Minderbroederklooster

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Antwerpen
Gemeente Turnhout
Deelgemeente Turnhout
Straat Patersstraat
Locatie Patersstraat 100, Turnhout (Antwerpen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Turnhout (adrescontroles: 27-02-2007 - 27-02-2007).
  • Inventarisatie Turnhout (geografische inventarisatie: 01-01-1997 - 31-12-1997).

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Minderbroederklooster

Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019.

Beschrijving

Zogenaamd Paterspand, voormalig minderbroederklooster in een sobere, neogotische stijl conform de idealen van de franciscaanse bedelorde, gebouwd in 1897-1899 naar ontwerp van P.J. Taeymans; heden kantorencomplex met kerk van het Verbond van Kristelijke Werkgevers (V.K.W.).

Achterin gelegen kloostercomplex, ten westen en ten oosten begrensd door en bereikbaar via respectievelijk de Patersstraat en de Vredestraat; kerk, klooster en tuin, volledig omsloten door middel van een muur met ezelsrug: ten westen van kerk voormalige portierswoning en ten oosten klooster waarvan de gebouwen in U-vorm geschikt rondom overkoepeld binnenhof, vierde zijde eveneens gesloten door overkoepeling; ten oosten van het kloostergebouw tuin en parking, ten zuiden bijgebouwen onder andere conciërgewoning, voormalige werkplaatsen, en zo meer.

Vanaf circa 1471 contacten tussen de stad Turnhout en de minderbroeders van Herentals. Circa midden 17de eeuw definitieve vestiging in de stad, vooreerst op de Graatakker; in 1652 verhuizen zij naar een perceel in het midden van de Patersstraat; vier jaar later starten de bouwwerken van een nieuw kloostercomplex en theologisch studiehuis. Na de Franse revolutie in 1825 laat slechts een kleine kloostergemeenschap voormelde eigendommen over aan de kannunikessen van het Heilig Graf. Vanaf 1896 minderbroeders opnieuw aanwezig in Turnhout; tegen 1897 verschillende percelen in de Patersstraat aangekocht voor het optrekken van een nieuw kloostercomplex. In 1899 kerk en kloostergebouw voltooid. In de jaren 1950-1960 verbouwings- en aanpassingswerken in klooster en kerk. Door de geleidelijke terugval van het aantal minderbroeders kloostergebouwen verkocht in 1986.

Na verschillende opeenvolgende eigenaars complex in 1989 aangekocht door en in 1990-1991 gerestaureerd in opdracht van het V.K.W. naar ontwerp van Architectenburo Caron-Van Baelen (zie vloersteen in inkomhal).

Vanuit de Patersstraat een verhard pad, afgezet met ijzeren hekwerk, naar het kerkportaal en achterin gelegen kloostercomplex; deze was eertijds de enige toegang.

De voormalige portierswoning (links). Enkelhuis van twee/drie traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak (nokrichting loodrecht op het pad, kunstleien); bakstenen trapgevel met klimopbegroeiing; verwerking van gesinterde baksteen en arduin. Getoogde vensters, op de begane grond getralied en met stenen tussendorpel, op bovenverdieping glas-in-loodramen onder blind spitsboogveld; houten segmentboogdeur met beslag en oculus in blinde spitsboog; beeldennis. Hiertegenover arduinen pissoirs met decoratief ijzeren scherm (rechts).

Kerk. Zuidnoord-georiënteerde, neogotische basiliek, gebouwd in de periode april 1897-maart 1899. Driebeukig schip van zes traveeën met koor van drie rechte traveeën en vijfzijdige koorsluiting, geflankeerd door sacristie (ten oosten) en ruimte met trap naar orgeltribune (ten westen); uitspringend inkomtravee met puntgevel ten westen; zadel- en lessenaarsdaken (leien) met aandak en dakkapellen, octogonale dakruiter met houten klokkenstoel onder ingesnoerde leien spits, ijzeren en stenen topversieringen of kruisen.

Baksteenbouw met verwerking van arduin voor afzaat van plint, dekstenen, aandaken,...; geritmeerd door versneden steunberen alternerend met spitsboogvensters; muizentand onder houten kroonlijst op modillons. Inkomtravee, gestut door versneden steunberen; houten vleugeldeur met beslag onder zandstenen timpaan waarop reliëf met voorstelling van Sint-Antonius, gesigneerd "A. Peeters, 1906", in arduinen, geprofileerde spitsbogige omlijsting op Corinthische zuiltjes, bekroond door wimberg met hogels en kruisbloem; geveltop met oculus waarin vierpasmotief. In buitengevel van oostelijke zijbeuk arduinen gevelsteen met datering "1754" en inscriptie, vermoedelijk afkomstig van voormalig minderbroederklooster. Glas-in-loodramen in bakstenen omlijsting: gebrandschilderd in koorabsis, gekoppeld in de zijbeuken, drielichtvenster in noordelijke puntgevel.

Interieur. Bepleisterde en lichtgeschilderde muren. Schip met spitsboogarcade op bakstenen zuilen met beschilderde arduinen banden op arduinen polygonale sokkel, bekroond door dito knopkapiteel met verscheidene motieven. Schip en zijbeuken met kruisribgewelven met sleutel namelijk bepleisterde ribben en bakstenen gewelfkappen; gewelfribben en spitsbogige gordelbogen eindigend op console, in middenbeuk doorlopend in schalken; straalgewelf verdeelt koorabsis in vijf segmenten.

Zijbeuken ten zuiden eindigend op zijkapel met spitsbogige doorgang op halfzuilen; oksaal geeft door middel van twee spitsbogen uit op koor (westelijke koorzijde); originele, zwartmarmeren vloer. Oorspronkelijk mobilair circa het vierde kwart van de 19de eeuw vervangen door speciaal voor de nieuwe kerk ontworpen mobilair; in de jaren 1950-1960 moderniserings- en aanpassingswerken onder meer geluidsinstallatie, verlichting, verwijderen van neogotische stoffering en mobilair,...; huidige mobilair bewaard, doch niet in de kerk aanwezig, met uitzondering van het orgel uit 1905, door E. Kerkhoff (Brussel). In koorabsis muurschildering van het "Laatste avondmaal" naar ontwerp van pater J. De Bruyker.

Tijdens de tweede fase van de restauratie van 1990-1991 herinrichting van de kerk met aangrenzende lokalen als polyvalente ruimte met de noodzakelijke accomodatie; meubilair verwijderd, beperkte herstellingen en aanpassingen onder andere twee biechtstoelnissen in de oostelijke zijbeuk beglaasd, uitgevend op de kleine binnentuin tussen kerk en klooster, klankborden,...

Klooster. In U-vorm rondom pandhof geschikte kloostergebouwen van twee bouwlagen onder zadeldak (leien), eindigend op tuitgevels met getrapte en getuite dakkapellen, dakvenster aan de noordzijde met takel en laadluik; oorspronkelijk tevens een oostvleugel van één bouwlaag onder schilddak; uitbouwen aan noordelijke en zuideijke kloostervleugel, ten noorden rechthoekige poortdoorgang onder leien afdakje.

Verankerde, bakstenen volumes met verwerking van gesinterde baksteen; fraaie, smeedijzeren luchtroosters; houten kroonlijst. Getoogde vensters onder blind boogveld met arduinen dorpels en vernieuwd houtwerk met kleine roedeverdeling, op de begane grond overwegend gekoppeld; oculi in tuitgevels. Vanaf de jaren 1950, ten gevolge van organisatorische veranderingen, verschillende ruimtes vergroot, heringericht of bijgebouwd.

Tijdens de eerste fase van de restauratie van 1990-1991 omvormen van het klooster in een dienstencentrum: de kelderverdieping met troggewelfjes en bewaarde waterput ingericht als technische ruimte en archief; begane grond en eerste verdieping als kantoorruimte; de ruime zolders als vergader- en ontmoetingsruimte; de oorspronkelijke oostelijke kloostervleugel van één bouwlaag gedeeltelijk afgebroken tot een soort ruïne met hoofdinkom; ditzelfde motief bij de inrit aan de Vredestraat, zie de gelijkvormige opening, gekapt in de tuinmuur.

Ten gevolge van een verandering van de interne functie-indeling: deels een integratie van de brede kloostergangen in de kantoren, zie de originele houten binnendeuren, in andere vleugels de gangen met bakstenen troggewelven bewaard; het voormalige pandhof, bestemd als nieuwe circulatieruimte, overkoepeld namelijk een opmerkelijke piramideconstructie van glas en metaal gaande van nok tot nok en doorlopend in de nieuwe oostelijke voorgevel. Horizontale circulatie op de bovenverdieping via betonnen verbindingen met metalen buisleuning, de zolderverdieping van de westvleugel bereikbaar via een metalen loopbrug.

Op het pandhof verticaal accent door metalen trap met arduinen treden tegen een betonnen, cilindervormige structuur met roze bezetting waarin een panoramische lift en waartegen terracotta beeld "De hemelvaart van Maria" naar ontwerp van W. Pompe, afkomstig van het inmiddels verdwenen hoekhuis (Grote Markt/Patersstraat) zogenaamd "Den Engel"; neogotische preekstoel met inscriptie "Atelier Merkxplas 1908". Op zolderverdieping bewaarde grenen spanten met klinknagelverbinding, takelsysteem in noordvleugel.

Tuin, gelegen tussen parking en kloostergebouw, opnieuw aangelegd met behoud van een aantal oude elementen. Volgens een oud plan, vermoedelijk van het vierde kwart van de 19de eeuw, oorspronkelijk verdeeld in vijf deeltuinen, verdeeld over twee helften en van elkaar gescheiden door een grasrijke middenborder met begeleidende paden: zuidelijke tuinhelft ingedeeld in drie secties, beplant met gevarieerde fruitbomen en -tuinen; noordelijke helft verdeeld in een fruit- en siertuin waarvan het padenstelsel refereert aan een christelijke symboliek namelijk het doorstoken hart van Christus.

Hoofdstructuur van dit oorspronkelijk schema zoveel mogelijk hersteld in het huidig tuinplan: in het tuingedeelte ten oosten, tegen de muur aan de Vredestraat, parking ingeplant; vanuit de parking een oostwest-lopende voetgangersas naar het gebouw; dit gekasseid pad deelt de tuin in twee en is een compositie van fruitbomen, hagen en staalslakken; ten noorden siertuin met symbolische padenstelsel, met tuinpaviljoentje van zes knoestige, houten stammen onder rieten dak, vervallen serre; zuidelijke tuinhelft ingedeeld in tuin en boomgaard.

  • CARON L., DE NEEF G., VAN BAELEN J., e.a., Paterspand. Turnhout, Antwerpen-Brabant, 1991.
  • SCHELLEKENS J., Turnhout. De Hoofdstad van de Kempen, Zaltbommel, 1949, p. 129-131.
  • VERHOEVEN R., Turnhouts paterspand verbouwd tot modern kantorencomplex. Verzoening tussen oud en nieuw, in de Morgen, 6-6-1992.

Bron: De Sadeleer S. & Plomteux G. 1997: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Antwerpen, Arrondissement Turnhout, Kanton Turnhout,Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 16N1, Brussel - Turnhout.

Auteurs: De Sadeleer, Sibylle & Plomteux, Greet

Datum tekst: 1997

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Patersstraat

Patersstraat (Turnhout)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.