erfgoedobject

Flatgebouw in naoorlogs modernisme

bouwkundig element
ID: 213678   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/213678

Juridische gevolgen

Beschrijving

Flatgebouw in naoorlogs modernisme op de hoek met de Markgravelei, een vastgoedproject van nv R.A.P. naar een ontwerp van de architecten J. Meyers en L. Pennartz uit 1972. Voor de bouw werd een winkelpand in beaux-artsstijl gesloopt, een ontwerp van Vincent Cols en Jules De Roeck uit 1921 in opdracht van Henri Van Langendonck. Van dit complex dat oorspronkelijk uit twee gekoppelde winkelhuizen bestond, is het linkerpand nog bewaard (Markgravelei 145, Antwerpen). In het hoekpand was sinds de bouw in 1922 een apotheek gevestigd. Een latere uitbater, apotheker Maurice Gemoets (1910-1950) ontwikkelde hier omstreeks 1950 de populaire pijnstiller Poeders Dr. Mann. Het nieuwbouwcomplex, opgetrokken door aannemer Leo Geens uit Olen, omvatte opnieuw een apotheek destijds in combinatie met een opticien op de begane grond, flats op de zes bovenverdiepingen, en een kinderspeelkamer op de dakverdieping. De eerste twee bouwlagen werden grondig verbouwd in 1996: de flat op de eerste verdieping werd in de vernieuwde winkelruimte geïncorporeerd, nu met een beglaasde winkelpui over twee niveaus, uitgebreid met een voorportaal.

Het flatgebouw doorbreekt met twee verdiepingen de hoogtelijn van de oudste bouwblokken van de Jan Van Rijswijcklaan, en is in die zin medeplichtig aan de verstoring van het oorspronkelijke straatbeeld. Met een radicaal eigentijdse vormgeving ondersteund door vernieuwend materiaalgebruik, onderscheidt de architectuur zich echter kwalitatief van de conventionele, veeleer banale naoorlogse appartementsgebouwen in dit gedeelte van de Jan Van Rijswijcklaan. De structuur deelt het gebouw op in een beglaasde pui vandaag met entresol, oorspronkelijk zes en vandaag nog vijf identieke verdiepingen met een regelmatige vensterindeling, afgewerkt door de daklijst, en een terugwijkend dakpaviljoen. Belangrijkste kenmerk van de architectuur is de combinatie van een zichtbaar betonskelet in glad zwart beton, met geprefabriceerde raamelementen in wit polyester, die door hun reliëf, kleurcontrast en repetitief ritme de rasterstructuur beklemtonen. Voor de pui werd zwart graniet en aluminium schrijnwerk toegepast, voor de invulling van de blinde muurpartijen zwarte baksteen, en voor het schrijnwerk van de vierkante bovenvensters wit PVC. Naar analogie met het oorspronkelijke hoekpand is de hoekpenant afgeschuind, wat de strakke orthogonaliteit van het volume tempert.

Met uitzondering van het privéportaal beslaat de apotheek, waarvan het interieur volledig werd verbouwd, de volledige benedenbouw. De plattegrond van de flats, één per verdieping, biedt ruimte aan een woonkamer, een keuken, twee slaapkamers en een badkamer.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 18#54826 en 86#961099, 1921#11997.

Bron     : Braeken J. & Hooft E. 2011: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Antwerpen, Stad Antwerpen: Jan Van Rijswijcklaan, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen ANT3, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs : Braeken, Jo
Datum  : 2011


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Flatgebouw in naoorlogs modernisme [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/213678 (Geraadpleegd op 24-06-2019)