Deze pagina afdrukken

Hof van Veltwijck, Ekeren

Hof van Veltwijck, Ekeren

Hof van Veltwijck, Ekeren

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Waterkasteel Hof van Veltwijck (ID: 11391)

Foto niet beschikbaar
Alle foto's

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Complex in traditionele bak- en zandsteenstijl, bestaande uit een U-vormig waterkasteel uit de 16de eeuw, gelegen binnen een rechthoekig omgracht landschapspark, en een U-vormig neerhof aan noordzijde met centraal poortgebouw, door een gekasseide lindedreef verbonden met de Veltwijcklaan.

In een akte van 3 november 1545 is er sprake van de gedwongen verkoop van een hoeve op deze plaats. De oudste vermelding van het "Hof van Veltwijck" dateert van 1565. Zo genaamd naar de eerste eigenaar, Aert Van Veltwijck, een Antwerpse poorter die hier een "hof van plaisantie, een omwaterd lusthof", liet oprichten: een gesloten vierkant complex met vier slanke hoektorens te midden van een vijver (zie schilderij trapzaal). Tijdens het beleg van Antwerpen (1584-1585) kwam het complex leeg te staan en raakte het in verval. Eigenaars en verbouwingen volgden elkaar op; onder meer Lucas van Opmeer (circa 1656) die het kasteel een grondige opknapbeurt gaf. Vermoedelijk was het C. De Winter, een Antwerps koopman en eigenaar van 1754 tot 1780, die het kasteel aan de noordzijde liet openbreken en de gracht gedeeltelijk opvullen, zodat een U-vormig complex met binnenhof ontstond; voor de ingang werd in 1759 een beukendreef aangelegd. Circa 1905 werd het hoofdgebouw opgetrokken tot twee bouwlagen, samen met een algemene restauratie naar ontwerp van Blomme. Barones de Borrekens, eigenares vanaf 1902, verkocht het goed in 1929 aan de gemeente: het kasteel werd vanaf 1930 ingericht als gemeentehuis (sedert 1983 districtshuis) naar ontwerp van E. Bilmeyer en H. Claes; het park werd opengesteld voor het publiek (een gedeelte werd in 1931 verkocht als bouwgrond). Naar ontwerp van J. Boeren werd in 1966 een L-vormig paviljoen aansluitend op de dienstgebouwen opgericht. In 1980 restauratie van de funderingen van het hoofdgebouw, waarvoor de slotgracht werd drooggelegd. De tweede fase voorzag in de restauratie der voorgebouwen; goedgekeurd door de gemeente op 27/9/1983 en uitgevoerd naar ontwerp van R. Steenmeijer en W. Vlaanderen. Hoofdgebouw heden ontruimd wegens bouwvalligheid. Algemene restauratie voorzien.

U-vormig aaneengesloten en vrij gaaf bewaarde dienstgebouwen van één bouwlaag onder leien zadeldaken; centrale ingangstoren op vierkante plattegrond van drie bouwlagen onder peerspits (leien); doorgang met moer- en kinderbalken. Op noordwestelijke hoek nieuw L-vormig paviljoen van één bouwlaag onder schild- en zadeldak (leien). Verankerde baksteenbouw op gecementeerde plinten, gemarkeerd door zandstenen speklagen, negblokken en steigergaten; overkragende daklijsten, bij de toren op houten consoles. Gesloten noordgevel, tot vóór de restauratie met een tweetal rondboogdeuren en sporen van gedichte muuropeningen. Zuidgevel met getrapte dakvensters: houten laadluiken in zandstenen omlijsting met waterlijst op consoles. Rechthoekige muuropeningen, waaronder kruiskozijnen en een bolkozijn (ingangstoren), in zandstenen omlijsting. Rondbogige ingangspoort in zandstenen omlijsting met negblokken, imposten en sluitsteen. Ingangstoren met zandstenen zonnewijzer en uurwerk (17de eeuw), respectievelijk aan zuid- en noordgevel. Haakse vleugel aan oostzijde met zuidelijke trapgevel (7 trappen + overhoeks topstuk). Ten zuiden de oorspronkelijke erven, heden met Franse tuinaanleg.

Een gekasseide weg leidt naar het U-vormige kasteel met vierkante omgrachting, vergroot door een langgerekte vijver aan zuidoostzijde. Het gekasseide statieplein is toegankelijk via een gietijzeren hek tussen arduinen 18de-eeuwse pijlers met bloemmotieven en siervazen (heden één verdwenen), voorafgegaan door een klassieke boogbrug van bak- en zandsteen met gekasseid wegdek, afgezet door een gietijzeren balustrade tussen arduinen postamenten. Kasteel in traditionele bak- en zandsteenstijl: de hoofdvleugel van acht traveeën en twee bouwlagen (verhoogd tot twee bouwlagen circa 1905) ligt ten zuiden van de binnenplaats en is geflankeerd door twee haakse vleugels van één bouwlaag, ten oosten en ten westen. Verankerde bakstenen gebouwen onder licht overkragende schilddaken (leien) met getrapte dakvensters; verwerking van zandsteen voor onderbouw, muurbanden, omlijstingen, waterlijsten en steigergaten. Zandstenen kruis- of bolkozijnen (grotendeels vernieuwd bij de restauratie van het eerste kwart van de 20ste eeuw) en rechthoekige deuren, soms met bolkozijn als bovenlicht. Zuidgevel van de hoofdvleugel geflankeerd door polygonale torentjes van drie bouwlagen onder leien spits; kloosterkozijnen, behalve op de eerste bouwlaag van de westtoren, die spitsboogvensters onder omlopende waterlijst heeft (kapel). Ook de haakse vleugels hebben een gelijkaardige hoektoren doch slechts van één bouwlaag. Zuidvleugel met aan binnenplaatszijde galerij van vier zandstenen rondbogen op arduinen zuilen met polygonale sokkel en Dorisch kapiteel; gedenkplaat van witte hardsteen met bronzen beeld van de schilder F. Pauwels (decoratie Ieperse lakenhal) van de hand van R. Sauter.

In het park achter het kasteel: beschilderd zandstenen parkbeeld van de Romeinse godin Flora (bloei van bloemen en veldgewassen).

De thans gedempte omwatering werd oorspronkelijk gevoed door de Donkse Beek; watertoevoer en afloop werden geregeld door twee kleine sluizen, waarvan er één bewaard bleef op de zuidwestzijde van de omwatering; ze dateert van 1861 en werd gebouwd door E. Moretus, dijkgraaf van Austruweel (zie inscriptie arduinen voetstuk).

  • Administratie Ruimtelijke Ordening, Huisvesting, Monumenten & Landschappen, Bestuur voor Monumenten en Landschappen, dossier Veltwijck.
  • Gemeente-archief Ekeren, Oud Archief, G. Gebouwen/61.
  • ARREN P., Van kasteel naar kasteel, deel I, Kapellen, 1985, p. 94-97.
  • JANSSENS J., Ekeren, (Kastelen en buitenplaatsen, onder leiding van GENICOT F.),Brussel, 1977, p. 98.
  • KANORA H., Een grote stap dichter bij het ontstaan van het Veltwijckhof te Ekeren, in Polderheem, IX, nummer 4, december 1974, p. 5-6.
  • VAN REMOORTERE J., Ippa's kastelengids, Tielt, 1988, p. 73.
  • WAUTERS V.E., De historische ondergrond van de legende van Veltwijck: een tip van de sluier opgelicht, Heemkring Ekeren, Jaarboek 1, 1983, p. 86-116.
  • WELLENS M., Antwerpen, stad in beweging, 1983-1987, Wilrijk, 1988, p. 99-102.

Bron: Kennes H., Plomteux G. & Steyaert R. met medewerking van Wylleman L. & Himler A. 1992: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Antwerpen, Fusiegemeenten, Bouwen door de eeuwen heen in in Vlaanderen 3ND, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Kennes, Hilde

Datum: 1992

Relaties