Deze pagina afdrukken

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Kasteel Groene Poort (ID: 71860)

Foto niet beschikbaar
Alle foto's

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

* Dudzeelse Steenweg nummer 460. Kasteel zogenaamd "Groene Poort". Het kasteel is beschermd als monument en samen met de boomgaard, het weiland en het park opgenomen als dorpsgezicht bij Koninklijk Besluit van 2/02/1981.

Bescheiden kasteeldomein met park, tuin, vrijstaand kasteel en nutsgebouwen. Rondom het kasteeldomein liggen weilanden, oorspronkelijk deel uitmakend van de site. Bekiezelde toegangsweg met hekken en brug over gracht en oprit rondom het kasteel. Tot woning omgebouwd koetshuis ten oosten van het kasteel. Ten noordoosten van kasteel langwerpig nutsgebouw, ten zuiden kleine schuur. Ten zuidoosten van kasteel, tegen schuurtje en voormalig koetshuis, een grote ommuurde tuin met langwerpige broeikas aan de noordoostzijde. Domein aan de west-, noord- en zuidoostzijde visueel afgesloten met (hoogstammige) beplanting. Aan de zuidwestzijde opening naar landschap met weiland. Klein bos met vijver ten zuiden van de ommuurde tuin.

1567: omschrijving van de site als "casteelgoet ende hofstede met twee sticken bogaert en walgrachten aen beede zeijden, ende met een stixken ten oosthende van de scheure ende achterpoorte".

1715: tekening op kaart van "poorte vant Casteel Jo.r Frans Nieuwlant".

Circa 1835: het primitief kadasterplan toont site van opperhof met kasteel en neerhof met hoeve, gescheiden door gracht, waarbij het kasteel via een brug met het erf verbonden is; meerdere grachten ten zuiden van het kasteel; vermoedelijk koetshuis aan oostzijde van het erf.

Circa 1843: de Atlas der Buurtwegen toont dezelfde configuratie met onderscheid tussen opperhof en neerhof, uitgebreid grachtenstelsel en toegang naar kasteel met brug over gracht.

Rond 1862: aanpassingswerken aan het kasteel onder meer aanbrengen van de cementbepleistering met imitatievoegen en -banden, en het toevoegen van de kantelen. Mogelijk ook op dat moment vervangen van het houtwerk door typisch 19de-eeuws en bijbouwen van een terras met trappen in arduin aan de westzijde van het kasteel.

Rond 1880: bouw van broeikas en het (nu verdwenen) tuinpaviljoen. Deze broeikas kadert in een typerend geheel waarbij een ruime oppervlakte ommuurd werd, aan de noordoostelijke zijde voorzien van een broeikas en waarbij de rest functioneerde als moes-, planten- en bloementuin voor de kasteelbewoners.

19de-20ste eeuw: geleidelijk aan dempen van de grachten. Slechts ten zuidoosten van de tuinmuur blijft de gracht behouden. Laatste kwart van de 20ste eeuw: bouwen van langwerpige constructie ten noorden van het kasteel, ombouwen van het koetshuis tot woning.

Ter hoogte van de resterende gracht en brug aan de steenweg staat een toegangshekken met hekkenpijlers van gecementeerde baksteen en geprofileerde arduinen sierstukken. IJzeren hekkens links en rechts van de pijlers.

Kasteel. Verankerde baksteenbouw op een grosso modo L-vormige plattegrond met in de oksel een achtzijdige traptoren en tegenaan de noordgevel een kapel met driezijdige uitwerking van het koor. Twee bouwlagen onder schilddaken bedekt met blauwe golfpannen en leien voor het traptorentje en de kapel. Gevels met ongelijke travee-indeling zijn voorzien van een cementbepleistering met sporen van roodbruine beschildering. Op heel wat plaatsen is de cementbepleistering verdwenen en komt het baksteenparement te voorschijn. Gevels worden horizontaal belijnd door kordons ter hoogte van de vroegere onder- en bovendorpels en is bovenaan afgewerkt met kantelen doorbroken door getrapte dakvensters.

Interieur. Halfverdiepte kelders met tongewelven. In oostvleugel keuken met oude schouw, watersteen en waterput. Gang in zelfde vleugel voorzien van vloer in blauwe hardsteen en witte marmer, bepleisterde wanden en moerbalken.

Koetshuis. Gebouwd rond 1862, sterk verbouwd tot woning in laatste kwart 20ste eeuw. Gele baksteenbouw met rechthoekige venster- en deuropeningen. Vernieuwd schrijnwerk. Schilddak met rode platte pannen en dakvlakvensters.

Tuinmuur in gele baksteenbouw en bovenaan met nokken afgewerkt. Broeikas van glas en ijzer, tegen noordoostelijke tuinmuur geplaatst omwille van optimale verwarming.

  • AFDELING ROHM WEST-VLAANDEREN, Cel Monumenten en Landschappen, archief, DW 000234.
  • KADASTERARCHIEF WEST-VLAANDEREN TE BRUGGE, 207: Mutatieschetsen, Koolkerke, 1862/1, 1880/20, 1970/17, 1977/26, 1984/17.
  • RIJKSARCHIEF BRUGGE, Kaarten en Plannen, nummer 585.
  • RIJKSARCHIEF BRUGGE, Watering van Blankenberge, nummer 716.
  • CONSTANDT L.(ed.), Behoedzaam omgaan, 1992, pagina's 97-99.
  • DEVLIEGHER L., De Zwinstreek, in: Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, 4, 1970, pagina's 99-100.
  • ESTHER J., Koolkerke, Dudzeelsesteenweg 460-464, het kasteel en de kasteelhoeve “De Groene Poort”, Koninklijk Besluit 2 februari 1981, in: Het Brugse Ommeland, jaargang 22, nummer 3, 1982, pagina's 281-282.
  • WINTEIN W., Kaart van de oude gemeente Koolkerke met een bijhorende historische schets tot 1850, in Rond de Poldertorens, jaargang 7, nummer 1, maart 1965, pagina 8, nummer 24.

Bron: Gilté S., Vanwalleghem A. & Van Vlaenderen P. met medewerking van Dendooven K. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Brugge, Deelgemeenten Koolkerke, Sint-Jozef en Sint-Pieters,Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL12, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Gilté, Stefanie; Van Vlaenderen, Patricia & Vanwalleghem, Aagje

Relaties