erfgoedobject

Noorse Zeemanskerk

bouwkundig element
ID: 215268   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/215268

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Noorse Zeemanskerk
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

De "Norsk Sjømandskirke" of "Betlehemskirken" (zie opschrift), ingewijd op 3 augustus 1870, geldt als de oudste nog dienstdoende zeemanskerk ter wereld. De Noorse Zeemanskerk is vandaag één van de drie nog actieve, pastorale zeemansmissies in Antwerpen, naast het "Antwerp Seafarer's Centre", en de Finse Zeemanskerk, beide eveneens gelegen op de Italiëlei.

Historiek

Sinds haar stichting door Den Norske Sjømandsmission (Noorse Zeemansmissie) uit Bergen in 1865, verleende de Evangelisch-Lutherse kerk van Antwerpen, met Sigvald Skavlan als eerste pastor, morele en religieuze bijstand aan Noorse zeelui op doortocht in de haven. De Noorse Zeemanskerk maakte deel uit van een netwerk van missievestigingen van de Noorse staatskerk, dat vanaf deze periode havensteden met een belangrijke handelstrafiek op Noorwegen verbond, zoals Antwerpen, Rotterdam, Hamburg en Piraeus. In 1868 werd een grondstuk aangekocht op de hoek van de Zwedenstraat en de pas aangelegde Italiëlei, waarop in 1869-1870 de kleine neogotische kerk verrees. Architect Charles Dens tekende in 1869 het ontwerp van de kerk, als bouwheer traden vier leden van de bouwcommissie op, Adolf Schleicher, J.G. Simers, Antoine Lund en H. Brodahl, en de aannemer was Joseph Lefebvre. Op 26 december 1869 vond de eerstesteenlegging plaats door de Zweeds-Noorse consul Berg, en op 3 augustus 1870 volgde de plechtige inhuldiging. De uitbreiding van het complex tot zijn huidige omvang, kwam zestig jaar later tot stand naar aanleiding van het graven van de Waaslandtunnel, infrastructuurwerken waarvoor grote delen van het bouwblok rond de Noorse Zeemanskerk dienden te verdwijnen. Na aankoop van een aanpalend perceel met stallen en werkhuizen, realiseerde de architect Adolphe Van Coppernolle hier in 1928-1929 een missiegebouw in traditionalistische stijl. In overeenstemming met de verruimde sociale en culturele opdracht van het pastoraal, bood het programma ruimte aan een grote leeszaal, een schrijfkamer en een keuken, naast een raadzaal voor de gemeente, en twee appartementen vermoedelijk voor de huisbewaarder en de pastor of predikant. Als onderdeel van het bouwproject werd ook de oorspronkelijke kerktoren met leien spits vervangen door een grotere campanile, meer in verhouding tot de nieuwe omvang van de gebouwen. Na de vergroting van de Grote Tunnelplaats omstreeks 1950, bedoeld om de toegang tot de Waaslandtunnel te verbeteren, kwam het tot dan halfopen ingeplant complex door afbraak van de resterende aanpalende bebouwing volledig vrij te staan. Daarop vervolledigde Richard Fontaine, een ingenieur van de scheepswerf Mercantile Marine Engineering & Graving Docks Company, het missiegebouw in 1951-1952 met een nieuw gevelfront, dat voortaan als hoofdportaal fungeerde. Als gevolg daarvan diende de oriëntatie van de oude kerk te worden gekeerd, een ingreep die gepaard ging met de herinrichting van het interieur naar een ontwerp door de architect Cor Peeters. Portaal en doksaal werden verplaatst naar het vroegere koor, en omgekeerd kreeg het altaar een nieuwe opstelling tegen het oorspronkelijke hoofdportaal. Tijdens deze campagne of wellicht ook later werd de ondiepe derde verdieping van het missiegebouw over de volledige oppervlakte uitgebreid.

Architectuur

Neogotische kerk

De Noorse Zeemanskerk is een eenvoudige kerk in neogotische stijl van 1869-1870, opgetrokken uit baksteenmetselwerk met schaarse verwerking van arduin en natuursteen, onder een leien bedaking. Waar de oorspronkelijk symmetrische opstand van het gebouw een driebeukige basilicale kerk doet vermoeden, gaat het in wezen om een eenbeukige zaalkerk. De plattegrond beschrijft een schip van vier traveeën, en een driezijdig afgesloten koor van één travee, onder een doorlopend zadeldak. Ogenschijnlijk opgezet als zijbeuken van drie traveeën onder lessenaarsdaken, herbergden de flankerende volumes afgesloten berg- of dienstruimten. Waar de klokkentoren aan de oostzijde in de oksel van portaaltravee en zijbeuk is ingeplant, leunt de trapkoker van het doksaal tegen de westzijde van de portaaltravee aan. Op te merken valt dat het ontwerp in spiegelbeeld was opgemaakt. De oostelijke zijbeuk werd gesloopt tijdens de uitbreidingscampagne van 1928-1929, die ook de nieuwe campanile toevoegde. Van deze ingreep dateren ook de spitsboogvensters in de oostwand van het schip, die de kleinere oculi vervangen. Oorspronkelijk kleiner van plattegrond en bouwhoogte, telde de oude klokkentoren drie geledingen, met galmgaten in de bovenste, en een polygonale spits.

De architectuur van het kerkgebouw wordt in zijn algemeenheid gekenmerkt door gelede steunberen, schouderstukken, spitsboogvensters onder een gemetselde waterlijst in de noordgevel, de zijbeuken en het koor, en ronde oculi in het schip. Gemarkeerd door het voormalige hoofdportaal heeft de noordelijke puntgevel getrapte lisenen als beëindiging. Het gelede spitsboogportaal op composiete colonnettes, is gevat in een later afgetopt risaliet, oorspronkelijk met een kruis al bekroning. Versierd met blind maaswerk, draagt het boogveld de inscriptie "Norsk Sjømandskirke – Eglise Norvegienne – Betlehemkirken", vergezeld van Psalm 121 vers 8: "Herren velsigne din Indgang og din Udgang" (De Heere zal bewaken Uw uitgang en Uw ingang). De oude houten inkomdeur met smeedijzeren beslag is bewaard; van het grote spitsboogvenster boven het portaal werd het maaswerk verwijderd voor de plaatsing van het nieuwe glas-in-loodraam.

Naar Lutherse traditie eenvoudig bepleisterd en witgeschilderd, wordt het interieur overwelfd door een houten kap rustend op colonnettes. Het houten portiekaltaar met Christusbeeld en de kansel in neogotische stijl behoren tot het oorspronkelijke meubilair. De glas-in-loodramen door glazenier Leon Vingerhoets, dateren van de herinrichting van de kerk in 1951-1952. In het vroegere koor stellen de ramen Jezus en de heiligen Paulus en Johannes Evangelist voor, het raam boven het vroegere portaal verbeeldt de Aanbidding der Herders, en de ramen in het schip scènes uit het leven van Christus, de Noorse heiligen Olaf en Ansgar, en liturgische symbolen als het Lam Gods, Licht ter Zee en de Pelikaan.

Campanile en missiegebouw

Rijzig en gekantonneerd door pilasters is de campanile eveneens opgetrokken uit baksteenmetselwerk, verwerkt met natuur- en hardsteen. Het uitgevoerde ontwerp uit 1929 wijkt af van de eerste versie uit 1928, dat meer gesloten van karakter was, zonder de klemtoon op de lantaarn, en afgedekt met een gedrukt schilddak. De sober gestileerde, eigentijds interpretatie van de baksteengotiek die Adolphe Van Coppernolle hier toepast, is verwant met de religieuze architectuur van de Deense architect Peder Vilhelm Jensen-Klint, auteur van de beroemde Grundtvig-kerk in Kopenhagen. Vierkant van plattegrond en opgebouwd uit drie geledingen en een bekronende attiek, worden de velden geritmeerd door getrapte lisenen. Vier hoge spitsbogen doorbreken de lantaarn, waarin de klokkenstoel zichtbaar is opgehangen; een spitsboogportaal bevindt zich zijde Italiëlei.

Het missiegebouw door Adolphe Van Coppernolle uit 1928-1929, bestaat uit een quasi vierkant hoofdgebouw in baksteenbouw van vier bouwlagen onder een plat dak, dat via een lage galerij met de kerk verbonden is. Van Coppernolle, die in 1930 met de club "Claridge" in de Anneessensstraat een van de meest stijlvolle voorbeelden van art-decostijl in Antwerpen zou realiseren, paste hier een ingetogen vormgeving toe, in overeenstemming met de pastorale functie. Traditionalistisch of classicerend van opzet, kenmerkt de oorspronkelijk enige opstand aan de Italiëlei zich door regelmatige registers van omlijste deur- en vensteropeningen met entablement. De galerij die dertien traveeën telt met het portaal in de middenas, leunt tegen het terugwijkende hoofdgebouw van vijf traveeën aan. Het vooruitspringende trappenhuis is daarbij nadrukkelijk als risaliet gemarkeerd, met een oplopend traplicht en een balkon. Boven het oude inkomportaal is in losse metalen letters het opschrift "Den Norske Sjømandsmission" aangebracht; de smeedijzeren beugels aan weerszij droegen vermoedelijk vandaag verdwenen lantaarns. Symmetrisch opgebouwd rond het hoger opgetrokken middenrisaliet met het nieuwe inkomportaal, bouwt het gesloten gevelfront aan de Grote Tunnelplaats, een creatie door Richard Fontaine uit 1951-1952, verder op de bestaande opstand.

Uitgerust met een hoofd- en diensttrap, biedt de plattegrond van het missiegebouw volgens de bouwplannen op de begane grond ruimte aan de grote leeszaal, de kleinere schijfkamer met een monumentale schouw, en de keuken. Op de eerste verdieping bevindt zich de raadzaal en de kleine flat van de huisbewaarder (?). Het grote appartement van de pastor of predikant dat de tweede verdieping beslaat, omvat twee woonvertrekken, een keuken, slaapkamer, badkamer en gastenkamer. De glas-in-loodramen van de leeszaal, eveneens van de hand van Leon Vingerhoets, onderscheiden zich door een centraal motief met maritieme symboliek, zoals een anker, een vuurtoren of een zeilschip.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1869#558, 1927#28997, 1928#31556, 1929#34297, 18#28026 en 18#29169; foto GP#3160.
  • BAKELANTS I. 1986: De glasschilderkunst in België in de negentiende en twintigste eeuw. Repertorium en documenten. Deel A, Wommelgem, 49-50.
  • HOEL V. 2016: Faith, Fatherland and the Norwegian Seaman. The work of the Norwegian Seamen's Mision in Antwerp and the Dutch ports (1864-1920), Hilversum, 83-126.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2016


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Noorse Zeemanskerk [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/215268 (Geraadpleegd op 15-09-2019)