erfgoedobject

Modernistisch appartementsgebouw

bouwkundig element
ID: 11558   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/11558

Juridische gevolgen

Beschrijving

Modernistisch appartementsgebouw opgetrokken in opdracht van de heer L. Van Praag, naar een ontwerp door de architect Gustaaf Van Meel uit 1934. Het complex omvat vijf flats van hoge standing, met een garage in het souterrain.

Het appartementsgebouw Van Praag is representatief voor het vroege oeuvre van Gustaaf Van Meel, die na een stage bij de architect Max Winders actief lijkt te zijn geweest van midden jaren 1920 tot zijn overlijden in 1953. Als kortstondig intermezzo in zijn zelfstandige praktijk, was hij van begin 1935 tot eind 1937 of begin 1938 geassocieerd met de architect François Dens. Uit zijn vroege loopbaan dateren behalve het appartementsgebouw Van Praag de Heilige Drievuldigheidskerk te Berchem, de eigen woning te Borgerhout, en de villa Van Buren te Deurne, waarvan het zakelijk baksteenmodernisme invloeden vertoont van de architectuur van Frank Lloyd Wright en Willem Marinus Dudok. Naar het einde van de jaren 1930 toe liet hij zich vooral opmerken met parochiekerken en ziekenhuizen in versoberde baksteenarchitectuur met een robuust karakter, zoals de Sint-Jozefskerk te Merksem, en de Sint-Augustinuskliniek te Wilrijk. In de Nieuw-Parkwijk “Den Brandt” realiseerde Van Meel samen met Dens de villa Lecluyse-Langmans uit 1936 aan de Della Faillelaan, en de woning Bruyns uit 1937 aan de Sorbenlaan.

Met een gevelbreedte van 11 meter, omvat het gebouw een souterrain en vijf bouwlagen onder een plat dak. In de voortuin zijn het trappenbordes van het portaal en de toegangshelling tot de garages geïntegreerd. Opgetrokken met een skeletstructuur uit gewapend beton, heeft de voorgevel een parement uit baksteenmetselwerk op een plint bekleed met blauwe hardsteen. De geelkleurige, bezande gevelsteen van het type Belvédère is toegepast in halfsteens verband met Dudok-voeg – dieperliggende lintvoegen in combinatie met platvolle stootvoegen. Strak vormgegeven en plastisch van karakter, wordt de gevelcompositie bepaald door een vanaf de sokkel oplopende, drie traveeën brede erkerpartij. Het gevelvlak ontleent hieraan niet alleen zijn volumewerking, de appartementen genieten dankzij de hoekvensters ook van een ononderbroken panoramisch uitzicht. Verder worden de bandramen met inspringende posten - rechts verlaagd - nadrukkelijk horizontaal belijnd door lekdrempels, rollagen en de houten kroonlijst. Het oorspronkelijk stalen vensterschrijnwerk is op één verdieping na vernieuwd, met behoud van de roedeverdeling; van het houten schrijnwerk zijn de inkomdeur en garagepoorten bewaard, maar de tuinpoortjes verdwenen.

De vijf appartementen, één per verdieping, worden ontsloten door een zijdelings ingeplante, gemeenschappelijke inkom- en traphal met lift. Op de verdiepingen hebben de flats een identieke plattegrond, met aan de straatzijde een suite van salon en eetkamer ter breedte van de erkerpartij, links geflankeerd door een kantoor of (werk)kamer. In de middenzone situeren zich de hall en de badkamer, aan de achterzijde de twee slaapkamers, de keuken met terras en annex (meiden)kamer. De gemeenschappelijke inkomhal beslaat de ruimte van het kantoor in het gelijkvloerse appartement, dat over een extra slaapkamer beschikt achter de keuken. Het souterrain omvat een dubbele garage, individuele provisie- en kolenkelders en een gemeenschappelijke was- en droogplaats.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossier 238#4088.
  • GILLES, P. 1937: Anvers centre d’action moderne, Bâtir 6.52, 1092-1096.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2014


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Modernistisch appartementsgebouw [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/11558 (Geraadpleegd op 02-04-2020)