Neotraditioneel enkelhuis uit de tweede helft van de 19de eeuw, drie en twee traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak (mechanische pannen, nokrichting parallel aan de straat).
Bakstenen gebouw met uitspringende ingangstravee bekroond met puntgevel (vijf trappen) op schouderstukken waarin rechthoekig luik met rondboogvormig bovenlicht. Rechthoekige vensters met houten kruiskozijnen onder ontlastingsboog, op bovenverdieping in twee- of drielicht geplaatste kloosterkozijnen onder bakstenen ontlastingsbogen. Gesloopt circa 1980.
Bron: PLOMTEUX G., STEYAERT R. & WYLLEMAN L. 1985: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Antwerpen, Arrondissement Antwerpen, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 10n1 (A-He), Brussel - Gent.
Auteurs: Steyaert, Rita
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)