpen)

De structuren van de bouwvolumes zijn sterk met elkaar verweven. De oudste delen gaan vermoedelijk terug tot twee breedhuizen, in de 16de eeuw samengevoegd tot één belangrijke patriciërswoning.

Beschrijving

De stadswoningen Begijnenstraat 19, 21 en 23, die gedurende vele eeuwen een eenheid vormden, zijn beschermd als monument.

Waarden

Begijnenstraat 19-21-23 zijn beschermd als monument omwille van het algemeen belang gevormd door de:

historische waarde

In de onmiddellijke omgeving van de Sint-Romboutskathedraal situeert zich de Begijnenstraat, de aanvankelijke vestigingsplaats van de Mechelse begijnen die tussen de 16de en de 18de eeuw uitgroeide tot een geliefkoosde woonplaats voor lokale edelen, niet zelden verbonden aan de Mechelse Grote Raad. Vermoedelijk omstreeks de eerste helft van de 16de eeuw ontstond ongeveer halverwege de oostelijke straatzijde een ruim en rijkelijk uitgewerkt woonhuis dat een treffend voorbeeld vormt van de residentiële woningbouw van deze plaatselijke machthebbers, heden gekend als Begijnenstraat 19-21-23. De aanwezige structuren in traditionele bak- en zandsteenstijl, de gewelfde kelders, de houten balkenroosteringen met deels behouden witstenen consoles en de houten dakconstructies met gordingenspanten geven aan dat hiertoe twee breedhuizen aan de Begijnenstraat werden samengevoegd.
De verbinding van beide breedhuizen en de opname in een gemeenschappelijke geschiedenis wordt onder meer aangetoond door de aanwezigheid van een zeer zeldzame galerij met renaissance kenmerken die aanzet in Begijnenstraat 19 en doorloopt over Begijnenstraat 21 en 23. De aanwezigheid van een booggang met renaissance kenmerken in een burgerwoonst is uitzonderlijk te noemen, slechts op enkele locaties als de Antwerpse en Brugse binnenstad zijn vergelijkbare (gerestaureerde) voorbeelden bekend. De aanwezigheid van de galerij, de stilistische kenmerken van de gebruikte zuilen (die grote overeenkomst vertonen met de zuilen op de binnenplaats van het voormalige Paleis van Margareta van Oostenrijk), het stergewelf in de tweede travee van de galerij, de acanthusbladvormige balksleutels en de laatgotische poortomlijsting in witte natuursteen - alle deel uitmakend van structuren in traditionele bak- en zandsteenstijl- vormen een uniek voorbeeld van de aansluiting van de 16de-eeuwse stedelijke woningbouw bij de residentiële Mechelse hofbouw naar voorbeeld van het Hof van Savoie, het Hof van Hoogstraten en het Hof van Busleyden. Deze typologische kenmerken van een rijkelijke 16de-eeuwse stedelijke residentie bleven behouden doorheen de eeuwen; latere uitbreidings- en aanpassingswerken als het aanbrengen van het gedecoreerde stucplafond op het tongewelf van de poortdoorgang en de toevoeging van een diephuisconstructie tegen de achtergevel van Begijnenstraat 23 (op basis van de aanwezige elementen als zaagtand- en rondstaafprofileringen op de balksleutels en muurvlechtingen in de achtergevel omstreeks de 17de eeuw te dateren) vormen waardevolle toevoegingen.
Begijnenstraat 19 en 21-23 vormden gedurende vele eeuwen een eenheid, aanvankelijk als woonhuis en vanaf circa 1780 als onderdeel van de hoedenfabriek van de familie van den Nieuwenhuysen en hun opvolgers. Hoewel Begijnenstraat 19 en 21-23 vermoedelijk aan het einde van de 18de eeuw van elkaar gescheiden raakten, bleef door het behoud van onder andere de galerij de onderlinge samenhang gehandhaafd. De toevoeging van een bijkomende verdieping -binnen de bestaande dakconstructie- op beide breedhuizen vóór 1872 en de aansluitende aanpassing tot lijstgevel lieten de bestaande structuren goeddeels onaangeroerd.
Het verzorgde koetshuis met bogengalerij, toegevoegd in het eerste kwart van de 19de eeuw, is een voorbeeld van een kenmerkende aanhorigheid bij dergelijk complex waarvan in de Mechelse binnenstad slechts sporadisch voorbeelden behouden bleven. De decoratie van de huidige theaterzaal in 1922 verleent architectonische en artistieke kwaliteiten aan een in wezen functioneel gebouw dat vermoedelijk aan het einde van de 18de eeuw werd opgetrokken als onderdeel van de hoedenfabriek. Deze interieuraankleding geldt bovendien als één van de weinige behouden interieurrealisaties van architect Th. Vandenbergh wiens architecturaal belangwekkende oeuvre reeds eerder erkenning genoot; getuige onder meer de erkenning van de door hem ontworpen school Brusselsesteenweg 168 in Mechelen als beschermd monument. Bij de omvorming tot bioscoop in 1965 bleef deze interieuraankleding goeddeels behouden, hoewel de scèneboog vermoedelijk tijdens deze periode ontmanteld werd. De culturele functie die men vanaf 1991 in de voormalige bioscoopzaal inbracht en de inrichting van een annexe bar met gelagzaal op de gelijkvloerse verdieping van Begijnenstraat 19 maakt dat dag na dag een groot aantal bezoekers kan genieten van de eeuwenoude bouwgeschiedenis van dit pand.
Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.