Deze pagina afdrukken

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Kasteel Coninxdonck (ID: 26482)

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Nummers 116-118. Kasteel Coninxdonck, ook zogenaamd Slooverskasteel. Het huidig kasteel, voormalig buitenverblijf genaamd Coninxdonck, werd in XIX a opgetrokken ter vervanging van een ouder slot dat in 1313 eigendom was van Elisabeth Muysconinckx, dame van Coninxdonck, gehuwd met Boudewijn Borluut. Funderingen van de oudste constructie zouden bewaard zijn.

Het kasteel ligt in de Noord-Oostelijke-hoek van een omwald nagenoeg vierkant domein en waarvan het vroeger door de nog bestaande vijver en een in 1890 gedempte walgracht (Westen) afgesloten was. Het domein, dat een park met vijver en bijgebouwen, weiland, boomgaard en een omgrachte hoeve (nummer 120) (Zuid-Oostelijke-hoek) omvat, is afgezet door dreven. Noordelijke-dreef ook zogenaamd Slooversdreve beplant met honderd linden, overige dreven en aan de straat (Oosten) afgeboord met populieren.

Kasteeltje in empirestijl van twee bouwlagen en vijf traveeën, onder zadeldak (Vlaamse pannen), uit XIX a met latere uitbreidingen; aangepaste gevels voor Noord- en Oostkant van 1890.

Voorgevel (Zuiden), heden gecementeerde lijstgevel met dubbelhuisopstand begrensd door onversierde hoekpilasters. Drie middentraveeën voorzien van portiek van twee bouwlagen die zich als een uitspringend middenrisaliet voordoet met breed driehoekig fronton waarin blind rondboogveld. Vier klassieke zuilen met Ionisch kapiteel voor begane grond onder vlakke architraaf met kroonlijst, vier vierkante pijlers erboven eindigend op Griekse buste (twee mannen en twee vrouwen) onder dekplaat en brede vlakke architraaf met houten kroonlijst. Rechts behouden getralied en beluikt rondboogvormig benedenvenster. Venetiaans deurvenster geflankeerd door blinde rondboogvensters. Eveneens beluikte doch rechthoekige deurvensters op de bovenverdieping, in zijtravee met smalle ijzeren leuning. Balkon van portiek afgezet met ijzeren leuning. Bakstenen rechterzijpuntgevel (Oosten) met natuurstenen plint, hoekblokken, linkerschouderstuk, geveltopaflijning met bolornamenten en centrale versierde gevelsteen, volgens kadastergegevens van 1890. Getraliede vensters met natuurstenen latei en omlijste ronde topoculus.

Vlak afgedekte vierkante toren op Noord-oostelijke hoek van twee en een halve bouwlaag afgelijnd door natuurstenen kroonlijst met blinde bakstenen attiek. Hoekkettingen, beluikt rondboogvenster en omlijste ronde oculus in de Oostelijke-gevel. Beraapte achtergevel (Noorden). Westelijk-aanbouwsel in verlengde van hoofdgebouw van twee en een halve bouwlaag en vier traveeën onder zadeldak (Vlaamse pannen) met verankerde en gecementeerde voorgevel.

Ten Oosten achter de toegangsbrug met twee vierkante gemetste hekpijlers: bewaarde oude ijskelder gelegen tussen walgracht en vijver.

Ten Westen op een heuvel gebouwd bakstenen tuinhuis uit eind XIX onder pannen zadeldak met overstekende dekschilden. De kelderverdieping geeft aan de achterzijde uit op het lagergelegen weiland en doet dienst als stal.

Dienstwoning met bijhorende stallingen en koetshuis daterend van 1890 voornamelijk gesitueerd achter het kasteel aan de Noord-kant nabij de zijingang.

Mobilair: Twee salons en centrale polygonale hal in empirestijl met behouden stucversiering van plafonds en schoorsteenmantels; rechtersalon met twee deuren voorzien van "chinoiserieën"; hal met fraai versierde deurstukken, onder meer vergulde sfinxen.

  • K.G., mutatieregisters, Gentbrugge, schetsen, 1890 (nummer 12).

Bron: Bogaert C., Lanclus K. & Verbeeck M. 1983: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Gent, Fusiegemeenten, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 4ND, Brussel - Gent.

Auteurs: Bogaert, Chris; Lanclus, Kathleen & Verbeeck, Mieke

Relaties