Deze pagina afdrukken

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Kasteel d'Erckenteel (ID: 31731)

Foto niet beschikbaar
Alle foto's

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Het kasteel ontstond uit een complex met losstaande bestanddelen, in kern mogelijk opklimmend tot 1739 (datering op een thans verdwenen vleugel), zoals aangeduid op de Ferrariskaart (1771-77). Het goed wordt door ridder G. d’Erckenteel (1730-1820) gekocht; hij liet in de tweede helft van de 18de eeuw verbouwingen uitvoeren. Het resultaat hiervan wordt weergegeven op een tekening van Ph. de Corswarem (circa 1800), en in de Atlas van de Buurtwegen (1844) met aanduiding Château d’Erkentin. Het is een gesloten geheel met ingang aan de noordwestzijde, en een aantal losstaande dienstgebouwen buiten het erf. Het woonhuis in classicistische stijl bevindt zich op de plaats van het huidige woonhuis in de zuidoostvleugel; de dienstgebouwen resten waarschijnlijk van de vroegere toestand. Grondige aanpassing in de tweede helft van de 19de eeuw: van de verschillende vleugels blijven slechts de noordoostelijke en zuidoostelijke bewaard; de muuropeningen worden gewijzigd, een hoektoren wordt toegevoegd, en de gebouwen krijgen hun huidig uitzicht. In het begin van de jaren 1950 verkoopt C.C. d’Erckenteel het kasteel en het park aan de zusters augustinessen, die er een klooster en rustoord in onderbrengen. In de jaren 1980 verdwijnt de noordoostelijke vleugel, die door middel van muurankers gedateerd was 1739. De oude delen zijn thans omringd door recente gebouwen.

In zijn huidige vorm een neoclassicistisch gebouw, waarin vrijwel geen sporen van de oudere kern behouden bleven. Hoofdgebouw van zeven traveeën en twee bouwlagen onder schilddak. Bakstenen gebouw met gecementeerde en beschilderde zuidoostelijke voorgevel. Risaliet in de drie middentraveeën, bekroond met een driehoekig fronton met oculus. Gekorniste kroonlijst op klossen. Rechthoekige vensters met hardstenen lateien en geprofileerde lekdrempels op gesculpteerde consoles. Tegen de noordwestelijke gevel, uitbouwsel van drie traveeën onder schilddak, geflankeerd door twee traveeën onder platdak, oorspronkelijk één bouwlaag, later met een bouwlaag verhoogd. De middentraveeën zijn geritmeerd door baksteenpilasters. In de hoek van de L-vormige vleugel, vierkante toren van drie bouwlagen onder tentdak met lantaarn onder klokvormige bekroning met peerspits. Recente muuropeningen. Tegen de zuidwestelijke gevel, dienstgebouw van vier traveeën onder schilddak. Witgeschilderde baksteen op een gecementeerd plint. De noordwestelijke gevel is op de eerste bouwlaag voorzien van een glazen afdak op ijzeren zuiltjes met smeedijzeren afwerking. Rechthoekige vensters met hardstenen latei en lekdrempel. Rechthoekige deuren in hardstenen omlijsting.

  • JEURIS R. e.a., Zo was ...Alken, 1978, p. 31-32.

Bron: Pauwels D., Schlusmans F. met medewerking van Muyldermans E. & Rombouts J. 1999: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Tongeren, Kanton Borgloon, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 14N4, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Schlusmans, Frieda

Relaties