erfgoedobject

Villa in cottagestijl

bouwkundig element
ID: 215109   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/215109

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Villa in cottagestijl
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Villa in cottagestijl gebouwd in opdracht van de jurist John Drory, doctor in de Rechten, naar een ontwerp door de architecten Florent Vaes en Joan Coninck Westenberg uit 1912. Zij tekenden in 1913, jaar waarin het landhuis werd voltooid, ook voor het ontwerp van de stallingen en het voortuinhek. De villa Drory behoort tot de zeldzame voorbeelden van Engels geïnspireerde cottagearchitectuur uit de ontstaansfase van de Nieuw-Parkwijk "Den Brandt" vóór de Eerste Wereldoorlog. Het merendeel van de landhuizen die hier in deze periode tot stand kwamen, was schatplichtig aan de Franse beaux-artsstijl, met als meest opvallende voorbeeld het "Acaciahof" aan de Acacialaan. In dat opzicht loopt de villa Drory vooruit op de evolutie die de wijk tijdens de vroege jaren 1920 zou ondergaan, periode waarin de cottagevilla vooral door toedoen van de architecten Leopold De Coninck en Maurice Potié het straatbeeld ging bepalen. Opmerkelijk in dit verband is dat de bouwvergunning aanvankelijk werd geweigerd wegens het verbod op een “façade en pans de bois”. Oordelend dat een volledig verbod op het gebruik van houtbouw "serait condamner le style des villas si estimé des Anglais", verleende het stadsbestuur uiteindelijk toch zijn goedkeuring.

De schoonbroers Florent Vaes en Joan Coninck Westenberg waren vóór de Eerste Wereldoorlog gedurende een vijftal jaar geassocieerd in een gezamenlijke praktijk, die een kantoor aan de Bosmanslei deelde met vader Richard Vaes. De pittoreske architectuur onder invloed van de Engelse 'Old English'-stijl, die traditionele en regionalistische stijlkenmerken koppelt aan een op huiselijkheid gerichte vernieuwing van de wooncultuur, is één van de hoofdstromingen in het werk van de jonge Vaes en Westenberg, naast het meer klassieke beaux-arts-burgerhuis. Vergelijkbaar met villa Drory zijn de huizen Marsily, Magée en Van der Groen in de Bosmanslei en de Van Putlei. Na de Eerste Wereldoorlog gingen beiden hun eigen weg. Vaes bracht in de loop van de jaren 1920 vijf villa's tot stand in de Nieuw-Parkwijk "Den Brandt", met als meest opmerkelijke de villa Samuels aan de Acacialaan en de verdwenen villa Van Cauteren op de hoek van de Della Faillelaan en de Olmenlaan. Coninck Westenberg realiseerde hier tijdens het interbellum een zestal landhuizen, waarvan de belangrijkste, de villa Sels aan de Della Faillelaan en de villa Wouters aan de Sorbenlaan, verdwenen zijn.

Vrijstaand ingeplant in de diepte van het perceel, op een rechthoekige plattegrond van drie bij drie traveeën, omvat het gebouw twee bouwlagen onder een complex zadeldak, met een geknikt beloop aan de tuinzijde. De constructie is opgetrokken uit rood baksteenmetselwerk in kruisverband, met contrasterend gebruik van witte natuursteen voor het portaal, de kozijnen, kraag- en dekstenen, en rode leipannen voor de dakbedekking. Met een robuuste volumetrie en axiale opbouw, berust het cottagekarakter vooral op het dominante, overkragende dakvolume met hoog oprijzende schoorstenen, en de brede nagenoeg blinde puntgevel met houten beplanking en windborden, die de voorgevel bekroont. Volkomen symmetrisch van opzet legt de compositie van de voorgevel de klemtoon op de middenas met het portaal. Dit laatste wordt gemarkeerd door een boogluifel op Ionische zuiltjes, terwijl hogerop een in het gevelvlak ingesneden, tweeledige bow-window oploopt tot tegen de puntgevel. Brede bow-windows en kozijnen met kruismonelen flankeren de portaalas; bewerkte, voluutvormige kraagstenen en postamenten markeren de hoeken. In de westelijke zijgevel bekroont een overkragende puntgevel uit houten stijl- en regelwerk, met baksteenvullingen in keperverband, de apsis van de hal. De erkervormige 'inglenook' van de eetkamer en het diensttrappenhuis tekenen zich af in de oostelijke zijgevel. Het houten schrijnwerk van de inkomdeur en de vensters met loodglas is bewaard, evenals het smeedijzeren voortuinhek, waarvan de poorten werden vernieuwd.

De plattegrond is volgens de bouwplannen georganiseerd rond de ruime hal met open trap, die de kern van de villa uitmaakt. Daarmee wijkt de villa Drory af van het gangbare patroon van de burgerwoning, met de klassieke enfilade van ontvangstvertrekken, zoals in de tegenoverliggende villa Wargenau door Willie Pijl uit hetzelfde jaar. De dienstlokalen sluiten in entresolniveau aan op de diensttrap. Aan de westzijde van de centrale vestibule vormt de hal één doorlopende suite met het salon, dat de straatzijde inneemt. Een overdekt terras in de vorm van een pergola en een wintertuin, vormen aan de zuidzijde de overgang van salon en hal naar de tuin. Als pendant bevindt de eetkamer, met een open haard in de typische vorm van een ‘inglenook’, zich aan de oostzijde van de vestibule; diensttrap, office, dienstportaal en keuken strekken zich in het verlengde van de eetkamer uit. Van de bovenverdieping en het dakniveau ontbreekt de plattegrond in het bouwdossier: vermoedelijk beslaan slaapkamers en badkamer de eerste verdieping, gasten- en meidenkamers het dakniveau.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1912#2062, 1913#3097, 1913#3886 en 1913#4943.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2014


Relaties

  • Is deel van
    Hagedoornlaan
    Hagedoornlaan, Hagedoornlaan (Antwerpen)

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Villa in cottagestijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/215109 (Geraadpleegd op 23-09-2019)