Domein Neromhof

inventaris landschappelijk erfgoed \ historische tuin of park

Locatie

Provincie Vlaams-Brabant
Gemeente Meise
Deelgemeente Wolvertem
Straat Papenboskant, De Biest, Ossegemstraat
Locatie De Biest 10, Ossegemstraat 163, Papenboskant 1A (Meise)

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Inventarisatie tuinen en parken in noordwestelijk Vlaams-Brabant (geografische inventarisatie: 1999 - 2011).
Toegankelijkheid Publiek toegankelijk

Juridische gevolgen

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Park in landschappelijke stijl van circa 9,5 hectare met vijver, aangelegd in een bosrijke omgeving bij een rond 1905 gebouwde cottage met neerhof; sporen van oudere aanleg; gemeentelijk openbaar park sinds 1977.

Het huidige park bij het Neromhof – genoemd naar het nabijgelegen gehucht Nerom – werd aangelegd bij het begin van de 20ste eeuw, toen dokter Karel Jacobs in de hoek tussen de Papenboskant en de Biest een grote cottage liet optrekken – de bakstenen benedenverdieping met erkers en drievoudige kruisvensters, de bovenverdieping in pseudovakwerk onder een samengesteld leien zadeldak, door rozenperken omringd, dankzij een vierkante hoektoren indrukwekkend genoeg om door de cartograaf die in 1909 de stafkaart bijwerkte als 'château' te worden aangemerkt. De boerderij naast de cottage was minstens even imposant: bijna gesloten, met een aan de cottage vastgebouwde koetshuisvleugel en een hoofdvleugel, die met zijn samengesteld leien schilddak en zijn dakruiter met uurwerk de kasteelallures van het complex versterkte. Dat doet ook het poortgebouw met de portiersloge aan de westrand van het domein: een baksteenbouw met arduinen negblokken, venster- en deuromlijstingen, een verdieping in pseudovakwerk onder een samengesteld leien schilddak en met twee torenachtige volumes die de ingang flankeren.

De cottage was geen lang leven beschoren; hij werd in september 1914 door de Duitsers platgebrand. Het neerhof en het poortgebouw bleven gespaard. Bij de heropbouw in de jaren 1920 werd dezelfde plattegrond aangehouden, maar toen het gebouw tijdens de Tweede Wereldoorlog opnieuw ernstig werd beschadigd, liet de toenmalige eigenaar, notaris Edmond Van Beneden het slopen en vervangen door het huidige landhuis: een ruime, gepleisterde en witgeschilderde villa van twee lage bouwlagen met een gebogen of, juister gezegd, dubbel geknikte plattegrond en grote, met rode tegelpannen bedekte daken. Het pseudovakwerk van de centrale puntgevel in de holte van het gebouw en de geprofileerde schoorstenen verwijzen nog vaag naar de cottagearchitectuur.

Bij de oorspronkelijke aanleg, aansluitend bij de boerderij, hoorde ook een langs drie zijden ommuurde moestuin van bijna 63 are – 3 m hoge muren langs de noordwest- en noordoostzijden, een muur van 1,70 m langs de zuidwestzijde. Talrijke spijkers getuigen van het leifruit dat ooit aan de muren was bevestigd; de lage muur wordt nog gedeeltelijk door leiperen bedekt. De huidige, vervallen serre wordt pas in 1949 door het kadaster geregistreerd, maar het ronde stenen bekken in het centrum van de tuin was ongetwijfeld van meet af aan aanwezig. Het domein omvatte twee boomgaarden, die in de aanleg in landschappelijke stijl verwerkt waren: een kleine ten zuidwesten van de moestuin en een grote langs de noordoostelijke rand van het domein. Een 350 m lange oprijlaan liep vanaf het poortgebouw noordoostwaarts op de cottage toe, de eerste 200 m kaarsrecht, om vervolgens een weidse bocht noordwaarts te beschrijven, onderdeel van een grote rotonde, die de bezoekers in staat stelde om een blik te werpen op het park.

Het grootste gedeelte van het domein bestond uit een park in landschappelijke stijl, bijna 9,5 hectare groot, dat grotendeels bewaard bleef. Het park wordt in het noordwesten begrensd door de Papenboskant(straat), in het zuidwesten door de in 1894 aangelegde buurtspoorweg Grimbergen-Londerzeel, in het noordoosten door de Biest(straat), in het zuidoosten door de landerijen langs de Neromstraat. Een landschappelijke vijver van één hectare met een eilandje en golvende oevers vormt het hoofdelement van de aanleg; de overloop in de noordelijke oever werd met rotswerk gecamoufleerd. De vijver ligt in het westen van het park, vlakbij de oprijlaan, en was zichtbaar niet alleen vanuit de cottage, maar ook vanuit het oostelijke, beboste gedeelte van het park dankzij een brede oost-westgerichte doorsteek in het bosmassief, die op de stafkaarten van 1909 en 1930 wordt afgebeeld. Deze vista is echter in de loop van de jaren door spontane opslag van bomen en struiken dichtgegroeid. Het bosgedeelte wordt ook in noord-zuidrichting door brede corridors doorkruist, zodat de cottage enkele keren in het gezicht komt vanaf de wandelweg die langs de zuidrand van het park loopt. Deze doorkijken zijn langs de randen opgesmukt met opvallende soorten als zilveresdoorn (Acer saccharinum), grauwe abeel (Populus canescens), Amerikaanse eik (Quercus rubra), treurbeuk en bruine beuk (Fagus sylvatica 'Pendula', F. s. 'Atropunicea'), Oostenrijkse den (Pinus nigra subsp. nigra),...

In de huidige beplanting kunnen verschillende generaties onderscheiden worden. Tot de oudste aanplantingen behoren de groepjes platanen (Platanus x hispanica), Noorse esdoorns (Acer platanoides) en hangende zilverlinden (Tilia petiolaris) ten westen van het Neromhof; diverse bomen in de onmiddellijke omgeving van de vijver – onder meer Corsicaanse den (Pinus nigra subsp. laricio), groepjes fijnspar (Picea abies), witte paardenkastanjes (Aesculus hippocastanum), bruine beuken (Fagus sylvatica 'Atropunicea'), Californische en hinokischijncipressen (Chamaecyparis lawsoniana, C. obtusa), uiteraard ook treurwilg (Salix alba 'Tristis') -; diverse rododendronmassieven (Rhododendron ponticum), enkele zomereiken (Quercus robur) en essen (Fraxinus excelsior) in de bosplantsoenen, twee steeliepen (Ulmus laevis) in de omgeving van het poortgebouw. De witte paardenkastanjes langs de oprijlaan, een trompetboom met geel blad (Catalpa bignonioides 'Aurea'), diverse rode paardenkastanjes (Aesculus x carnea) en vederesdoorns (Acer negundo) werden aangeplant in de wederopbouwperiode van de jaren 1920. De keermuurtjes in breukstenen en de trappen in flagstones van het talud ten zuiden van de villa wijzen op inspiratie door 'Nouveau Jardin pittoresque'-modellen uit het interbellum, die momenteel echter verdoezeld wordt door hoog opschietende krulwilgen (Salix matsudana 'Tortuosa'), fluweelbomen (Rhus typhina), buddleia's (Buddleia davidii) etc.

In 1976 werd de villa aangekocht door de v.z.w. 'Levedale', die woongelegenheid biedt aan volwassenen met een verstandelijke handicap. De rest van het domein was al een jaar eerder eigendom van de gemeente en werd als openbaar park ingericht. De nieuwe bestemming bracht onvermijdelijk nieuwe infrastructuur met zich mee (speeltuigen, visserskantine), nieuwe aanplantingen en recentelijk ook een 'geboortebos' met bomen die geplant worden naar aanleiding van een geboorte. In het park rond het Neromhof werden elementen uit een oudere aanleg opgenomen. Het bosplantsoen met de doorkijken en de oude eiken en essen waren overblijfselen van het zogenaamde Secretarisbos. Het oude landhuis Neromhof bevond zich aan de oostrand van het domein, dicht bij het kruispunt van de Neromstraat met de Biest. Op het einde van de 19de eeuw was het eigendom van Jacobs' schoonvader, burgemeester Louis-Chrétien T'Kint. Het werd bij de bouw van de cottage gesloopt, maar het huidige jeugdlokaal is nog een relict van de dienstvleugel. Op de stafkaart van 1892 wordt een sierbos of 'bosquet' van nagenoeg 1,5 hectare ten westen van het landhuis met rode spikkels weergegeven. Het werd ontsloten door een centraal ovaalvormig rondpad met uitstralende paden. De dubbele rij oude haagbeuken (Carpinus betulus) is wellicht een relict van een 'charmille' langs één van de paden.

Merkwaardige bomen (opnamen 6 en 12 juli 2007)
Het cijfer in vet geeft de stamomtrek in centimeters weer. De omtrek wordt standaard gemeten op 150cm hoogte.

  • 1. steeliep (Ulmus laevis) 284
  • 8. Corsicaanse den (Pinus nigra subsp. laricio) 361 (160)
  • 17. zomereik (Quercus robur) 395
  • 30. zomereik (Quercus robur) 332
  • 31. zomereik (Quercus robur) 301
  • 34. zilveresdoorn (Acer saccharinum) 371
  • 35. grauwe abeel (Populus canescens) 311
  • 42. zachte berk (Betula pubescens) 169/162
  • 52. zwarte els (Alnus glutinosa) 232
  • Kadaster Vlaams-Brabant, Kadastrale opmetingsschets Wolvertem 1907 nr. 3 en 1949 nr. 6.
  • Kadaster Vlaams-Brabant, Oudste kadastrale legger 212 Wolvertem, art. 595 nrs. 229-239 en art. 2695 nr. 21 en 74.
  • Kadaster Vlaams-Brabant, Oude kadastrale legger 212A Wolvertem, art. 3969 nrs. 3 en 9.
  • LEFÈFRE J., VERHASSELT L. & t'KINT J., Geschiedenis van Wolvertem, Uitgeverij Abdij Affligem, 1978, p. 457-458.

Bron: DENEEF, R., 2011. Historische tuinen en parken van Vlaanderen - Noordwestelijk Vlaams-Brabant: Affligem, Asse, Grimbergen, Kapelle-op-den-Bos, Londerzeel, Meise, Merchtem, Opwijk, Wemmel, Brussel: Vlaamse Overheid. Onroerend Erfgoed.

Auteurs: Deneef, Roger & Wijnant, Jo

Datum tekst: 2011

Relaties

maakt deel uit van Wolvertem

Wolvertem (Meise)

omvat Poortgebouw Neromhof

Ossegemstraat 163, Meise (Vlaams-Brabant)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.