Deze pagina afdrukken

Kasteel De Drie Torekens, Deurne

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Kasteel Te Couwelaar (ID: 11286)

Foto niet beschikbaar
Alle foto's

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Kasteel "Te Couwelaar", modo "De Drie Torekens". Rest van 16de- tot 17de-eeuws waterslot, circa 1850 historiserend gerestaureerd; omgeven door administratieve diensten, werk- en opslagplaatsen van het district en verkaveling uit de eerste helft van de 20ste eeuw.

De eerste gekende eigenaar van het goed Te Couwelaar, vermeld in 1402, is Pieter van Immerseel. Begin 16de eeuw in het bezit van Pieter de Francques, koopman te Antwerpen, na diens dood in 1541 van zijn zoon Raphaël; in 1584 openbaar verkocht op de Vrijdagmarkt, hierbij beschreven als "een groot schoon magnifique steenen huys van plaisantie geheeten Cauwelaer byde Leemputte, rontsomme bewatert, met een optreckende brugge ende zekere fundementen in d'eerde liggende, bequaem ome te erigeerene een gaelderije of andere schoone edifitien." In 1606 eigendom van lakenkoopman Gillis Du Mont, alias Brialmont, sedert 1595 ook eigenaar van het naburige Bisschoppenhof (zie Suzanne Spanhovenstraat nr. 3). Blijkens een koopakte van 1632 was het gehavende kasteel door vader en zoon Du Mont merkelijk verbeterd: terdege hersteld, verrijkt met zes torens, een mooie kruid- en bloementuin en visrijke vijvers, cf. schilderij van 1625.

In 1735, na verschillende eigendomswisselingen, in handen van Pedro de Man, oud-schepen van Antwerpen, die in 1766 grote veranderingswerken liet uitvoeren: afbraak van vier bouwvallige torens, renovaties naar classicistisch model, aanleg van een nieuwe hofgracht; de oostgevel van het koetshuis, het aangepaste zuidwestelijk gelegen bijgebouw alsook de verdwenen pendant ten noorden van de voormalige hofdreef, dateren van toen; ophaalbrug begin 18de eeuw door vaste stenen brug vervangen; de smeedijzeren rococo-poort bestaat nog. Overdracht in 1846 aan echtpaar John Della Faille de Leverghem; opbouw in 1848 van een lusthof in neo-Italiaanse renaissancestijl naar ontwerp van F. Berckmans ter plaatse van de aanpalende Lakborshoeve, reeds vermeld in 1691; omstreeks dezelfde tijd, "restauratie" van het oude kasteel in neo-Vlaamse renaissancestijl naar ontwerp van J. Schadde, voortgaande op het schilderij van 1625 en oude documenten, vergroting (?) in 1886 onder leiding van architect J. Claes. 1913: Te Couwelaar en Lakbors, samen 42 ha, verkocht aan immobiliënmaatschappij "Crédit Foncier d'Anvers", grachten gedempt, aanplantingen verwijderd en verkaveling aangevat in 1921; het inmiddels gesloopte kasteel Lakbors was sinds 1926 in gebruik als gemeenteschool en jeugdherberg, Te Couwelaar werd in 1927 opgekocht door de gemeente en tot 1970 bezet door administratieve diensten, magazijnen, werkplaatsen. Restauratiewerken (torens, bedaking, zwambestrijding) in 1986-88.

L-vormige nederzetting, bestaande uit een hoofdgebouw met vleugels van drie en drie traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak (leien, nokrichtingen parallel aan en loodrecht op de straat) met onder meer poortgebouw, voormalig woongedeelte met aanleunende ten oosten gelegen kapel, aan noordzijde verlengd met koetshuis van negen traveeën en één bouwlaag onder zadel-(straatzijde) en mansardedak (binnenplaatszijde), (leien, nok parallel aan de straat); ten zuidwesten vrijstaand rechthoekig bijgebouw, heden van acht traveeën en één bouwlaag, onder plat en schilddak (Vlaamse pannen, nok loodrecht op de straat).

Hoofdgebouw met lijst- trapgevels gedomineerd door twee ronde westelijke hoektorens en een ingebouwde vierkante oosttoren ("De Drie Torekens"). Baksteenbouw met overvloedig gebruik van natuursteen, sierankers, boogfriezen. Tudorbogige doorgang naar binnenplaats. Kruiskozijnen naast spitsbogig kapelvenster met neogotisch maaswerk. Bewaarde 16de- tot 17de-eeuwse binnenconstructie met moer- en kinderbalken.

Koetshuis met vrijwel blinde straatgevel en dakspant uit de 16de- tot 17de eeuw; binnenplaatsgevel uit de tweede helft van de 18de eeuw, zie dakvorm en symmetrische opbouw: centraal risaliet onder driezijdig fronton met gebosseerd parement van arduin, opengewerkt met segmentboogpoorten; de flankerende bakstenen gevels met rechthoekige vensters in vlakke omlijsting van arduin, links en rechts van omlijste steekboogdeur met oculus; 18de-eeuwse steenmerken; ruitvormige metalen roedenverdeling.

In de loop van de 19de eeuw verbouwd bakstenen bijgebouw met onder meer aangepaste spiegelboogvormige muuropeningen in omlijsting van arduin.

  • Administratie Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Monumenten & Landschappen, archief Bestuur voor Monumenten en Landschappen, dossier De Drie Torekens.
  • DE TERWANGNE J.R., Historique du château de Couwelaer dit de Lackbors, in De Schakel, III, nr. 4, p. 115-117.
  • SCHOBBENS J., [Promenade autour d'Anvers], Dl. 1, Les environs d'Anvers. 65 promenades dans un rayon de 10 kil. à partir de l'Hôtel de ville, Brussel, [1930], p. 74-75.
  • STOCKMANS J.B., Kasteelen en lusthoven van Deurne en Borgerhout, Brecht, 1902, p. 150-153.

Bron: Kennes H., Plomteux G. & Steyaert R. met medewerking van Wylleman L. & Himler A. 1992: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Antwerpen, Fusiegemeenten, Bouwen door de eeuwen heen in in Vlaanderen 3ND, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Kennes, Hilde; Plomteux, Greet & Steyaert, Rita

Relaties