erfgoedobject

Villa in cottagestijl

bouwkundig element
ID: 215332   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/215332

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Villa in cottagestijl
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Villa in cottagestijl op de hoek van de Berkenlaan en de Hagedoornlaan, gebouwd in opdracht van Maria Hebbelynck-Rosa, naar een ontwerp door de architecten Leopold De Coninck en Maurice Potié uit 1921. Het gebouw maakt deel uit van een homogene groep veeleer bescheiden cottages, in het bouwblok tussen de Hagedoornlaan en de Acacialaan.

Veeleer bescheiden van opzet, is de villa niettemin een representatief voorbeeld van de landhuisbouw door De Coninck en Potié, die tijdens de jaren 1920 van dit type cottagevilla hun handelsmerk maakten. Opgericht in 1909, was het succesvolle architectenbureau drie decennia lang actief tot 1937. Potié zette de praktijk vervolgens minstens tot begin jaren 1950 onder eigen naam verder. Zowel tijdens de beginjaren als het interbellum liet het bureau zich in strikt stedelijke context opmerken met een architectuur in Frans geïnspireerde neorégencestijl, ontleend aan de klassieke beaux-artstraditie. Haast even exclusief was de voorkeur voor de pittoreske 'Old English'-stijl, geïnspireerd op de traditionele Engelse architectuur uit de 16de eeuw, in de landhuisontwerpen van het bureau bestemd voor residentiële verkavelingen. Hun eerste reeks cottagevilla's, waaronder de eigen woning van De Coninck, kwam al vóór de Eerste Wereldoorlog tot stand in de wijk van de Lourdesgrot in Edegem. Met in totaal een veertigtal woningen, drukten De Coninck en Potié tijdens de jaren 1920 hun stempel op de vroege ontwikkeling van de Nieuw-Parkwijk "Den Brandt". Na hun eerste cottage in de Hagedoornlaan in 1920, bouwde het bureau het jaar daarop negen woningen van hetzelfde standaardtype voor de bouwmaatschappij "Voorspoed" in de Acacialaan. De meest voorname cottagevilla's kwamen vervolgens tot stand in de Della Faillelaan, waar een opmerkelijke reeks van een tiental van dergelijke landhuizen het straatbeeld bepaalt.

Typische kenmerken van de cottagearchitectuur door De Coninck en Potié zijn de materiaalpolychromie van bak- en natuursteen in combinatie met houtbouw, het door elkaar toepassen van stijl- en regelwerk, structuurpleister, decoratieve metselverbanden en leien schaliën, en het plastische karakter van de informele, ogenschijnlijk organisch gegroeide volumes met complexe dakconstructies, aangevuld met levendige details als luifels, bow-windows, erkers, dakkapellen en schoorstenen. Daarbij zijn meerdere types plattegronden te onderscheiden, van de bescheiden burgercottage tot de standingvolle villa voor de gegoede klasse, met als constante de dominante inplanting van de ruim bemeten traphal in de kern van de woning. De villa Hebbelynck-Rosa behoort tot het type van de bescheiden burgercottage.

Vrijstaand ingeplant, op een quasi vierkante plattegrond van drie bij drie traveeën, omvat de villa twee bouwlagen onder een complex, overkragend en afgewolfd schilddak met dakkapellen. De constructie bestaat uit rood baksteenmetselwerk in kruisverband, schaars verwerkt met witte natuursteen voor hoekblokken en kozijnen, met gebruik van houtbouw en bepleistering in de bovenbouw, en pannen als dakbedekking. Naast de dominante dakconstructie en de hoog oprijzende, polygonale schoorsteen, wordt het karakter vooral bepaald door het sterk geprononceerde, met een houten puntgevel bekroonde, overhoekse risaliet. Dit laatste vertoont een drieledig overkragende opbouw, met een door windborden beschermde, blinde geveltop. Het typische stijl- en regelwerk is hier over de volledige bovenverdieping doorgetrokken, geaccentueerd door metselwerk in keperverband. Vermoedelijk daterend uit de naoorlogse periode, vervangt het huidige natuurstenen portaal de oorspronkelijke erker van het kantoor en de houten deurluifel. Verder bestaat de ordonnantie overwegend uit brede, meerledige kozijnen, voorzien van het oorspronkelijke houten schrijnwerk en loodglas, met vensterluiken op de begane grond. Indien bewaard, is het smeedijzeren voortuinhek volledig overgroeid door de haag.

De plattegrond is georganiseerd rond de centraal ingeplante, inkom- en traphal met vestiaire. Volgens de bouwplannen biedt de begane grond ruimte aan een kantoor, de suite van het salon dat de erker incorporeert en de eetkamer, en de keuken met dienstingang. Op de eerste verdieping bevinden zich drie slaapkamers en de badkamer; de dakstructuur herbergt drie mansardes en een zolder.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossier 238#743.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2014


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Villa in cottagestijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/215332 (Geraadpleegd op 23-09-2019)