De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed

Teksten bij "Art-nouveau-burgerhuis"

Terug naar Art-nouveau-burgerhuis.

Burgerhuis

Burgerhuis, waarvoor bouwaanvraag van 1906 naar ontwerp van Jacques De Weerdt. Witstenen gevel met lijnsculpturen, smeedwerk en kleinhout in art nouveau; de voor De Weerdt kenmerkende vormgeving met uitstulpende loggia, bekronend balkon en drielicht in paraboolomlijsting, werd in 1905 gelanceerd met "Les Mouettes", Waterloostraat 39. Golvende top en ornamenten teruggaand op neo-Lodewijk XV en XVI.

  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossier D2, Modern Archief 20.428, dossier 2109.
  • ELAUT A. & J. POSSEMIERS 1899: Op wandel door de belle époque, Brussel, 46.
  • VANHOVE B. 1978: De Art Nouveau-architektuur in het Antwerpse: een doorsnede , Licentiaatsverhandeling R.U.G., 91.

Bron: Kennes H., Plomteux G. & Steyaert R. met medewerking van Wylleman L. & Himler A. 1992: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Antwerpen, Fusiegemeenten, Bouwen door de eeuwen heen in in Vlaanderen 3ND, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Plomteux, Greet

Datum: 1992

U kunt deze tekst citeren als:

Plomteux, Greet 1992: Art-nouveau-burgerhuis [online], https://id.erfgoed.net/teksten/11134 (geraadpleegd op ).

Art-nouveau-burgerhuis

Deze art-nouveau-burgerwoning is in 1906 ontworpen door architect Jacques De Weerdt in opdracht van juffrouw Stella Talkowski, wonende op de Plantin-Moretuslei 35.

De Weerdt speelde een belangrijke rol binnen de ontwikkeling van de art nouveau in Antwerpen. Een belangrijk deel van zijn art-nouveau-ontwerpen staat in Zurenborg, waar hij zeer actief was als architect. Deze woning in de Transvaalstraat is onmiddellijk herkenbaar als een ontwerp van De Weerdt, door de hem kenmerkende vormgeving met uitstulpende loggia, bekronend balkon en drielicht in paraboolomlijsting, die hij in 1905 lanceerde met "Les Mouettes" in de Waterloostraat.

De woning telt drie bouwlagen en drie traveeën, in de bovengevel gereduceerd tot één brede travee. De gevel heeft een wit natuurstenen parement, en eindigt met een in- en uitzwenkende geveltop versierd met gesculpteerde ornamenten, teruggaand op neo-Lodewijk XV- en XVI-stijl. Hiermee sluit de gevel aan bij de naastgelegen woning in beaux-artsstijl die De Weerdt in 1909 tekende. In de gevel domineert echter de art-nouveaustijl, door de lijnsculpturen, het sierlijk gebogen smeedwerk en fijne houten roedeverdeling van de muuropeningen.

Op de begane grond een klassieke indeling van deur en twee vensters, korfbogig, met gebogen waterlijsten. Op de bel-etage een opvallende loggia, met natuurstenen sokkel, verfijnde smeedijzeren balkonleuning, en kunstig gebogen houtwerk van de deurvensters. De loggia is bekroond door het balkon van de bovenverdieping, met gesculpteerde borstwering, afgewisseld met zwierig smeedwerk. De drie deurvensters op de bovenverdieping zijn gevat in een paraboolvormig muurveld, dat versierd is met een zeer verfijnd kleurrijk tegeltableau in art-nouveaustijl, een vrouw bij ondergaande zon voorstellend.

  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossiers D2, Modern Archief 20.428, dossier 2109.
  • ELAUT A. & J. POSSEMIERS 1899: Op wandel door de belle époque, Brussel, 46.
  • VANHOVE B. 1978: De Art Nouveau-architektuur in het Antwerpse: een doorsnede, Licentiaatsverhandeling Universiteit Gent, 91.

Bron: -

Auteurs: Hooft, Elise & Plomteux, Greet

Datum: 2015

U kunt deze tekst citeren als:

Hooft, Elise & Plomteux, Greet 2015: Art-nouveau-burgerhuis [online], https://id.erfgoed.net/teksten/167798 (geraadpleegd op ).