De Inventaris van het Onroerend Erfgoed

Van Bever, Adrien

Details

Beschrijving

Adrien van Bever ging in 1854 in de leer bij orgelbouwer Hippolyte Loret [zie onder die naam] in Laken. In 1857 werkte hij reeds volwaardig mee aan de bouw van het grote orgel in de abdijkerk van Averbode, en in 1859 mocht hij voor de eerste keer in Parijs een orgel gaan opbouwen. In 1866 verhuisde Loret tijdelijk naar Dendermonde; Adrien volgde hem en vond er een echtgenote. Toen Loret zich in 1867 in Parijs vestigde, gingen Adrien van Bever en diens broer Petrus, beeldhouwer, met hem mee. Tijdens de onlusten in Parijs (als gevolg van de nederlaag in de Duits-Franse oorlog van 1870) zocht Van Bever een onderkomen in Dendermonde waar zijn echtgenote en dochtertje gebleven waren. In 1871 keerde hij terug naar Parijs; daar kwam ook Salomon van Bever zijn oudere broers vervoegen. De gebroeders Van Bever namen na het overlijden van Loret in 1881 diens gereedschap over, en hielden nog enige tijd het Parijse atelier als bijhuis. In 1880 hadden zij immers in Laken een nieuw bedrijf gesticht "Van Bever Frères, ancienne maison H. Loret", waar ze het thans nog bestaande huis met atelier aan de Prinses Clémentinestraat 62 bouwden. Van meet af aan kreeg het atelier krediet, en pater H.V. Couwenbergh schreef in 1887 in zijn boek "L'Orgue ancien et moderne" : "... formé à l'école et fidèle aux traditions de son excellent maître H. Loret, Adrien van Bever s'est fait en peu de temps de renom parmi nos meilleurs facteurs contemporains. La variété des timbres pour les fonds, la pureté de son et le moelleux uni à la rondeur des jeux d'anches, sont les qualités distinctives de ses orgues". Het huis Van Bever stond zeer in de gunst van organisten-componisten als A. Mailly en A. de Boeck. Omdat ook de opdrachten vanuit Frankrijk steeds talrijker werden, richtten de gebroeders Van Bever een filiaal op in Amiens; Felix van den Brande (°1859-†1950) was er hun meestergast. Vanaf 1894 ondermijnde een terminale ziekte het gestel van Adrien van Bever : hij voltooide nog de bouw van het orgel in het college in Tours (Fr.) en keerde terug naar Laken om er te overlijden.

Zie ook