Rijkswachtkazerne

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Koekelare
Deelgemeente Koekelare
Straat Oostmeetstraat
Locatie Oostmeetstraat 36, Koekelare (West-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Inventarisatie Koekelare (geografische inventarisatie: 01-10-2008 - 28-02-2010).

Juridische gevolgen

is beschermd als monument Rijkswachtkazerne

Deze bescherming is geldig sinds 05-03-2012.

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Rijkswachtkazerne

Deze vaststelling is geldig sinds 20-09-2010.

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Anno 2009 brandweerkazerne, post van de Civiele Bescherming (sinds 1996) en muziekacademie.

Geschiedenis van de site. In 1891 vraagt het lokale bestuur de oprichting van een rijkswachtbrigade in Koekelare aan, daar de brigade in Torhout te ver af was. In de eerste plaats wou men de 'hoge criminaliteit' in Koekelare en vooral dan in de Mokkerwijk beteugelen. Een groot aantal deserteurs en vagebonden gebruikte de Koekelaarse bossen als schuiloord en deed er aan wildstroperij (de dieren werden verkocht aan de Koekelaarse "kutsers" die ze op de markt van Oostende verkochten). In 1892 wordt de brigade, één wachtmeester en vier gendarmen te voet, officieel opgericht.

In afwachting van een nieuw te bouwen kazerne worden de rijkswachters gehuisvest in het huis "de Torre" of het huidige "Gasthof de hertog van Arenberg" (zie Moerestraat nr. 1).

De nieuwe kazerne waarin tevens de woning voor vier van de vijf gezinnen wordt gebouwd op gronden van het armenbestuur, de gemeente financiert en verhuurt aan de Rijkswacht. De kazerne naar ontwerp van architect Oscar De Breuck (Brugge, 1855-1929) wordt in 1893 betrokken (volgens het kadaster bouwjaar 1895). Achter de kazerne bevinden zich omhaagde tuinen voor de families van de gendarmes. Het voorstel voor een afsluitingsmuur aan de voorzijde wordt in 1895 door de Bestendige Deputatie afgewezen en er wordt ook een haag geplant.

Bij de ingebruikname van de gebouwen is er een lokale betoging van paupers tegen de Gendarmerie. Het imposante gebouw (vergelijk met de kleine werkmanshuisjes!) geeft aanleiding tot de wijknaam " ’t Fort", die echter na de Tweede Wereldoorlog in vergetelheid raakt.

Reeds voor de Eerste Wereldoorlog wordt het gebouw aangesloten op de lokale elektriciteitscentrale van Piers de Raveschoot (zie Moerewegel).

Tijdens de Eerste Wereldoorlog wordt het gebouw gebruikt door de bezetter als veldhospitaal en woonhuis voor officieren. Er wordt een rood kruis op het dak geschilderd.

In 1928 wordt een apart toilettengebouwtje opgetrokken met vijf 'vertrekken' en een waterplaats. Deze toiletten worden afgebroken bij de ingebruikname als brandweerkazerne (jaar niet gekend). In de jaren 1930 wordt het driehoekige fronton verwijderd. Na de Tweede Wereldoorlog komt er één rijkswachter bij. In de jaren 1960 komt er een drastische uitbreiding van het korps. In 1962 verhuizen de burelen en de woning van de brigadecommandant van de rijkswacht naar de Oostmeetstraat nr. 45, na enkele jaren worden ook die gebouwen te klein en in 1977 verhuist men naar de nieuwe rijkswachtgebouwen aan het Sint-Sebastiaansplein (zie Sint-Sebastiaansplein nr. 1). Het gebouw deed in de periode 1963-1974 dienst als gemeentehuis.

Beschrijving. Vrijstaande, imposante rijkswachtkazerne van circa 1893, eclectisch gebouw met inslag van de neorenaissance en het neoclassicisme. Rode baksteenbouw, gebruik van blauwe hardsteen voor lijstwerk en sierelementen. Symmetrische gevelopbouw: vijf traveeën en twee bouwlagen (verhoogde begane grond) onder hoog schilddak (leien), breed middenrisaliet van drie traveeën, oplopend in bijkomende halve verdieping en onder hoger schilddak (tot in de jaren 1930 bekroond met driehoekig fronton). Gootlijst op sierlijke klossen. Afwisseling van rechthoekige muuropeningen met geprofileerde aanzetsteen (kelder, begane grond, halve verdieping) en rondbogige muuropeningen (verdieping), onder de vensters gecementeerde spiegels. De muuropeningen van de begane grond en de verdieping zijn gevat in rondbogige traveenissen. De linker, de rechter en de centrale traveenis zijn hoger en met sluitstenen uitgewerkt, bijkomend zijn de vensters hier in een gecementeerde omlijsting gevat. Door deze traveenissen ontstaan muurdammen, die ter hoogte van de begane grond geaccentueerd worden door hun versmallend karakter tussen de sokkel en de verdieping. Horizontale geleding door de sokkelvormende begane grond en het lijstwerk. Tussen de begane grond en de verdieping band bestaande uit ruw bekapte blokken blauwe hardsteen en onder de vensters muurvakken uitgewerkt in overhoekse baksteen. Tussen de verdieping en de halve verdieping dezelfde bakstenen muurvakken. Op de verdieping, gecementeerde muurband. Het portaal is bereikbaar via een imposante blauwhardstenen trap, geflankeerd door voluutvormige, brede zijstukken, met links en rechts vlaggenmasten en rechts ijzeren leuning. Het portaal is verdiept in een steekboognis met geprofileerde aanzetstenen.

De zijgevels (twee traveeën) en de achtergevel zijn gelijkaardig opgevat. In de achtergevel, geen risalietvorming en geen ruw bekapte arduinen blokken, wel blinde centrale travee.

Grotendeels bewaard roodbeschilderd houtwerk met kruisindeling en grote roedeverdeling. Bij de rechthoekige muuropeningen volgt het houtwerk de geprofileerde aanzetstenen. Op de middenstijl, peenmotief en console. Portaal: grote roedeverdeling in zij- en bovenlichten, vernieuwde deur.

Het interieur is vrij eenvoudig opgevat. Cementtegelvloer in contrasterend motief, witgeschilderde, bepleisterde muren. In het portaal, herhaling van de consolemotieven van de verdiepte portaalnis buiten. Eenvoudige ingekokerde steektrap met blauwhardstenen aantrede, dwars op het portaal. Op de begane grond en op de verdieping een kruisvormige gang, langs deze gang toegang tot de diverse lokalen. Overal bewaarde paneeldeuren en deurlijsten. De gangen dwars op het portaal lopen uit op deuren waarboven een oculus. Via de trap kom je op de verdieping in een grotere hall met zuil op vierkante basis, deel uitmakend van de leuning (geprofileerde 'trapspijlen') voor het trapgat; composiet kapiteel. Muurkast en lange houten kapstok. Trap naar de zolder met mooie trappalen. Op de zolderverdieping zijn ook enkele ruimtes ingericht. Gebint met gekoppelde trekplanken, schaliebert.

Achter de rijkswachtkazerne, aansluitende brandweerloodsen uit het laatste kwart van de 20ste eeuw.

  • KADASTERARCHIEF WEST-VLAANDEREN, 207: Mutatieschetsen, Koekelare, 1896/5.
  • ARREN R., De rijkswacht te Koekelare 1892-1980. Een historische documentaire, met een inleiding door Raf Seys, in Coclariensia. Jaarboek, jg. 2, Koekelare, 1980.
  • LOOTENS J.-M., De Koekelaarse elektriciteitsregie, in Coclariensia, Jaarboek, 1997, p. 9-34.
  • Open monumentendag 2008, 14 september, p. 1, 5 (brochure van de Spaenhiers vzw).
  • SEYS R., Koekelare, gisteren en op de drempel van morgen. Een verzameling foto's, prentkaarten en tekeningen, met beknopte historische en andere toelichtingen, Sint-Niklaas, 1987, p. 52 (iconografie).

Bron: Vanneste P. & Baert S. met medewerking van Boone B., Creyf S. & Vranckx M. 2010: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West- Vlaanderen, Gemeente Koekelare met deelgemeenten Bovekerke en Zande, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL46, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Vanneste, Pol

Relaties

maakt deel uit van Oostmeetstraat

Oostmeetstraat (Koekelare)

is gerelateerd aan Rijkswachtkazerne van 1977-1979

St.-Sebastiaansplein 1, 2-8, Koekelare (West-Vlaanderen)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.