erfgoedobject

Pakhuis Vlaanderen

bouwkundig element
ID: 209285   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/209285

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Pakhuis Vlaanderen
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Op de hoek van de Waalsekaai en de Vervierstraat staat het monumentale Pakhuis Vlaanderen. Dit pakhuis werd in 1911 ontworpen door architect Frans Van Dijck in opdracht van de N.V. Blauwhoedenveem uit Amsterdam. De Antwerpse aannemers Hargot en Somers, gespecialiseerd in gewapend beton volgens het Hennebiquesysteem, voerden de werken uit. Het pakhuis werd gebruikt voor de opslag van onder meer glaswerk, cacao, katoenolie, cocosvet, haar, maïsolie en nootmuskaat. In 1968 werden er twee koelruimtes, een machinekameren een bananenrijperij ingericht. Na het dempen van de Zuiderdokken, verloor het gebouw de originele functie. Na een tijd gebruikt te zijn geweest als kantoorgebouw en kunstgalerij, werd het in 1986 herbestemd als Provinciaal Museum voor Fotografie. Het museum werd in 2004 heropend na uitgebreide verbouwingswerken en uitbreiding met een nieuwbouw naar een ontwerp van architect Georges Baines in samenwerking met architect Patrick De Sterck. Het begin-20ste-eeuwse pakhuis vormt nu de voorbouw van het nieuwe complex van in totaal 1.000 m². Het pakhuis Vlaanderen vormt door zijn omvang, bouwstijl en herbestemming binnen de culturele sector, een uitstekend voorbeeld van de architectuur die het gebied rond de Zuiderdokken typeert.

Het pakhuis dat rond 1911 werd gebouwd beslaat een oppervlakte van 640 m². Het is een gebouw met een structuur in gewapend beton en telt boven de kelderverdieping zes bouwlagen onder een plat dak met centraal een deels beglaasd zaagtanddak. De torens die het gebouw accentueren zijn louter decoratief en vormen tevens een kenmerk van de pakhuizen die rond die periode langs de Waalsekaai werden opgetrokken. Het pakhuis Vlaanderen is één van de oudste pakhuizen waarvoor gewapend beton werd gebruikt; het blijkt tevens een vroeg voorbeeld van een gebouw waarvan de buitenmuren geen dragende functie meer hebben. Elke verdieping bestaat uit een grote open ruimte, gedragen door kolommen. Aan de zijde van de Verviersstraat zijn een aantal ruimtes afgescheiden voor onder meer kantoren, gereedschap en magazijnier.

De lijstgevels langs Waalsekaai en Verviersstraat werden op dezelfde manier ingedeeld en vormgegeven. Voor het parement koos men rode baksteen met gele bakstenen banden, op een hardstenen plint met bossage; Hardsteen werd tevens gebruikt voor de tussen- en bovendorpels van de muuropeningen op de begane grond, voor de lekdrempels van de bovenvensters en voor de brede kordonlijst die een duidelijk scheiding trekt tussen de twee beneden- en vier bovenverdiepingen. De muuropeningen op de eerste en tweede bouwlaag zijn rechthoekig; de bovenvensters zijn segmentbogig; de mezzanino wordt verlicht door oeils-de-boeuf. De gevels zijn verticaal geritmeerd: de deurtraveeën worden geaccentueerd door torens onder puntdak, de venstertraveeën zijn gevat in rondbogige verdiepte muurvelden. Op de hoek wordt de tweede bouwlaag geaccentueerd door een grote afgeronde erker, wellicht voor het bureel van de directie, aangezien de kantoren op deze verdieping waren gevestigd.

  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossiers, 1911 # 71.
  • HUYBRECHS J. 1994: Frans Van Dijk. Architect te Antwerpen. 1853-1939, Antwerpen, 131-132.

Bron     : -
Auteurs :  Hooft, Elise
Datum  : 2012


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Pakhuis Vlaanderen [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/209285 (Geraadpleegd op 16-09-2019)