Deze pagina afdrukken

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Kasteel Sorghvliedt (ID: 11463)

Foto niet beschikbaar

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Het kasteel Sorghvliedt bevindt zich in een park met vijver en (deels bewaarde) rechthoekige omgrachting. Het kasteel en de aanhorigheden klimmen op tot het tweede kwart van de 18de eeuw.

Historiek

Tijdens de 16de eeuw bevond zich op deze locatie een hoeve, ‘Winckeleynde’ genaamd, en een aanvankelijk klein ‘hof van plaisantie’. Het goed was van 1660 tot 1815 in het bezit van de familie du Bois, die tussen 1745 en 1750 het huidige rococokasteel liet optrekken op de 16de-eeuwse grondvesten en kelders naar ontwerp van Jan Peter Van Baurscheit de Jonge, die ook verantwoordelijk was voor de tuininrichting in de jaren 1752-1753. Begin 19de eeuw werd de belvedère opgericht.

De kabinetskaart van de Ferraris (1770-1778) geeft het kasteel weer ten zuiden van Hoboken en omgeven door een rechthoekige omgrachting. Het is bereikbaar vanuit het westen en het zuiden via een dreef. Buiten de omgrachting bevinden zich enkele bijgebouwen. Aan weerszijden van de omgrachting, ten oosten en ten westen, wordt een moestuin afgebeeld. Ten zuiden ervan ligt een park. Dreven aan de oost- en westzijde omgeven het geheel. De kaart van Vandermaelen (1846-1854) stelt het Château de Zorg Vliet” voor met een grotere rechthoekige omgrachting en een langgerekte vijver ten zuiden van het kasteel. Deze gracht is niet volledig gesloten: aan de oost- en noordkant is een deel van het domein niet omgracht.

In 1937 kocht de gemeente Hoboken het kasteel en het park aan. In 1937-1940 werd het kasteel ingericht als gemeentehuis. Het park werd later publiek toegankelijk gemaakt en het kasteel werd omgevormd tot districtshuis. Bij de restauratie van 1972-1973 verdween de oorspronkelijke bepleistering van het hoofdgebouw. In het park werden de vroegere moestuin en boomgaard vervangen door sportvelden, de twee fonteinen zijn afkomstig van Expo '58.

Beschrijving

Het kasteel Sorghvliedt - ook beschermd als monument bij koninklijk besluit van 17 september 1968 - bevindt zich aan de zuidelijke rand van het centrum van Hoboken. Het park wordt begrensd door de Marneflaan (ten noorden), de Broydenborglaan (ten oosten), de Krijgsbaan (ten zuiden) en de Moretusstraat (ten westen).

Langs de Marneflaan bevindt zich een eenvoudig ijzeren hek tussen baksteenpijlers en een ijzeren poort tussen geblokte natuurstenen rococopijlers met bekronende vazen. De westelijke hoofdingang langs de Moretusstraat ligt in de as van het kasteel: achter een hek leidt een dreef naar het kasteel. Een vlakke brug loopt over omgrachting, daarachter bevindt zich een smeedijzeren hek en poort tussen geblokte natuurstenen pijlers met verdiepte panelen, schelpmotieven en bekronende siervazen. De dienstgebouwen, eertijds een wagenhuis en stalling, sluiten aan op westelijke omgrachting. Het zijn rechthoekige, bepleisterde gebouwen op een gepikte plint met één bouwlaag onder leien schilddaken.

Een geplaveide weg leidt naar het U-vormig kasteel van twee bouwlagen onder leien schilddaken met rondbogige dakvensters in een houten omlijsting. De oorspronkelijk bepleisterde, bakstenen lijstgevels met hoekstenen op een kleine natuurstenen plint vertonen rechthoekige keldervensters (zij- en achtergevels) en beluikte rechthoekige vensters met negblokken en vlakke arduinen dorpels. Voor de uitgewerkte rocaille-omlijstingen van de markante boogvormige (balkon)deuren werd natuursteen gebruikt. De balkonleuningen worden gekenmerkt door sierlijk ijzersmeedwerk.

De westelijke hoofdgevel van negen traveeën heeft een centrale achteruitwijkende en een rijk uitgewerkte ingangspartij met parement van blauwe hardsteen en bekronend kuifstuk met wapenschild (du Bois) in cartouche, geflankeerd door wildeman en vrouw met banier. De gevel wordt verder gekenmerkt door afsluitende gebogen waterlijst en voluutvormige vleugelstukken met harnassen, spiegel- en rondboogdeur in geprofileerde omlijstingen met siersluitsteen en rocaille-decor in de zwikken en vrijstaande zuilen met voluutkapitelen onder breed balkon met smeedijzeren rococo-balustrade. De linkergevel is gedateerd en gesigneerd "CORNELIS MARCKX FECIT CONTIGH 1751". De zijrisalieten in de middentravee worden gemarkeerd door kleine balkons met smeedijzeren leuningen, gesigneerd "IAN BEUCKEN CONTIGH". De oostelijke achtergevel vertoont een licht middenrisaliet onder een driehoekig fronton met oculus en bekronende dakruiter.

Ten noorden van het kasteel, tegen de Marneflaan, staat de voormalige oranjerie van negen traveeën en één bouwlaag onder een leien schilddak. Het betreft een baksteenbouw met hoge rondbogige muuropeningen. Eveneens ten noorden ligt de (vervallen) hovenierswoning met verbouwde stalling. Deze woning met verspringende bouwhoogte telt twee bouwlagen onder een lessenaarsdak van Vlaamse pannen met hoger een achteruitwijkende halve dakverdieping onder een zadeldak. In het verlengde ligt een verankerde beschilderde stalling onder een zadeldak van mechanische pannen. Het bepleisterd en beschilderd woonhuis heeft rechthoekige vensters. En vertoont onder meer serliana in de gemarkeerde ingangstravee en rondbogige stalvensters. Ten oosten hiervan staat een lage bakstenen stalling onder een schilddak van Vlaamse pannen. Op de hoek met de Broydenborglaan bevindt zich een ingebouwd, driehoekig afgesloten wegkapelletje met rondbogig venstertje.

Op een heuvel in het oostelijk parkgedeelte staat een classicistische belvedère met opengewerkte centrale rotonde bestaande uit een zuilenomgang onder een klassiek hoofdgestel en leien koepel, geflankeerd door bepleisterde gebouwtjes van één bouwlaag met beluikte rechthoekige vensters. Verder komen in het park nog twee fonteinen en de beelden "Humanisme" van Marcel Mazy (achter het kasteel) en "De Rivier" van Munekov Velitschko (voor de vijver) voor.

De omgrachting is volgens de topografische kaart (2006) slechts deels bewaard gebleven. Een langgerekte vijver bevindt zich ten zuiden van het kasteel. Deze vijver heeft een noord-zuid verloop en loopt dan in westelijke richting naar de westelijke rand van het park toe. In het openbare park zijn verschillende sportterreinen, zoals een atletiekpiste in het westen en tennisvelden in het oosten van het park, aangelegd.

De zuidelijke en zuidoostelijke helft van het park wordt ingenomen door bos, volgens de Biologische Waarderingskaart (versie 2, 1997-2010) gaat het om zuur beukenbos. De Belgische Dendrologische Inventaris vermeldt de aanwezigheid van twee Italiaanse populieren (Populus nigra ‘Italica’) met stamomtrekken van 3,22 meter en 3,29 meter, Amerikaanse tulpenboom (Liriodendron tulipifera) met een stamomtrek van 2,67 meter, gele den (Pinus ponderosa) met een stamomtrek van 1,29 meter, een tamme kastanje (Castanea sativa) met een stamomtrek van 3,26 meter, apenboom (Araucaria araucana) met een stamomtrek van 1,59 meter, Weymouthden (Pinus strobus) met een stamomtrek van 1,64 meter, hemelboom (Ailanthus altissima) met een stamomtrek van 2,45 meter, gewone robinia (Robinia pseudoacacia) met een stamomtrek van 2,12 meter, wierookcipres (Calocedrus decurrens) met een stamomtrek van 0,85 meter, krulwilg (Salix babylonica ‘Tortuosa’) met een stamomtrek van 1,12 meter, treures (Fraxinus exelsior ‘Pendula’) met een stamomtrek van 0,76 meter, zwarte berk (Betula nigra) met een stamomtrek van 1,42 meter, zilveresdoorn (Acer saccharinum) met een stamomtrek van 1,80 meter, ratelpopulier (Populus tremula ‘Erecta’) met een stamomtrek van 1,57 meter, gewone moerascipres (Taxodium distichum) met een stamomtrek van 1,98 meter, Amerikaanse gleditsia (Gleditsia triacantos) met een stamomtrek van 1,68 meter en een moeraseik (Quercus palustris) met een stamomtrek van 2,14 meter (opname in 2004).

  • Kabinetskaart van de Oostenrijkse Nederlanden van Jozef Jean François de Ferraris, opgesteld tussen 1770-1778, schaal 1:11.520.
  • Topografische kaart van België, Nationaal Geografisch Instituut, uitgave 2006, schaal 1:10.000.
  • Topografische kaart van België, Philippe Vandermaelen, uitgegeven tussen 1846-1854, schaal 1:20 000.
  • BAETENS R. (red.) 2013: Het ‘soete’ buitenleven. Hoven van plaisantie in de provincie Antwerpen 16de-20ste eeuw, Antwerpen, 115, 150.
  • KENNES H., PLOMTEUX G. & STEYAERT R. met medewerking van Wylleman L. & Himler A. 1992: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Antwerpen, Fusiegemeenten, Bouwen door de eeuwen heen in in Vlaanderen 3ND, Brussel - Turnhout.

Bron: -

Auteurs: Cox, Lise & Steyaert, Rita

Datum tekst: 2014

Datum informatie: 2014

Alle teksten

Relaties