Teksten van Muizelmolen

Muizelmolen (2020)

De Muizelmolen is een stenen stellingmolen, gebouwd in 1840 op de plaats van een oudere houten molen. De molen kreeg de naam "Muizel" naar het gehucht van Hulste dat op de heuvelrug tussen de Leie en de Mandel ligt. Bij de molensite horen ook een molenaarshuis en diverse bedrijfsgebouwen.

Onderzoek van Denewet en Holemans toont aan dat Maria Josepha Vandaele op deze plaats een molen bouwt in 1799. De grenen aandrijfas van deze molen met daarin gegrift het jaartal "1799" en de naam van de eigenares, is bewaard gebleven in de huidige stenen molen. Uit naijver zou de buur, landbouwer Verhelle in 1817 de molen met toenmalige molenaar Joannes Verhelle in brand gestoken hebben. De vernielde molen werd daarop vervangen door een houten molen op een hoog gemetseld torenkot. De molen wordt weergegeven op een plan van 1817 opgemaakt door landmeter Verkest uit Wingene, alsook op een primitief kadasterplan van circa 1830 waarop een L-vormige woning te zien is aan de straatkant met daarachter de molen en een landgebouwtje. De molen is op dat moment eigendom van timmerman Pieter Jan Blanckaert. De molen gaat op 20 april 1840 in de vlammen op. Fransoo Despriet en Charles Verhelle bouwen de huidige Muizelmolen in 1840 als een olie- en graanmolen (korenmolen met twee steenkoppels) in opdracht van molenaar Joannes Baptiste Loncke, de zoon van Clement Loncke die molenaar is op de Walleghemmolen, een paar kilometer verder in de Ginstestraat. De nodige stenen worden naar verluidt gebakken uit de grond van de hoeve "Vrijleghem" (Vrijlegemstraat 2). Daarnaast wordt er eveneens Doornikse kalk en roggemeel gebruikt. Ondanks de bouw van de stenen molen is de gebouwenconfiguratie op de Atlas der Buurtwegen (1845) ongewijzigd gebleven ten opzichte van het primitief kadasterplan (circa 1830); de bouw van de stenen molen in 1840 werd ook niet geregistreerd in het kadaster.

Na verloop van tijd - vermoedelijk in het derde kwart van de 19de eeuw - laat Joannes Loncke een haverpletter installeren en een kollerganger voor het slaan van olie. In 1887 komt de molensite in het bezit van molenaar Leopold Eeckhout-Loncke die in datzelfde jaar een landgebouw optrekt aan de Muizelstraat. In 1891 bouwt men een bakhuis aan de kant van de Tombroekstraat. Tijdens de Eerste Wereldoorlog wordt een gedeelte van de kap weggeschoten. In 1933 breekt de molenaar het landgebouwtje dat reeds wordt weergegeven op het primitief kadasterplan af. In 1938 komt er een mechanische maalinstallatie en in 1939 laten molenaar Abias Tuytens en handelaar Marcel Tibergyn-Tuytens het landgebouw van 1887 aan de Muizelstraat vergroten en omvormen in het huidige magazijn.

De molen wordt grondig hersteld in 1963-1964; onder meer de stelling, vensters, vloeren en steenkisten worden vernieuwd. Deze herstellingen zijn naar verluidt onoordeelkundig uitgevoerd, aangezien in 1965 de ijzeren askop breekt. Om eventuele rampen te voorkomen, laat men op advies van molenbouwer Peel de wieken naar beneden zakken. In 1969-1970 herstelt men de molen waarbij molenbouwer Peel de molen voorziet van een drieënhalve ton zware ijzeren as van Nederlandse makelij. In 1974 wordt het bedrijf definitief stilgelegd door molenaar Abias Tuytens. De molen blijft via overerving eigendom van nazaten van de familie Loncke (Loncke > Eeckhout > Tuytens  > Descamps > Tibergyn) tot Paul Tibergyn de molen koopt in 1993 en hem in 1995 volledig maalvaardig restaureert. Sindsdien is de site opengesteld voor het publiek en ingericht als restaurant "De Muizelmolen".

De molensite bestaat uit molen, enkele magazijnen aan de Muizelstraat en een in 1951 herbouwde woning op de hoek met de Tombroekstraat met jaarsteen "ANNO 1951" op de zijgevel. De Muizelmolen is een stenen stellingmolen gebouwd op een kleine heuvel. De  bakstenen bovenkruier van vijf bouwlagen heeft een naar boven toe verjongende molenromp en is vervaardigd uit ruw baksteenmetselwerk, gemetst met kalkmortel van Doornikse kalk en roggemeel. Bovenaan de molenromp zijn de stellingaten nog aanwezig. Op de molenkap, net onder de askop, is een houten bord bevestigd met het opschrift "MUIZELMOLEN 1840 1995". Met anderskleurige baksteen is het jaartal "1840" in de molenromp gemetst en hetzelfde jaartal is ook op meerdere onderdelen ingegrift. Op de begane grond steekt een rondboogdeur en een getoogd venster. Op de benedenverdieping was eertijds ook een olieslagerij. Boven de rondboogvormige toegangsdeur staat een heiligenbeeldje van Sint-Jan of Sint-Victor in een kleine rondboognis met bekronend bakstenen kruisje . Daarboven de maalzolder met omgevende gaanderij in hout, toegankelijk via twee licht getoogde muuropeningen onder een druiplijst. Daarboven getoogde vensters zonder druiplijst en ramen met kleinhouten verdeling. De molenkap met leien rust op Engels kruiwerk dat in 1970 geïnstalleerd werd in plaats van het oorspronkelijke paternoster kruiwerk. De wieken hebben een spanwijdte van 25 meter. De molen werd op de steenzolder uitgerust als korenmolen met twee koppels stenen en een haverpletter. Op de kapzolder draagt de aandrijfas het jaartal "1799".

  • Kadasterarchief West-Vlaanderen te Brugge, 207: Mutatieschetsen, Hulste, 1887/2, 1891/16, 1933/2, 1939/5.
  • Provinciale Bibliotheek Tolhuis Brugge, Hulste. Iconografie. Beelden uit het verleden, Harelbeke-Bavikhove-Hulste-Stasegem, Harelbeke, 1978, p. 114, 127.
  • CORNILLY J. 2001, Monumentaal West-Vlaanderen. Beschermde monumenten en landschappen in de provincie West-Vlaanderen, Brugge. 2001, p. 53.
  • DE FLOU K., 1930, Woordenboek der toponymie van westelijk Vlaanderen, Vlaamsch Artesië, het land van den Hoek, de graafschappen Guines en Boulogne, en een gedeelte van het graafschap Ponthieu, Deel XI, Brugge.
  • DEVLIEGHER L. 1984: De molens in West-Vlaanderen, Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen , Lannoo, Tielt, p. 212-215.
  • MATTON A. 2000, De Muizelmolen, in Harelbeke Open Monumentendag 2000
  • De Muizelmolen in restauratie, in Harelbeke Open Monumentendag 11 september 1994, Harelbeke, 1994.
  • OPSOMER J., DECROIX L. 2006: Brouwerijen en herbergen Bavikhove-Hulste, in De Roede van Harelbeke (De Leiegouw), nummer 25, Harelbeke, p.154.
  • VANWALLEGHEM A., CREYF S. 2009: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Harelbeke, Deel I: Stad Harelbeke, Deel II: Deelgemeenten Bavikhove en Hulste, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen.
  • Onze molens. Water-, wind- en rosmolens in Harelbeke, Bavikhove, Hulste, Stasegem. Tentoonstelling Centrum Hulste 8/9 - 9/9/1990, Harelbeke, 1990, p. 30-38
  • Muizelmolenpad. Hulste-Harelbeke, Deerlijk, 1978.
  • De Muizelmolen te Hulste, in Werkgroep West-Vlaamse molens. Mededelingenblad, jaargang 4, 1988, p. 62-64.
  • De Muizelmolen te Hulste, in Curiosa, volume 44, 2006, nummer 437, p. 23-27.

Auteurs:  Creyf, Silvie, Lenaerts, Tom, Vanwalleghem, Aagje
Datum: 2020


Je kan deze pagina citeren als: Creyf, Silvie; Lenaerts, Tom; Vanwalleghem, Aagje: Muizelmolen [online], https://id.erfgoed.net/teksten/360589 (geraadpleegd op 14-06-2021)


Muizelmolen (2009)

Stenen stellingmolen van 1840, gebouwd op een heuvelrug tussen de Leie- en de Mandelvallei. De molen is genoemd naar het gehucht Muizel. Beschermd als monument bij B.S.G. van 14/04/1944.

Historiek

18de eeuw. In de 18de en in het begin van de 19de eeuw staat op de plaats van de huidige Muizelmolen een houten molen, die in brand zou zijn gestoken. De aandrijfas van deze molen, met het jaartal "1799", is bewaard gebleven in de huidige stenen molen.

19de eeuw. Een volgende molen wordt weergegeven op een plan van 1817 opgemaakt door landmeter Verkest uit Wingene; weergave van een houten molen op een bakstenen molenkot.

Weergave op het primitief kadasterplan (circa 1830) van een L-vormige woning aan de straatkant met daarachter de molen en een landgebouwtje. De molen is circa 1830 eigendom van timmerman Pieter Jan Blanckaert.

De huidige Muizelmolen wordt gebouwd in 1840 door Fransoo Despriet en Charles Verhelle als een olie- en graanmolen (korenmolen met twee steenkoppels). Molenaar in 1840 is Joannes Baptiste Loncke, zoon van Clement Loncke die molenaar is op de Walleghemmolen (Ginstestraat). De nodige stenen worden naar verluidt gebakken uit de grond van de hoeve "Vrijleghem" (Vrijlegemstraat 2), daarnaast wordt er Doornikse kalk en roggemeel gebruikt. Ondanks de bouw van de stenen molen is de gebouwenconfiguratie op de Atlas der Buurtwegen (1845) ongewijzigd gebleven ten opzichte van het primitief kadasterplan (circa 1830); de bouw van de stenen molen in 1840 wordt dus niet geregistreerd in het kadaster.

Na verloop van tijd - vermoedelijk in het derde kwart van de 19de eeuw - laat Joannes Loncke een haverpletter installeren en een kollerganger voor het slaan van olie. In 1887 komt de molensite in het bezit van molenaar Leopold Eeckhout-Loncke; in datzelfde jaar wordt er een landgebouw opgetrokken aan de Muizelstraat. In 1891 wordt er een bakhuis gebouwd aan de kant van de Tombroekstraat.

20ste eeuw. De molen blijft naar verluidt tot 1909 eigendom van de familie Loncke. Tijdens de Eerste Wereldoorlog wordt een gedeelte van de kap weggeschoten. In 1933 wordt het landgebouwtje dat reeds wordt weergegeven op het primitief kadasterplan (circa 1830) afgebroken. In 1938 komt er een mechanische maalinstallatie en in 1939 laten molenaar Abias Tuytens en handelaar Marcel Tibergyn-Tuytens het landgebouw van 1887 aan de Muizelstraat vergroten en omvormen in het huidige magazijn.

De molen wordt grondig hersteld in 1963-1964; onder meer de stelling, vensters, vloeren en steenkisten worden vernieuwd. Deze herstellingen worden echter slecht uitgevoerd, aangezien in 1965 de ijzeren askop breekt. Om eventuele rampen te voorkomen, laat men op advies van molenbouwer Peel de wieken naar beneden tuimelen zodat ze tegen de romp blijven hangen, daarna laat men de wieken naar beneden vallen. In 1969-1970 wordt de molen opnieuw hersteld; de werkploeg van Peel voorziet de molen weer van een ijzeren as van Hollandse makelij (3.500 kilogram). In 1974 wordt het bedrijf definitief stilgelegd; laatste molenaar is Abias Tuytens. In 1993 verkoopt Paul Tibergyn de molen en in 1995 wordt de molen volledig maalvaardig gerestaureerd. Sindsdien opengesteld voor het publiek en ingericht als cafetaria en restaurant "De Muizelmolen".

Beschrijving

Molensite bestaande uit een stenen stellingmolen, een in 1951 herbouwde woning (zie jaarsteen "ANNO 1951" in de zijgevel) op de hoek met de Tombroekstraat en enkele magazijnen aan de Muizelstraat. De Muizelmolen, een stenen stellingmolen gebouwd op een kleine heuvel. Bakstenen bovenkruier van vijf bouwlagen met een naar boven toe verjongende molenromp vervaardigd uit ruwe steen, Doornikse kalk en roggemeel. Stellinggaten bovenaan de molenromp. Houten bord met opschrift "MUIZELMOLEN 1840 1995" bevestigd op de molenkap, net onder de askop. Gemetst jaartal "1840" in de molenromp; éénzelfde jaartal is op meerdere onderdelen ingegrift. Rondboognis met bekronend bakstenen kruisje en beeld van Sint-Victor van Sint-Jan boven de rondboogvormige toegangsdeur. Licht getoogde muuropeningen, ter hoogte van de tweede bouwlaag onder druiplijst. Leien molenkap bedekt met ijzeren platen, zetel en paternoster. De wieken hebben een spanwijdte van 25 meter. Inrichting als korenmolen met twee koppels stenen en een haverpletter. De aandrijfas is gedateerd in "1799".

Magazijnen (20ste eeuws) aan de Muizelstraat, gelegen ten noorden van de Muizelmolen. Bakstenen magazijn aan noordzijde onder pannen schilddaken (nok evenwijdig met de straat). Bakstenen (vlas)schuur aan de zuidzijde onder zadeldak bedekt met pannen en golfplaten (nok loodrecht op de straat); zijgevel met ijzeren schuifpoort op hangrail, rechts daarvan deur met bovenliggend laadluik. Magazijnen met rechthoekige openingen onder betonnen lateien.

  • Archief Ruimtelijke Ordening West-Vlaanderen - Onroerend Erfgoed, Archiefnummer W/00632.
  • Kadasterarchief West-Vlaanderen te Brugge, 207: Mutatieschetsen, Hulste, 1887/2, 1891/16, 1933/2, 1939/5.
  • Provinciale Bibliotheek Tolhuis Brugge, Hulste. Iconografie. Beelden uit het verleden, Harelbeke-Bavikhove-Hulste-Stasegem, Harelbeke, 1978, p. 114, 127.
  • CORNILLY J., Monumentaal West-Vlaanderen. Beschermde monumenten en landschappen in de provincie West-Vlaanderen, Brugge. 2001, p. 53.
  • DE FLOU K., Woordenboek der toponymie van westelijk Vlaanderen, Vlaamsch Artesië, het land van den Hoek, de graafschappen Guines en Boulogne, en een gedeelte van het graafschap Ponthieu, Deel XI, Brugge, 1930, kolom 42.
  • De Muizelmolen in restauratie, in Harelbeke Open Monumentendag 11 september 1994, Harelbeke, 1994.
  • De Muizelmolen te Hulste, in Curiosa, volume 44, 2006, nummer 437, p. 23-27.
  • De Muizelmolen te Hulste, in Werkgroep West-Vlaamse molens. Mededelingenblad, jaargang 4, 1988, p. 62-64.
  • DEVLIEGHER L., De molens in West-Vlaanderen, Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, Tielt, 1984, p. 212-215.
  • Familiegeschiedenis Masureel, Wortegem-Petegem, 2001, p. 198, 273-275.
  • Harelbeke grafelijke stad, Harelbeke, 2003, p. 216.
  • MATTON A., De Muizelmolen, in Harelbeke Open Monumentendag 2000, Tijd, Harelbeke, 2000.
  • Monumentengids erfgoed Vlaanderen, Antwerpen, 2001, p. 332.
  • Muizelmolen in Hulste, in Werkgroep West-Vlaamse molens, jaargang 4, 1998, p. 6-7.
  • Muizelmolenpad. Hulste-Harelbeke, Deerlijk, 1978.
  • Onze molens. Water-, wind- en rosmolens in Harelbeke, Bavikhove, Hulste, Stasegem. Tentoonstelling. Centrum Hulste. 8/9 - 9/9/1990, Harelbeke, 1990, p. 58-58-67.
  • OPSOMER J., DECROIX L., Brouwerijen en herbergen Bavikhove-Hulste, in De Roede van Harelbeke (De Leiegouw), nummer 25, Harelbeke, 2006, p. 154.

Bron: Vanwalleghem A. & Creyf S. 2009: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Harelbeke, Deel I: Stad Harelbeke, Deel II: Deelgemeenten Bavikhove en Hulste, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL42, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs:  Creyf, Silvie, Vanwalleghem, Aagje
Datum: 2009


Je kan deze pagina citeren als: Creyf, Silvie; Vanwalleghem, Aagje: Muizelmolen [online], https://id.erfgoed.net/teksten/126559 (geraadpleegd op 14-06-2021)