Landhuis Les Peupliers behoort tot de rond circa 1900 aangelegde villa’s met landschappelijk aangelegde tuinen, die na aanleg van de spoorlijn, als buitenverblijf in de omgeving van het station werden opgetrokken. De naam verwijst vermoedelijk naar de rij Italiaanse populieren die volgens een postkaart uit 1930 de tuin langs de zuidzijde afboorden.
Het landhuis werd gebouwd in 1876 door Joannes Franciscus Van Tichelen. Aanvankelijk noemde het dan ook Hof van Tichelen. De bouwheer liet met beperkte middelen een statig herenhuis optrekken door gebruik te maken van cementering voor decoratieve elementen in plaats van natuursteen. Nadat het oude gemeentehuis van Boechout verwoest werd in de Eerste Wereldoorlog, werd in 1921 het landhuis ingericht als gemeentehuis naar ontwerp van Jan Sel. Aan de achtergevel (zuid) werd in 1930 een uitbreiding gerealiseerd naar ontwerp van Karel Toen. Tot 1973 hield de functie als gemeentehuis stand. Tussen 1999 en 2015 waren de diensten van het OCMW hier ondergebracht.
Het rechthoekig landhuis werd gebouwd in neotraditionele stijl. De noordelijke voorgevel aan de Dr. Theo Tutsstraat telt vier traveeën en twee bouwlagen onder een licht hellend tentdak (kunstleien). Het bakstenen gebouw op een hardstenen plint wordt gekenmerkt door overvloedig gebruik van cementering voor speklagen, hoekstenen, architraaf en vensteromlijstingen. De linkertravee werd uitgebouwd tot vierkante toren van drie bouwlagen onder een licht hellend tentdak. Voor de rechtertravee is een terras met steektrap en smeedijzeren lantaarns uitgebouwd. De muuropeningen zijn steekboogvormig. In de uitbreiding van 1930 van één bouwlaag onder een plat dak, is een houten veranda verwerkt.
Het landhuis is gelegen in een 1,2 ha grote landschappelijke tuin, nu een openbaar parkje, heringericht vanaf 2001. Het park is genoemd naar de schilder, cartoonist en striptekenaar George van Raemdonck (1888-1966) die tegenover de villa woonde. Het kunstwerk aan de vijver, een ontwerp van François Blommaert, verwijst met de afbeelding van “Bulletje en Bonestaak” naar het werk van van Raemdonck. Het park is langs de voorzijde afgesloten door een smeedijzeren hek op een bakstenen plint. In de voortuin van het landhuis werd in 1948 een oorlogsmonument van de hand van beeldhouwer Leopold Van Esbroeck opgetrokken. Dit gedenkteken van de Tweede Wereldoorlog verhuisde in 2003 naar het Heuvelhof.
In het park staat naast het landhuis nog een jeugdlokaal en speeltuin ten zuiden en centraal een gemeentelijk magazijn. De niervormige vijver in het noorden is vermoedelijk nog een relict van de aanleg in landschappelijke stijl. Circa 1942 werd in de tuin een openluchttheater aangelegd waarvan nog restanten bewaard zijn. Het park bestaat heden uit afwisselend gazon en parkbosjes met een onderbegroeiing van overwegend rododendron. In het park staan nog een aantal beeldbepalende oudere bomen waaronder vijf gewone beuken, een treurbeuk, tamme kastanjes, zomereik, treures, gewone es, linde, Amerikaanse eik, slangenden en peer.
Auteurs: Wylleman, Linda; Michiels, Marijke
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Je kan deze tekst citeren als: Wylleman L. & Michiels M. 2025: Landhuis met tuin [online], https://id.erfgoed.net/teksten/445840 (geraadpleegd op ).
Rechthoekig landhuis gelegen in grote tuin afgesloten door smeedijzeren hek op bakstenen plint; met oorlogsmonument 1940-45 door Leopold Van Esbroeck in voortuin.
Aangekocht en naar ontwerp van Jan Sel ingericht als gemeentehuis in 1921. Aan achtergevel (in het zuiden) uitgebreid naar ontwerp van Karel Toen in 1930. Bleef tot 1966 in gebruik als gemeentehuis. Heden zijn hier nog enkele gemeentelijke diensten in ondergebracht.
Voorgevel in het noorden met vier traveeën en twee bouwlagen onder licht hellend tentdak (kunstleien), uit het eerste kwart van de 20ste eeuw (waarschijnlijk 1902). Bakstenen gebouw op arduinen plint met overvloedig gebruik van cementering voor speklagen, hoekstenen, architraaf en vensteromlijstingen. Linkertravee uitgebouwd tot vierkante "toren" van drie bouwlagen onder licht hellend tentdak. Terras met steektrap en smeedijzeren lantaarns voor de rechtertravee. Steekboogvormige muuropeningen. Aanbouwsel van 1930 tegen zuidgevel: één bouwlaag onder plat dak, waarin houten veranda.
Bron: PLOMTEUX G., STEYAERT R. & WYLLEMAN L. 1985: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Antwerpen, Arrondissement Antwerpen, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 10n1 (A-He), Brussel - Gent.
Auteurs: Wylleman, Linda
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Je kan deze tekst citeren als: Wylleman L. 1985: Landhuis Les Peupliers [online], https://id.erfgoed.net/teksten/12479 (geraadpleegd op ).