erfgoedobject

Burgerhuis in beaux-artsstijl

bouwkundig element
ID: 214745   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/214745

Juridische gevolgen

Beschrijving

Burgerhuis in beaux-artsstijl gebouwd in opdracht van Alice Van der Straeten-Liger, naar een ontwerp door de architecten Joseph Hertogs en Gerard De Ridder uit 1928. De opdrachtgeefster was de schoondochter van de Antwerpse aannemer Jean Van der Straeten, die zelf de bouwwerken voor zijn rekening nam. De voorname rijwoning met een gevelbreedte van drie traveeën, telt drie bouwlagen onder een pseudo-mansarde (koper). Het eerst ingediende ontwerp uit april 1928, werd in juli van dat jaar vervangen door een tweede, licht vereenvoudigde versie.

De woning Van der Straeten-Liger behoort tot de eerste gezamenlijke ontwerpen van Hertogs en De Ridder, die zich vermoedelijk begin 1928 hadden geassocieerd. Voor Hertogs, de huisarchitect van de Antwerpse beau-monde en de zakenwereld die in 1930 zou overlijden, betekende de associatie het sluitstuk van zijn rijk gevulde loopbaan. Pas vanaf 1933 zette de jongere De Ridder, wiens carrière ook al omstreeks 1905 van start was gegaan, het architectenbureau in eigen naam verder. Tot hun belangrijkste realisaties behoren het verdwenen kantoorgebouw van de Agence Maritime Internationale op de Meir, het appartementsgebouw “Résidence du Nouveau Parc” in de Eglantierlaan, en de Cercle Royal Artistique, Littéraire et Scientifique d'Anvers (huidige Arenbergschouwburg) in de Arenbergstraat, alle ontworpen in 1928-1929. De statige beaux-artsstijl die deze gebouwen kenmerkt, is afgeleid van klassiek geïnspireerde late werk van Hertogs, uit de periode kort vóór en na de Eerste Wereldoorlog.

De lijstgevel is opgetrokken uit rood baksteenmetselwerk in kruisverband, met overvloedig gebruik van natuursteen voor de pui, de bow-window en het hoofdgestel. De gevelbrede bow-window, geritmeerd door Ionische pilasters en bekroond door een smeedijzeren balkon, legt de klemtoon op de bel-etage. Waar de gedrongen pui met ongelijke korfboogopeningen als sokkel fungeert, volgt de ordonnantie van de bovenbouw een regelmatig schema, doorgetrokken tot in de mansarde. In het eerste gevelontwerp werd deze laatste aan het zicht onttrokken door een attiekbalustrade. Opvallend decoratief is het smeedwerk, ontleend aan 18de-eeuwse patronen. Het houten schrijnwerk van de deuren en vensters, oorspronkelijk met kleine roedeverdeling op de bel-etage, is vernieuwd.

De plattegrond beantwoordt aan de typologie van de bel-etagewoning, gericht op een welstellende levensstijl met inwonend personeel. Volgens de bouwplannen biedt de begane grond ruimte aan de inkom- en traphal met vestiaire, de garage en de keuken met keukenlift. De bel-etage wordt ingenomen door de enfilade van het salon, de centrale traphal met bovenlicht, de eetkamer met office en de wintertuin. Op de tweede verdieping bevinden zich twee slaapkamers met badkamer, dressing en 'cabinet de toilette', en op de mansarde de kinderkamer met dubbele badkamer, de logeerkamer, twee meidenkamers en de zolder. Een spiltrap tegen de achtergevel verzekert de dienstcirculatie tussen de kelder en de tweede verdieping.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1928#30106, 1928#31016 en 1929#33702.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2012


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Burgerhuis in beaux-artsstijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/214745 (Geraadpleegd op 24-08-2019)