Deze pagina afdrukken

Domein d'Ursel, Hingene

Kasteel d'Ursel, Hingene

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Kasteel d'Ursel (ID: 2002)

Foto niet beschikbaar
Alle foto's

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Dubbel omgracht kasteel, met in 1981 heraangelegde, omringende Franse tuinen en parkbos ten noorden.

Reeds vermeld als omwalde hoeve in een diploma van 1120. Mogelijk opklimmend tot een omwalde schranshoeve uit de Frankische kolonisatietijd. In 1556 is er sprake van de verkoop van "een stynen huys en hoff mette andere huysingen van schueren stallen ende andersins daerop staende" aan ridder Thierry van de Werve; na deze verkoop werden diverse vergrotingen en verbeteringen uitgevoerd en het aldus aangepaste buitengoed zou aan de basis liggen van het kasteel, dat wordt afgebeeld bij Sanderus. In 1608 zogenaamd "Hof van Blommenschot" en verkocht als "huysinghe van plaisancie rontomme bewatert" aan Conrard Schetz (1553-1620), die het geheel liet opknappen en een nieuwe vleugel liet bouwen. Vermoedelijk was het toen een typisch Vlaams kasteel met hoektorens in traditionele stijl twee kleine binnenplaatsen achteraan en een grote vooraan (zie Sanderus). De ingang van het domein bevond zich aan de Edmond Vleminckxstraat en het neerhof ten zuidwesten van het kasteel. Zijn afstammeling Conrard-Albert d'Ursel (1665-1738) liet het domein aanleggen met Franse tuinen en omgeven door een wal (circa 1699), die van water werd voorzien door grachten en goten via het Moer, de Biesplas, een onderaardse goot en het reservoir zogenaamd "Treze lavoer" (zie Edmond Vleminckxstraat ). Vanaf de tweede helft van de 18de eeuw residentie van de familie d'Ursel. Hun kasteel te Hoboken werd afgebroken circa 1790 en met dit puin werd "de Notelaer" gebouwd. In de periode 1756-1769 werd het kasteel te Hingene grondig vernieuwd met behoud van de 16de- en 17de-eeuwse kern, naar ontwerp van G. Servandoni, een architect en decorateur uit Firenze, in opdracht van Charles d'Ursel (1717-1775); de torens werden verlaagd en bekroond met balustrades en aldus geïntegreerd in de nieuwe voorgevel, de gevels werden bezet en de kruiskozijnen vervangen door rechthoekige vensters; de trapgevels verdwenen en de binnenkoeren werd overdekt; de voorste binnenplaats werd zo omgevormd tot een ruime ontvangstzaal. Bestaande constructies van draagmuren en balkenlagen bleven bewaard. Niet alleen het kasteel, doch de hele site werd bij het nieuwe ontwerp betrokken: onder meer straathekken tussen twee wachtpaviljoentjes, waarvan één nog bestaand aan de E. Vleminckxstraat, parkaanleg en dienstgebouwen. De oranjerie en vermoedelijk grotendeels ook het neerhof ten zuidwesten werden gesloopt; een nieuwe oranjerie werd gebouwd ten zuidoosten, tegenover de voormalige brouwerij Scaldis en over de grachten werden nieuwe bruggen getrokken. De verfraaiingswerken, vooral de inrichting van het voornaam opgevatte interieur, werden verder gezet in 1790-1794 door Hertog Wolfgang-Willem d'Ursel (1750-1804), mogelijk onder leiding van A. Payen sr.

In 1804 bouw van de huidige "Casteleyn". In 1883 werden de barokke tuinen deels heringericht als volwaardig 19de-eeuws park naar ontwerp van E. Keilig.

In 1906 werden de zijvleugels van het dienstgebouw, dat oorspronkelijk hoorde bij het neerhof (heden zogenaamd "Laathof", zie verder) en remise (inmiddels gesloopt) herbouwd naar ontwerp van J. Caluwaers. Bouw van een dienstenbrug aan westzijde kasteel, eveneens naar zijn ontwerp.

In 1973 kasteel, bijgebouwen en dreef aangekocht door de gemeente, gevolgd in 1981 door de heraanleg van de Franse tuinen en het ruimen van de omgrachting door de Dienst van het Groenplan van het toenmalige Ministerie van Openbare Werken en door de algemene buitenrestauratie in 1984-1985 naar ontwerp van architectenbureau D. Van Impe (plannen van 1982). Publiek toegankelijk park van circa 18 hectare, sedert 1982 jaarlijks gebruikt voor "Sculptura", een tentoonstelling van beeldhouwwerk. De tweede omgrachting, aangelegd door Conrad-Albert d'Ursel (1665-1738) bleef goed bewaard. Kasteel sedert 1984 overgedragen aan de Belgische Staat, nu Vlaamse gemeenschap.

Omgracht, classicistisch kasteel, oorspronkelijk op U-vormige plattegrond: door het overdekken van de voorste binnenplaats (derde kwart 18de eeuw) grosso modo rechthoekige plattegrond met uitspringende hoektorens aan de gebogen zuidgevel. Onderkelderd, bepleisterd en beschilderd geheel van drie bouwlagen onder gecombineerde lage bedaking van kunstleien; verankerde, eenvormige lijstgevels met beluikte rechthoekige vensters in verkleinende ordonnantie. Streng symmetrische, halfcirkelvormige zuidgevel, toegeschreven aan G. Servandoni; drie geblokte middentraveeën die via gebogen hoekpartijen van elk één travee verbonden zijn met de vierkante hoektorens, die op hun beurt het staatsieplein en de toegangsbrug flankeren. Het gebogen accent wordt versterkt door geblokte hoeklisenen. Horizontaal accent door middel van gecementeerde en beschilderde, natuurstenen muurbanden en de bekronende, omlopende balustrade, iets lager dan deze van de hoektorens. De speelse invloed van het rococo komt nog tot uiting in de licht getoogde benedenvensters en de rondbogige deur met geprofileerde archivolt voorzien van maskerkopsluitsteen; bekronend driehoekig fronton op rolwerkconsoles.

Sober gehouden achtergevel van negen traveeën: centraal terras met omlopende balustrade en getoogde deurvensters, uitkijkend over het water. De overdekte binnenplaats vormt een ruime vestibule in classicistische stijl, met marmeren vloer en doorgang naar de anti-chambre met spiegelwanden, die uitgeeft op het terras aan de achtergevel. De oorspronkelijke binnenplaatsgevels tonen nog resten van rechthoekige vensteromlijstingen en speklagen van zandsteen, verwijzend naar de traditionele kern.

Interieur. De nieuwe planindeling van het kasteel werd gebaseerd op de principes van de Franse architect J.F. Blondel: de representatieve ruimten op de begane grond, toegankelijk via de centrale vestibule, laatst genoemde opgevat als omlopende colonnade met Toscaanse zuilen van bepleisterd en beschilderd arduin. In de achtervleugel en evenwijdig met de voorgevel: antichambre, links geflankeerd door het "Appartement de parade" (kleine ontvangstkamer, een werk- of studievertrek (kabinet) en een "chambre en niche" met alkoof of bednis) en rechts door een groot salon zogenaamd "Chinees Salon", in enfilade met de bibliotheek en een tweede salon. Het representatieve karakter wordt benadrukt door fijn geprofileerd stucwerk en luxueuze wandbekledingen, onder meer beschilderd of bedrukt textiel uit de 18de of 19de eeuw en handgeschilderd Chinees behang, eind 18de eeuw, in Chinees salon en kabinet. Het oorspronkelijk vlak stucplafond in de vestibule werd vervangen door een hedendaagse constructie in 1989 naar ontwerp van D. Depoorter.

Woonvertrekken op de eerste verdieping met gaaf 18de-eeuws concept en decoratieve vormentaal aanleunend bij de late Lodewijk-XV-stijl; overigens nagenoeg volledig ontmanteld. In de kelder resten van een 18de-eeuwse keuken met haard, bakovens, pomp en fornuis.

Bakstenen toegangsbrug van drie rondbogen met natuurstenen boog, naar ontwerp van G. Servandoni; balustrade van arduin met ijzeren balusters.

Toegangspoort en wachthuisje (zijde E. Vleminckxstraat): sterk begroeide, rechthoekige, bakstenen constructie onder schilddak (nok loodrecht op straat, Vlaamse pannen), uit het derde kwart van de 18de eeuw; korfboogdeur in bepleisterde bakstenen omlijsting onder druiplijst en oculus (noordgevel) en houten bolkozijn (oostgevel). Aansluitende poort bestaande uit een ijzeren hek tussen geblokte arduinen pijlers, vermoedelijk uit dezelfde periode.

Toegangspoort (zijde Wolfgang d'Urselstraat): ijzeren poort tussen bakstenen pijlers met zandstenen of arduinen hoekblokken.

  • Afdeling Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Monumenten & Landschappen, Bestuur voor Monumenten en Landschappen, Provinciale Directie Antwerpen, beschermingsdossier.
  • Kadaster Antwerpen, Mutatieregisters Bornem/Hingene, schetsen 1907/5.
  • MANDERYCK M., Het kasteel d'Ursel te Hingene. Classicisme in de 18de en de vroege 19de eeuw, in: M & L, X, 1991, nummer 5, p. 48-55.
  • VAN RECK P., Het Kasteel van Hingene, Hingene, 1991,

Bron: De Sadeleer S., Kennes H., Plomteux G. & Steyaert R. 1995: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Antwerpen, Arrondissement Mechelen, Kanton Puurs, Klein Brabant, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 13N3, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Kennes, Hilde

Relaties