Amerikaans College met ommuurde tuin

Beschermd monument van 16-10-2009 tot heden

Locatie

Provincie Vlaams-Brabant
Gemeente Leuven
Deelgemeente Leuven
Straat Naamsestraat, Schapenstraat
Locatie Naamsestraat 100-100A, Schapenstraat 41 (Leuven)
Alternatieve naam Aulnecollege

Administratieve gegevens

Andere nummers
  • 4.01/24062/371.1
  • OB001843

Is de (gedeeltelijke) bescherming van

Aulnecollege

Naamsestraat 100, 100A, Schapenstraat 41, Leuven (Vlaams-Brabant)

Complex en beeldbepalend gebouwenbestand waarvan aan Naamsestraat de oudste kern gevormd wordt door een aangepast, overwegend eind 18de-eeuws voormalig herenhuis met voorplein en 16de-eeuwse hoofdtoegang.

Beschrijving

Het Amerikaans College, sinds 1857 ondergebracht in het 17de-eeuwse Aulnecollege aan de Naamsestraat te Leuven, is met inbegrip van de ommuurde tuin beschermd als monument.

Waarden

Het Amerikaans College (voormalig Aulnecollege) met inbegrip van de ommuurde tuin is beschermd als monument omwille van het algemeen belang gevormd door de:

historische waarde

In 1857 opgericht door de Amerikaanse bisschoppen M.J. Spalding en P.P. Lefevere en ondergebracht in een gedeelte van het voormalige Aulnecollege (1627-1797), met als hoofddoel in universitair verband Europese jongeren op te leiden tot missiepriesters voor de Verenigde Staten en tegelijk ook getalenteerde Amerikaanse seminaristen in staat te stellen een hogere theologische opleiding te volgen, neemt het 'Amerikaans College van de Onbevlekte Ontvangenis' historisch een uitzonderlijke plaats in binnen de universitaire collegestichtingen te Leuven'. Van missionair opleidingscentrum voor de Verenigde Staten, waar de universiteit vanaf 1898 de 'Schola Minor' in onderbracht, geëvolueerd tot een gerenommeerd nationaal seminariecollege voor de vorming van Amerikaanse priesters - functie die het ook vandaag nog vervult -, heeft het Amerikaans College niet alleen een belangrijke stempel gedrukt op de ontwikkeling van de katholieke kerk in Amerika maar ook een bijzondere rol gespeeld binnen de geschiedenis van de Alma Mater en in sterke mate bijgedragen tot de internationale uitstraling van de universiteit van Leuven.

historische waarde

in casu architecuurhistorische waarde: tot stand gekomen door incorporatie van bestaande panden en progressieve nieuwbouw vormt het Amerikaans College architectuurhistorisch een kwaliteitsvol ensemble van gebouwen met gevarieerde chronologie, typologie en stijlkenmerken, illustratief voor de historische evolutie van het college.
Als vrijwel enige restant van het voormalige Aulnecollege vormt het witbepleisterde tuinpaviljoen in régencestijl, met zijn opvallende geleding en elegant decor en gelijkaardig uitgewerkt interieur met 1734 gedateerde herdenkingssteen, typologisch een zeldzaam bewaard voorbeeld van dit soort architectuur.
De 16de-eeuwse laatgotische kalkzandstenen toegangspoort aan Naamsestraat verwijst naar het vroegere voorname 'Blauw Huys' dat einde 18de eeuw verbouwd werd tot classicistische herenwoning met, afgezien van de latere aanpassingen, behoud van een karakteristiek geordonneerde bak- en kalkzandstenen opstand met stijltypische venster- en deuromlijstingen en inwendig nog een opmerkelijke trappenhal en salon als 18de-19de-eeuwse classicerende interieuronderdelen.
Als eerste nieuwe college-uitbreiding van 1888-1889 vormt de langgerekte verblijfsvleugel aan de Karmelietenberg, niettegenstaande zijn latere gedeeltelijke inkorting, een impressionant volume dat met zijn traditionele materialenverwerking - rode baksteen, witte natuursteen en blauwe hardsteen - en zijn sobere, ingehouden neogotische vormgeving als een representatieve realisatie kan beschouwd worden binnen het oeuvre van zijn ontwerper Joris Helleputte (1852-1925), één van de boegbeelden van de Sint-Lukasneogotiek en 'huisarchitect' van de universiteit.
In late neogotiek opgetrokken in 1892-1893 naar ontwerp van de Oost-Vlaamse priester Petrus Van Loo, ontleent de bak- en natuurstenen collegekapel zijn vrij monumentale karakter aan zijn zichtbepalende, quasi vrijstaande inplanting aan de straat en zijn typologie van eenbeukige, transeptloze kapel met rechte en driezijdig gesloten, lagere koorpartij en voorpuntgevel aan het binnenplein, met een opvallende ritmiek door versneden steunberen en ruime, veelal flamboyant getraceerde vensters. In het interieur herinneren de talrijk vergulde, ten dele beschilderde en figuratieve kapitelen en kraagstenen evenals het fraai gedetailleerde doksaal en het nog deels bewaarde mobilair aan de oorspronkelijke, door de Leuvense ateliers in de jaren 1890 - beginjaren 1900 rijkelijk gepolychromeerde en gedecoreerde inrichting.
Tekenend voor het oeuvre van architect Vincent Lenertz (1864-1914), leerling en directe medewerker van Joris Helleputte, vormt de in 1905 gebouwde L-vormige nieuwe verblijfsvleugel met zijn late, eclectisch getinte neogotische vormgeving - een geordonneerde opstand vermengd met een expressief traditioneel materialengebruik en lijnenspel, trapgevelpartijen en decoratieve verwerking van ijzer - een beeldbepalende hoekmarkering met de Karmelietenberg. Qua bouwconcept nog vrij oorspronkelijk, behield het gebouw inwendig nog gedeeltelijk zijn kamerindeling, zijn opvallende tegel bevloering en in het bijzonder de markante traphallen met smeedijzeren hekken, granitobordestrappen, Tudorbogige doorgangen en zuilen met gesculpteerdekapitelen die verwijzen naar de functie van het complex, vermoedelijk uitgevoerd door de gekende Leuvense beeldhouwer Paul Roemaet (1865-1938), waarmee Lenertz vaak samenwerkte en die alleszins tekende voor de consolevormende buitensculptuur hoek Karmelietenberg.
De straatafsluitingen met toegangspoorten, de binnenpleinen en de ruime ommuurde, sterk afhellende tuin onderlijnen de historische en functionele band tussen de diverse gebouwen onderling en verhogen nog de ensemble- en authenticiteitswaarde van deze organisch gegroeide, besloten collegesite. In de scenografie van dit stadsgedeelte positioneert het Amerikaans College zich onmiskenbaar als een imponerend collegecomplex met een belangrijk ruimtelijk-visuele impact.

artistieke waarde

De nog bewaarde interieuronderdelen van het voormalige 'Blauw Huys' getuigen van een geraffineerde 18de-19de-eeuwse inrichting die tot uiting komt in de traphal met marmeren tegelbevloering en eikenhouten Louis XVI-trap met kunstig uitgewerkte trappaal en in een gelijkvloers salon in classicerende stijl met sierlijk gedecoreerde schouw van marmer en hout, met bewaarde gietijzeren haardplaat.
Van de oorspronkelijke kwaliteitsvolle, later echter versoberde kapelinrichting uit de jaren 1898-1905 - een gezamenlijk oeuvre van de Leuvense neogotische ateliers, onder meer van Benoit Van Uytvanck (1857-1927) en Oscar Algoet (1862-1937) - getuigen de algemene interieurafwerking met vergulde en polychrome detaillering, het doksaal en enkele bewaarde interieurstukken, onder meer een koorzetel, celebranten- en bidstoelen, een aantal beelden en een gepolychromeerd retabel: uitingen van ambachtelijke vakbekwaamheid, zoals ook een in het college bewaarde tweepersoons-lessenaar, mogelijk ontworpen door Joris Helleputte (?) en daterend van de eindjaren 1880.

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.