Deze pagina afdrukken

Gietijzeren hangbrug, Bazel

Kasteel Wissekerke, Bazel

Kasteel Wissekerke, Bazel

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Kasteel van Wissekerke (ID: 17639)

Foto niet beschikbaar
Alle foto's

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Zogenaamd Kasteel van Wissekerke, gelegen in een park van ca. 8 ha met ruime vijver waarover een smeedijzeren hangbrug. Voorts hoevegebouwen met duiventoren. Het park wordt betreden langs een ingangspoort ten zuidoosten van het dorpsplein. Voormalige kasteeldreef ten noorden van het park, uitmondend in de Kemphoekstraat.

Historiek.

Op de plaats van het huidig kasteel stond reeds in de 10de eeuw een burcht, deel uitmakend van de versterkingsgordel aan de Scheldeoever (andere burchten te Kruibeke, Rupelmonde, Temse). In 1238 legt Raas van Basele de funderingen van het nieuwe versterkt kasteel dat in 1510 gekocht wordt door Lieven van Pottelsberghe, heer van Vinderhoute, raadsheer van Keizer Karel. Na zijn dood gaat het over naar zijn zoon Frans die kinderloos sterft, zodat het in handen komt van diens moeder die het overmaakt aan haar broer Servaas van Steelant. In 1562 wordt een kapel in het kasteel ingericht. Marnix van Sint Aldegonde stookt het in 1583 af: de ophaalbrug en de linkervleugel brandden gedeeltelijk uit. De wederopbouw gebeurde in 1590 door Servaas van Steelant: de linkervleugel werd hoger opgetrokken en kreeg nieuwe, ruimere vensters, een schilddak zonder kantelen en voorzien van kleine dakkapellen. De ophaalbrug werd vervangen door een houten brug die in het water rustte op houten pijlers en uitliep onder een brugpoort bezet met een kleine lantaarntoren. De beschadigde kasteeltoren verloor zijn kantelen en schietgaten en kreeg een achtkantige toren met naaldspits. De wachttoren buiten de wallen verloor eveneens zijn kantelen, die vervangen werden door een kegelvormige spits met lantaarn.

In 1803 hebben verbouwingswerken plaats naar ontwerp van architect Jean Baptiste Pisson: de wal werd gevuld met aarde die werd aangebracht uit de dreef (vandaar haar diepteligging) en uit het park waardoor de vijvers werden vergroot. De rechthoekige vensters werden uitgebroken en vervangen door renaissance-boogvensters. Nieuwe verbouwingswerken volgen in 1811 door architect F. Verly: zijn bedoeling was de gotiek en het middeleeuws cachet te behouden en daarom moesten de twee kasteelvleugels tot een eenheid worden gebracht. De pas aangebrachte renaissance vensterbogen werden dichtgemetseld en vervangen door neogotische spitsboogramen; het schilddak van de linkervleugel werd vervangen door een topgevel waarachter een zadeldak; deze vleugel kreeg ook een rond, overkragend hoektorentje naar analogie met deze op de drie andere hoeken van het gebouw. De trappen van de rechtervleugel werden verwijderd en beide vleugels werden versierd met hogels en een kruisbloem als topstuk. De effen muur waar vroeger de brug in uitliep werd uitgebroken-en vervangen door een halfronde voorbouw met spitsboogramen, om beide vleugels te verbinden. In 1850 werd de rechtervleugel, volledig symmetrisch aan de linker, met één verdieping verhoogd. Nieuwe veranderingen onderging het kasteel in 1906: de rechter puntgevel kreeg zijn oorspronkelijk uitzicht weer en werd opnieuw een trapgevel. De linker gevel aan de O.-zijde wordt vervangen door een in bak- en natuursteen die op een rondboogarcade in het water rust. De kapel wordt voorzien van een uitspringend koortje met drie spitsboogramen met zandstenen monelen. Binnen wordt o.m. de vestibule in directoirestijl aangekleed en worden de appartementen in de oostelijke vleugel ingericht in z.g. Vlaamse renaissancestijl met cassettenplafonds.

Beschrijving

Het kasteel is op een vierkante plattegrond gebouwd en stond oorspronkelijk volledig in het water. Sinds 1803 ligt tot tegen de noordzijde een aarden dam Bouwmaterialen: baksteen met verwerking van zandsteen voor plint en hoekblokken. De oorspronkelijke kruisvensters zijn alle vervangen door uitgerekte spitsboogramen met luiken. Vooral noord- en westgevel vertonen nog veel sporen van wijzigingen (cf. historiek): rechthoekige vensters gedeeltelijk dichtgemetseld en vervangen door rondbogige, die op hun beurt vervangen zijn door de huidige spitsbogige; muurankers werden verwijderd en schietgaten gedicht.

Noordkant: halfronde vestibule geflankeerd door twee trapgevels. Westkant: ononderbroken zijflank van het gebouw met drie bouwlagen en een kelderverdieping, en bovenaan geflankeerd door ronde hoekerkertjes met puntdakje.

Zuidkant: verscheidenheid in vormen en dimensies. Accent ligt op de middentoren met vierkante basis en achtkantig bovendeel. Oostkant: erker op rondboogarcade in het water rustend. Driezijdige kapelabsis met spitsboogvormige tweelichten.

Interieur: ruime kelders met bakstenen kruisribgewelven op lage rondzuilen met eenvoudige basis en kapiteel. Zware zandstenen ribben met eenvoudig profiel, rustend op zware kraagstenen. De kelders strekken zich uit onder heel het oud gedeelte van het kasteel.Vestibule in directoirestijl met wit- en roodmarmeren bevloering. Voorts witmarmeren monolietzuilen met Corinthische kapitelen. Met stuc versierde fries en aanzet van het licht gebogen plafond. Achthoekige eetzaal in empirestijl met witte wanden en plafond en vier mahoniehouten kasten met spiegels. Zogenaamde Salle de compagnie met deuromlijstingen in de vorm van sfinxen. Salon: eenvoudige rechthoekige kamer met schoorsteenmantel geflankeerd door slanke zuilen en pilasters. Vlaamse renaissancezaal met hoge natuurstenen schoorsteenmantel versierd met kransen en festoenen. Eikehouten lambrizering en vooral cassettenplafond met ronde en vierkante wapenschilden van familie Vilain XIIII. Kapel met kruisribgewelven en plat dak met lantaarntoren.

In het park, met Engelse aanleg, bevinden zich een reeks bakstenen hoevegebouwen van één bouwlaag onder zadeldaken (Vlaamse pannen). Op onregelmatige plaatsen, rechthoekige vensters, bolkozijnen en kruiskozijnen. Eveneens getrapte dakvensters. Merkwaardig is vooral de ronde bakstenen duiventoren, kegelvormig afgedekt.

Ingangspoort kasteelpark. Twee vierkante bakstenen woontorens van twee bouwlagen, in 1832-33 gebouwd. Spitsboogfries en kantelen. Beide torens zijn verbonden door een ingangspoort, tudorbogig met geprofileerde omlijsting van zandsteen. Erboven: de wapenschilden van de families Vilain XIIII en de Feltz (zandsteen). Aan weerszijden van de torens grote schietgaten als versiering in de muur. De gekanteelde omheining loopt enerzijds langs de polderweg tot aan de parkvijver, anderzijds loopt hij door tot tegen de Eenhoorn. Ook tegen het zgn. Klein Kasteeltje is een dergelijke muur aangebracht. Het geheel vormt een stemmingvolle afsluiting van de dorpskom.

In circa 1820-1824 werd door het park een kanaal van 1400 el lang gegraven; het wordt gevoed door de "wissels" uit de polder en voorziet de vijvers van vers water. Om de twee delen van het park te verbinden, ontwierp ingenieur Vifquin een smeedijzeren hangbrug, vermoedelijk de eerste op het continent. Arduinen bruggehoofden dienen als basis voor twee eenvoudige neogotische kolommen van gietijzer; deze zijn onderling verbonden door twee, met een siermotief aan elkaar bevestigde ijzeren staven. De gietijzeren kolommen zijn door staven in de bodem verankerd en dienen als ophanging van de twee doorbuigende draagkabels. De brug is 28 m lang, 2 m breed en heeft een draagkracht van 40.000 kg.

Kasteeldreef: naast het Klein kasteel bevindt zich de circa 600 meter lange oude kasteeldreef, de Lange Gaanweg verbindend met de Kemphoekstraat. Deze indrukwekkende dreef wordt gevormd door linden, doch zet aan (zijde Lange Gaanweg) met zeven oude beuken en een monumentale plataan (links: 4 oude + 1 veel jongere beuk; rechts: 2 oude beuken + 1 oude plataan).

  • de G. J ., Het kasteel van Wissekerke te Bazel, De Woonstede door de eeuwen heen. 1972/13, p. 20-37.
  • JANSSENS Pr. C.ss.R., Het kasteel en de Vierschaar van Wissekerke, AOKW 52/2, 1941, p. 79.
  • LINTERS A., De hangbrug te Bazel, Mededelingen Centrum voor industriële archeologie, Gent I/1, 1975, p. 3-5.

Bron: Demey A. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Sint-Niklaas, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 7N1 (B-L), Brussel - Gent.

Auteurs: Demey, Anthony

Datum: 1981