Woning Van den Brande

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Antwerpen
Gemeente Antwerpen
Deelgemeente Hoboken
Straat Van Amstelstraat_HO
Locatie Van Amstelstraat_HO 88, Antwerpen (Antwerpen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Antwerpen (adrescontroles: 23-07-2007 - 23-07-2007).
  • Inventarisatie Antwerpen (geografische inventarisatie: 01-01-1976 - 31-12-1992).
  • Synchronisatie onderzoeksproject Renaat Braem (1910-2001) (synchronisaties: 16-09-2010 - 31-10-2010).

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Woning Van den Brande

Deze vaststelling is geldig sinds 05-10-2009. (Vaststellingsbesluit)

Beknopte karakterisering

Typologiestadswoningen
Dateringna WO II
Betrokken personen

Beschrijving

Midden 1966 krijgt Braem opdracht met een bescheiden budget een eengezinswoning te ontwerpen in Hoboken voor het jonge echtpaar Van den Brande-Van den Bosch, een docent tekenen en ontwerpen voor industrieel ingenieurs en een lerares Engels-Frans. Ter voorbereiding van hun bouwplannen volgden zij vóór hun huwelijk de cursus eigentijds wonen aan de volkshogeschool Stichting-Lodewijk de Raet, waarin de architectuur van Braem als voorbeeld werd gesteld. De residentiële Van Amstelstraat biedt een open ligging aan de rand van het Broydenborgpark, dat de verbinding maakt tussen het Kioskplein in het centrum van de gemeente en het Sorghvliedtpark met het gemeentehuis. Het bouwterrein, bestemd voor een rijwoning in halfopen bebouwing van 6 bij 9 m, beschikt bovendien over een vrij diepe tuin op het westen. Als programma wordt uitgegaan van een bel-etagewoning met drie slaapkamers, gericht op de noden van een gezin met twee jonge kinderen. Drie andere nieuwbouwwoningen komen in dezelfde periode op de aangrenzende percelen tot stand, als sluitstuk van een bouwblok met rijwoningen uit de naoorlogse decennia. Het ontwerpproces gaat in juni 1966 van start met een eerste voorontwerp, waarin Braem experimenteert met een overstekend bouwvolume in ellipsvorm. Zijn vertrekpunt is het panoramische uitzicht op het tegenoverliggende park, dat hij in een brede boog op de leefruimte wil betrekken. Zo probeert hij een organisch vormprincipe te verzoenen met het conventionele schema van een driegevelwoning met opgelegd zadeldak. Dit concept wordt in twee opeenvolgende versies bijgestuurd, om een extra niveau in te voegen en de woonkamer rechtstreeks te doen aansluiten bij de tuin. Na een principiële weigering van het gemeentebestuur, dat de "vooruitstrevende esthetiek" in strijd acht met de bestaande, "traditionele woningbouw" van de straat, geeft Braem in zijn vierde voorontwerp de ellipsvorm noodgedwongen op. De definitieve plannen komen in een eerste versie tot stand in januari 1967, waarop ondanks het verkrijgen van een bouwvergunning nog een tweede versie volgt in september 1967. De aanvankelijk plastisch ontworpen betonstructuur van de gevels wordt daarbij op verzoek van de opdrachtgevers zowel wegens bouwtechnische als financiële redenen vereenvoudigd. De bouwwerken gaan in het voorjaar van 1968 van start, om begin 1969 te worden voltooid. In 1975 levert Braem nog advies en plannen voor de inrichting van de woonkamer, en in 1977, na de geboorte van een derde zoon, voor de opdeling van de kinderkamer en de inrichting van de zolder tot studio.

Gedurende het hele ontwerpproces houdt Braem vast aan eenzelfde ruimtelijke indeling, met de hal en de garage op de benedenverdieping, de leefruimten op de eerste en het slaapgedeelte met badkamer op de tweede verdieping. In het eerste voorontwerp ligt alle nadruk op de woonverdieping, een 3 m hoge ruimte met een open plan, opgebouwd rond de twee trappen die dit niveau verbinden met de hal en het nachtgedeelte. De zithoek neemt de straatzijde in, de open haard en een ingebouwde studiehoek de middenzone, de eethoek met open keuken en terras de tuinzijde. Uitwendig geeft hij deze ruimte de vorm van een overstekend volume in glas, dat het verder gesloten baksteenmetselwerk van de constructie radicaal doorbreekt en in een brede ellipsboog aansluit op het zwevende terras met buitentrap. Het schrijnwerk krijgt een repetitief, verticaal ritme, discreet onderbroken door een horizontale band ter hoogte van de studiehoek en de keuken, die doorloopt in de terrasborstwering. De gewelfde slaapkamers worden in deze fase volledig geïntegreerd in het grote dakvolume, met een boogvenster aan beide zijden.

Vanaf het tweede voorontwerp wordt de woonkamer aanzienlijk verlaagd en door een niveauverschil opgedeeld. Eethoek, keuken en terras komen zo op het niveau van de tuin, dat op zijn beurt hellend wordt opgehoogd. Door ook het niveau van de slaapkamers te laten zakken, ontstaat bovendien ruimte voor een extra zolderverdieping. In plaats van de vlakke achtergevel uit het eerste voorontwerp, wordt de ellipsvorm nu in een vloeiende beweging op de volledige omtrek van het volume toegepast. Het derde voorontwerp beperkt de wijzigingen tot vormdetails, die ook de definitieve plannen kenmerken, zoals de horizontale geleding van de benedenbouw en de driehoekige raampartij in de geveltop. Behalve het aanpassen van het volume tot een rechthoek, wordt in het vierde voorontwerp de erkerpartij aan de voorgevel ingekort en het dakoverstek weggelaten.

In de definitieve plannen werkt Braem dit laatste schema verder uit, waarbij hij in de eerste versie het wegvallen van de ellipsvorm compenseert door een dominante plastische structuur in glad, wit zichtbeton verwerkt met baksteen en geïntegreerde beglazing. Deze neemt de vorm aan van een organisch skelet met afgeronde hoeken, ellipsbogen en een sterk geaffirmeerde erkerpartij, die over de drie gevelzijden wordt doorgetrokken en ter hoogte van de voordeur op een hoekkolom steunt. Brede raampartijen voor de leef- en slaapruimtes wisselen daarbij af met geprefabriceerde betonelementen in staand of liggend verband, die de functionele zones zoals het trappenhuis, de garage en de badkamer verlichten. In de uiteindelijke versie wordt deze opvallende, haast sculpturale vormgeving gereduceerd tot de erkerpartij en de omkadering van de geveltop, met een ruime toename van het aandeel baksteenmetselwerk en schrijnwerk in afzelia. Door het terras zijdelings boven de keldertoegang te leggen, reikt het hellende gazon nu tot tegen de eethoek.

  • Archives d'Architecture Moderne, Archief Renaat Braem, Dossiernummer 167.
  • Districtsarchief Hoboken, Bouwdossier 14867.

Bron: Braeken J. (ed.) 2010: Renaat Braem 1910-2001. Architect, Relicta Monografieën 6. Archeologie, Monumenten en Landschapsonderzoek in Vlaanderen, Brussel.

Auteurs: Braeken, Jo

Datum tekst: 2010

Alle teksten

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Hoboken

Hoboken (Antwerpen)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.