Woning Van de Pas

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Antwerpen
Gemeente Mortsel
Deelgemeente Mortsel
Straat Dieseghemlei
Locatie Dieseghemlei 110, Mortsel (Antwerpen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Mortsel (actualisaties: 08-06-2007 - 08-06-2007).
  • Adrescontrole Mortsel (adrescontroles: 18-09-2007 - 18-09-2007).
  • Inventarisatie Mortsel (geografische inventarisatie: 01-01-1985 - 31-12-1985).
  • Synchronisatie onderzoeksproject Renaat Braem (1910-2001) (synchronisaties: 16-09-2010 - 31-10-2010).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Woning Van de Pas

Deze vaststelling is geldig sinds 05-10-2009. (Vaststellingsbesluit)

Beknopte karakterisering

Typologiewoonhuizen
Stijlmodernisme
Dateringna WO II
Betrokken personen

Beschrijving

Van het echtpaar Van de Pas, een gezin met jonge kinderen, krijgt Braem midden 1966 opdracht een kleine rijwoning te ontwerpen aan de Dieseghemlei in Mortsel. Deze straat maakt deel uit van de nieuwe verkaveling Diesegemhof, tussen de spoorlijn Antwerpen-Brussel, het vertakkingsspoor en de Krijgsbaan. Het plan van aanleg voor deze wijk voorziet hoofdzakelijk in groepsbebouwing, met telkens drie woningen onder één kap. Aanvankelijk hebben de opdrachtgevers een bouwgrond voor een driegevelwoning met garageaanbouw op het oog, waarvoor Braem ook een eerste schets maakt. Uiteindelijk wordt echter een ingesloten terrein van 7 m gevelbreedte aangekocht, met de tuin op het oosten. De stedenbouwkundige voorschriften laten een bouwdiepte van 9 m toe, met twee bouwlagen onder een zadeldak van 45°. Binnen dit beperkte volume ontwerpt Braem een onconventioneel woningtype, dat een open ruimtelijkheid probeert te verzoenen met een multifunctionele indeling, volgens de specifieke noden van zowel de ouders als de kinderen. Een eerste voorontwerp, dat reeds alle kenmerken van het definitieve concept omvat, ontstaat in oktober 1966. In tegenstelling tot de voorbereidende schetsen, die de structuur beperken tot een minimalistisch betonskelet, introduceert Braem vanaf dit stadium een monolithisch gevelscherm dat een abstract sculpturale intentie verraadt. De definitieve plannen, die in de loop van 1967 tot stand komen, met een aangepast gevelontwerp uit begin 1968, geven slechts aanleiding tot detailopmerkingen vanwege het gemeentebestuur. Nochtans maakt de woning Van de Pas een radicale breuk met beide aanpalende woningen, die ongeveer gelijktijdig worden ontworpen door de architecten Karel Dasseville en Luc Fornoville. De kroonlijst dient te worden ingekort, de achtergevel op gelijke hoogte gebracht met de voorgevel en de daklichten verkleind. Hoewel de werken in februari 1968 van start gaan en de bewoners rond de jaarwisseling hun intrek nemen, laat de afwerking nog tot midden 1970 op zich wachten.

In zijn eerste schetsen tekent Braem voor de woning Van de Pas een brutalistische vormgeving uit, met een kruisvormige rasterstructuur als voorgevel. Binnen een zuiver orthogonaal ritme speelt hij met het contrast tussen gebouchardeerd beton en baksteen, open en gesloten vlakken of wellicht kleuraccenten, waarbij een inspringend volume een toegangsportaal vormt. Dit concept maakt vanaf het voorontwerp plaats voor een meer organische benadering, in de vorm van een gevelscherm in glad wit beton, met een profiel dat in één vloeiende beweging doorloopt in de kroonlijst. Ook hier zoekt hij naar een evenwichtige vlakverdeling tussen horizontalen en verticalen, massa en transparantie, met het accent op het ellipsvormige venster van de woonkamer. Het is een toepassing van de superellips, de perfecte tussenvorm tussen een ellips en een rechthoek, eind jaren 1950 ontwikkeld door de Deense wiskundige en wetenschapper Piet Hein. In de eerste versie wordt het venster met baksteenmetselwerk in een rechthoekig veld geïntegreerd, in de definitieve versie wordt het rechtstreeks in de bekisting uitgespaard. Het gevelveld krijgt daarbij een grafische belijning met horizontale groeven die de vensterdorpels doortrekken. De functionele indeling vertrekt van het principe van de bel-etagewoning, met de hal en de garage op de begane grond, de leefruimte op de eerste en het slaapgedeelte op de tweede verdieping. Dankzij de introductie van een vide en een split level weet Braem binnen het beperkte volume in totaal vier niveaus te stapelen en zo optimaal gebruik te maken van de beschikbare ruimte. In het woonniveau, dat een eethoek met open keuken aan de straat en een lagere zithoek met een bakstenen open haard aan de tuin omvat, schept de vide een visuele en ruimtelijke eenheid met de eronder gelegen tuinkamer, achter de garage. De split level isoleert de ouderslaapkamer, de badkamer en de dressing aan de tuinzijde, zodat het volledige dakvolume vrij blijft voor de kinderkamer. Deze open duplex wordt door Braem opgevat als een polyvalente "kinderwoning", met speel- en slaapruimte onderaan en een "studeerzolder" op het tussenniveau. Waar hij het trappenhuis, dat alle niveaus met elkaar verbindt, in het voorontwerp open in het midden van de woning plaatst, wordt het in de definitieve plannen in een glazen koker tegen de gemene muur afgezonderd. Glaspartijen in gevel en bedaking maken de tuinzijde grotendeels transparant voor het ochtendlicht, terwijl het grote venster in de straatgevel het woonniveau ontsluit voor het avondlicht.

  • Archives d'Architecture Moderne, Archief Renaat Braem, Dossiernummer 172.
  • Stad Mortsel, Archief Technische Dienst, Bouwdossier 1967/0169.
  • Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed, Archief Renaat Braem, 413.

Bron: Braeken J. (ed.) 2010: Renaat Braem 1910-2001. Architect, Relicta Monografieën 6. Archeologie, Monumenten en Landschapsonderzoek in Vlaanderen, Brussel.

Auteurs: Braeken, Jo

Alle teksten

Relaties

maakt deel uit van Mortsel

Mortsel (Mortsel)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.