erfgoedobject

Commandobunker Civiele Bescherming

bouwkundig element
ID: 214773   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/214773

Juridische gevolgen

Beschrijving

Deze massieve, betonnen commandobunker is gelegen middenin het complex met sociale woningen op het bouwblok tussen de Kloosterstraat, Prekersstraat, Willem Lepelstraat en Van Craesbeeckstraat. De constructie dateert uit de periode na de Tweede Wereldoorlog, gekenmerkt door de politieke spanningen tussen oost en west. Ter bescherming van de burgerbevolking tegen nucleaire, bacteriologische of chemische aanvallen, bouwde het korps Civiele Bescherming van de provincie Antwerpen, gewest 11, kort na 1948 een commandobunker in gewapend beton tussen de bebouwing van de toenmalige Prekerkazerne. Vanuit deze verdoken tussen de bestaande bebouwing opgestelde bunker zou de civiele bescherming in tijden van nood haar werking coördineren. De bunker bleef vermoedelijk in gebruik tot in de jaren 1970. Sinds de sloop van het grootste deel van de oorspronkelijke bebouwing voor de oprichting van een sociaal woningcomplex in de jaren 1970, lag de commandobunker de voorbije decennia minder 'verstopt'. De bunker werd nooit ontruimd en bevindt zich anno 2012 in de toestand waarin hij verlaten werd. De achtergelaten objecten, documenten, installaties en meubilair, maken het mogelijk de werking te reconstrueren.

De bunker heeft een rechthoekige plattegrond van circa 31 op 16 meter met aan de noord- en zuidzijde een overkragende dakplaat. Aan de zuidzijde bevindt zich de toegang, aan de noordzijde is er een uitbouw waar de nooduitgang voorzien werd. Zware gepantserde deuren maken het mogelijk de bunker volledig van de buitenwereld af te sluiten. Centraal in de bunker bevindt zich een commandozaal, waarrond zich een aantal vertrekken situeren met ondersteunende of faciliterende functies. Cruciale ruimtes worden met stalen deuren van elkaar gescheiden. Via schakelborden werden sirenes die de bevolking van naderend onheil moesten verwittigen geactiveerd. Met een eigen telefooncentrale en waarschijnlijk ook eigen radiocommunicatie, werd verbinding gehouden met andere eenheden en hulpdiensten. Luchtfilters, noodstroomvoorziening en voorraden, zorgden ervoor dat de commandobunker enige tijd autonoom kon functioneren. Op een kaartwand kon ontvangen informatie worden aangebracht en geëvalueerd en verdere acties gecoördineerd en opgevolgd.


Bron     : -
Auteurs : Troupin, Georges
Datum  : 2012


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Commandobunker Civiele Bescherming [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/214773 (Geraadpleegd op 27-05-2019)