Beschermd monument

Mijnkraters Sint-Elooi

Beschermd monument van 07-02-2018 tot heden

ID
97655
URI
https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/97655

Besluiten

Mijnkraters Eerste Wereldoorlog Sint-Elooi
definitieve beschermingsbesluiten: 07-02-2018  ID: 14602

Beschrijving

Deze bescherming betreft de twee mijnkraters uit de Eerste Wereldoorlog bij Sint-Elooi.



Waarden

De twee mijnkraters van de Eerste Wereldoorlog bij Sint-Elooi, die het resultaat zijn van de ontploffing van Britse mijnen op 27 maart 1916, zijn beschermd als monument omwille van het algemene belang gevormd door de:

ruimtelijk-structurerende waarde

Het tracé van de Eekhofstraat is bij de wederopbouw van het landschap in de naoorlogse periode aangepast aan de ligging van de mijnkraters van 27 maart 1916. De weg ligt op de rand van de kraterlip.

technische waarde

Ook al zijn ondermijningen traditionele vormen van oorlogsvoering, de ondergrondse oorlog in de Westhoek evolueerde en kende technische vernieuwingen. De mijnkraters van 27 maart 1916 zijn restanten van vroege Britse experimenten met dieptemijnen. Sint-Elooi was de locatie waar al vanaf augustus 1915 met diepliggende schachten, tunnels en krachtige springladingen werd geëxperimenteerd. De principes waarmee hier voor het eerst werd geëxperimenteerd, werden later op grotere schaal toegepast tijdens de mijnenslag in de Wijtschateboog (7 juni 1917). Na de ontploffing van de eerste zware Britse mijnladingen beseften de Duitsers dat zij hun voorsprong in de ondergrondse mijnenoorlog kwijt waren. Als gevolg van de mijnexplosies in Sint-Elooi begonnen de nieuwe Duitse tunneleenheden in de zomer van 1916 aan een systeem van Tiefensicherung, het graven van diepe schachten als verdediging van hun posities achter het front in de Ieper- en de Wijtschateboog. De site is illustratief voor de escalatie van de mijnenoorlog en voor veranderingen in de techniek en de plaatsing van mijnen.

culturele waarde

De mijnkraters bij Sint-Elooi herinneren aan het dodelijke ondergrondse kat- en muisspel tussen de troepen aan het front. Bij de mijnontploffingen en de daaropvolgende infanterieaanvallen kwamen aan beide zijden manschappen om. Niet altijd slaagde men erin om de lichamen te evacueren. In die zin vormt de site de laatste rustplaats en herdenkingsplaats voor militaire slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog. In het geval van Sint-Elooi streden vooral Canadese en Duitse troepen in 1916 tegen elkaar. De mijnontploffingen van 27 maart 1916 bij Sint-Elooi kregen vooral in de Canadese historiografie weerklank. De herinnering aan de Eerste Wereldoorlog kent nog altijd een breed maatschappelijk en internationaal draagvlak.

historische waarde

De twee mijnkraters bij Sint-Elooi getuigen van de ondergrondse mijnenoorlog zoals die in de periode 1914-1918 op het front in de Westhoek werd gevoerd. Kenmerkend voor de Eerste Wereldoorlog was zijn statische karakter: een vier jaar durend, bloedig conflict dat tot volledige stilstand was gekomen. Bovengronds lukte het niet om tot een doorbraak te komen en dus probeerde men het ondergronds. Historisch gezien paste de techniek van ondermijningen in de traditie van de belegering van vestingen, zoals die in lang ·vervlogen tijden vaak was toegepast. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden verschillende locaties aan het front rond Ieper ondermijnd. De twee mijnkraters bij Sint-Elooi markeren een belangrijk kantelmoment in de geschiedenis van de ondergrondse oorlog aan het Ieperfront. Het zijn de oudste voorbeelden van diepe mijnexplosies in een vroeg stadium van de ondergrondse oorlog. Op 27 maart 1916 ontploften hier voor het eerst gelijktijdig verschillende mijnen van elk 7 à 15 ton die de Britten in deze frontsector op grote diepte (tot 18 m) hadden weten in te graven. Het was een voorafspiegeling van wat later op grotere schaal langs de heuvelrug Wijtschate-Mesen tijdens de mijnenslag van juni 1917 zou gebeuren. Goed bewaarde landschappelijke relicten van de Eerste Wereldoorlog die nog zichtbaar zijn op het terrein, zijn zeldzaam. Na de oorlog lag de frontzone bezaaid met miljoenen granaattrechters en resten van militaire infrastructuur. Tijdens de reconversie van het oorlogslandschap naar een genormaliseerde, leefbare agrarische omgeving werden de meeste oorlogsrestanten weggewerkt: gronden werden geëffend, landbouwterreinen gediepgrond, loopgraven ontmanteld, percelen opnieuw gebruiksklaar gemaakt. De mijnkraters zijn één van de weinige relicten van het vroegere oorlogslandschap die nog in situ op het terrein herkenbaar zijn. Ze markeren de ligging van de Duitse frontlijn van 1915- 1917.

archeologische waarde

Mijnkraters vormden na hun ontstaan ideale locaties voor constructies, zoals schuilplaatsen of nieuwe aanzetten tot ondergrondse galerijen. Op hun beurt werden kraters als versterking in de frontlinies ingebouwd. Zij vormen dus ook potentiële vindplaatsen van archeologische resten van de Eerste Wereldoorlog.


Aanduiding van

Is de bescherming van

Mijnkraters 27/3/1916 Sint-Elooi

Eekhofstraat (Ieper)
Op het gehucht Sint-Elooi zijn nog twee mijnkraters overgebleven van zes bijna gelijktijdige, Britse mijnexplosies van 27 maart 1916. Een gedenkteken op het nabijgelegen rondpunt herinnert aan deze mijnenslag. Het landschap is er licht glooiend.