Deze pagina afdrukken

Kasteel De Blankaart, Woumen

Kasteel De Blankaart, Woumen

De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Blankaart Kasteel (ID: 78606)

Foto niet beschikbaar
Alle foto's

Administratieve Gegevens

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Iepersteenweg nr. 54-58. Zogenaamd "Blankaart Kasteel", cf. huidige stafkaart, gelegen in een ruim omliggend ca. 10 ha groot kasteelpark. De toegang tot het domein wordt gevormd door een gekasseide hoefijzervormige dreef tot voor het kasteel, aan de linkerzijde afgezoomd met rode beuken. Het huidige park is opgenomen in het natuurreservaat "De Blankaart", dat naast het park ook de zogenaamde Blankaartvijver (ca. 67 ha) en een aantal hooilanden omvat.

Ca. 1561-1571: op de Grote Kaart van het Brugse Vrije van de hand van Pieter Pourbus is ter hoogte van dit gebied een langwerpige onregelmatige blauwe vlek te zien. Deze vlek duidt wellicht op een vijver of op zijn minst een overstroombaar gebied dat het resultaat is van de jarenlange turfontginning die minstens teruggaat tot de 13de eeuw.
1860-1870: baron Gustaaf de Coninck de Merckem laat op zijn pas verworven domein de Blankaart een bijzonder rijk eclectisch kasteel bouwen n.o.v. architect Joseph Schadde (Antwerpen). Het betreft een L-vormig volume van vijf traveeën en twee bouwlagen met op de hoeken twee halfronde torens en achteraan een uitbouw met een neogotische kapel en een hoger opgaande polygonale toren. Tegelijkertijd met de bouw van het kasteel wordt ook een vrij hermetisch kasteelpark aangelegd in Engelse landschapsstijl met o.m. aan de straatzijde paardenstallen, een koetshuis, een hovenierswoning, een ommuurde moestuin en serres.
Op het einde van de 19de eeuw wordt de Blankaartvijver, samen met de verdere uitbouw van het parkbos, uitgediept en voorzien van een kunstmatig eiland en een eendenkooi. In het kasteelpark worden eveneens nog een visvijver aangelegd en een ijskelder gebouwd. In dit domein werden zichtassen uitgewerkt, o.m. over de voorvijver met boogbrug. Reeds rond 1900 stond de omgeving van de Blankaart bekend als een uitzonderlijk natuurgebied met hoge botanische en ornithologische waarde omwille van de uitgestrekte rietkragen en drijfzomen.
1914-1918: door de dichte ligging bij de frontlinie wordt het kasteel tijdens de Eerste Wereldoorlog in die mate vernield dat enkel nog de voorgevel overeind staat. Ook het parkbos raakt zwaar beschadigd.
1925-1929: het kasteel wordt in een kleinere en soberdere versie heropgebouwd n.o.v. architect J. Gunst (Oostende) Het algemene uitzicht van het kasteel met zijn twee ronde hoektorens, het kapelvolume en de polygonale toren wordt wel gerespecteerd. Het park zelf wordt niet meer in zijn oorspronkelijke staat heraangelegd, waardoor een aantal zichtassen verdwijnen.
1940-1944: tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt het dak van het kasteel beschadigd. De kegelvormige torenspitsen van de twee ronde torens worden niet meer hersteld.
1978: het Blankaartdomein wordt natuurreservaat.

Eclectisch kasteel van de jaren 1920 op grosso modo rechthoekig grondplan. Volume van drie brede traveeën en twee bouwlagen op kelderverdieping onder leien schilddak met ijzeren vorstkam en hoogopgaande schoorstenen. Aan weerszijden geflankeerd door halfronde hoektorens met overkragende gootlijst op consoles, echter zonder kegelvormige torenspitsen (cf. supra).
Rode baksteenbouw in combinatie met gebruik van witte natuursteen, o.m. voor de plint, de verticale ritmering d.m.v. doorgetrokken natuurstenen risalieten met bekronende dakkapellen, de doorlopende kroonlijst en decoratieve elementen.
Uitgesproken middenrisaliet met voorliggende waaiervormige bordestrap in blauwe hardsteen. Centrale rondboogdeur aan de uiterste zijden verticaal geritmeerd door de superpositie van twee geringde en samengestelde driekwart zuilen in blauwe hardsteen en daarboven twee gecanneleerde pilasters met tussenin een rondboognis. Gekoppelde dakvensters in samengestelde natuurstenen geveltop met het wapenschild van de Coninck de Merckem. Overige traveeën geritmeerd door natuurstenen drielichten geflankeerd door gecanneleerde pilasters met samengestelde kapitelen en op de borstweringen gebeeldhouwde emblemen van de landbouw (oogst) en visvangst. Dito, doch soberdere asymmetrische achtergevel met rondboogdeur in doorgetrokken natuurstenen risaliet met gekoppelde pilasters en bekronende tuitgevel. Ten noordwesten, polygonale opengewerkte traptoren met uitkragende bovenbouw op natuurstenen consoles met rondboogige galmgaten en achthoekige torenspits. Ten zuidwesten, ingekorte hoek met haakse inplanting van een lagere kapel onder leien zadeldak met een driezijdige koorsluiting met versneden hoeksteunberen.

Min of meer symmetrisch ingedeeld interieur: centrale vestibule met doorlopende gang met rechts gedenkplaat van de oprichting van het eerste kasteel en links een trappenhal met eikenhouten bordestrap. Overige ruimtes met grotendeels bewaarde interieuraankleding: o.m. eikenhouten lambriseringen, paneeldeuren, parketten, schouw-boezems en stucplafonds. Kapel met eenvoudig interieur met houten spitstongewelf en drie abstracte glasramen van 1959 n.o.v. Michel Martens (Brugge), cf. gesigneerd.
Voorts in het park: smeedijzeren boogbrug, bewaarde ijskelder, alsook restanten van vroegere zichtassen, o.m. ter hoogte van de zogenaamde kasteelweiden.
Ten westen grenzend aan de Blankaartvijver: uitzonderlijke eendenkooi, eertijds gebruikt voor het vangen van eenden. Door middel van een hond werden de eenden in een steeds smaller wordende vangpijp gedreven die bovenaan was afgedekt door kippengaas.

HOUWEN P., De Blankaart en zijn geschiedenis, in De Belgische Natuur- en Vogelreservaten, 25ste Bulletin, 1977, p. 32-34.
KESTELOOT E., Geologie en geografie van de Blankaart, in De Belgische Natuur- en Vogelreservaten, 25ste Bulletin, 1977, p. 35-40.
MEUL V., Joseph Schadde, academicus en historiserend bouwmeester in de tweede helft van de 19de eeuw, in Monumenten en Landschappen, jg. 13, nr. 6, 1994, p. 8-61.
PRIEM V., Kastelen en landhuizen in de westhoek, Tweede Deel, Ieper, 1998, p. 26-33.
VANDENBUSSCHE M., De Blankaart een natuurhistorisch monument in ons polderlandschap, Diksmuide, 1991. (Eindwerk toeristische gids).

Bron: Missiaen H. & Vanneste P. met medewerking van Gherardts F. & Scheir O. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Diksmuide, Deel I: Deelgemeenten Diksmuide, Beerst, Esen, Kaaskerke, Keiem en Lampernisse, Deel II: Deelgemeenten Leke, Nieuwkapelle, Oostkerke, Oudekapelle, Pervijze, Sint-Jacobskapelle, Stuivekenskerke, Vladslo en Woumen, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL18, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Missiaen, Halewijn & Vanneste, Pol

Relaties