erfgoedobject

Burgerhuis in beaux-artsstijl

bouwkundig element
ID: 215997   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/215997

Juridische gevolgen

Beschrijving

Burgerhuis in beaux-artsstijl met vroege art-deco-accenten, gebouwd in opdracht van Henri Kleinberg, naar een ontwerp door de architect Joseph de Lange uit 1921. De diamanthandelaar Henri Kleinberg (1862-1944), zaakvoerder van de Société Anonyme Kleinberg in de Vestingstraat, behoorde tot een diamantairsfamilie die zich omstreeks 1880 vanuit het Poolse Krakau in Antwerpen had gevestigd.

Historiek en context

Het perceel maakt deel uit van het zuidelijke bouwblok van de Van Breestraat, tussen de Lange Leemstraat en de Mechelsesteenweg, dat in 1914 haast volledig werd verwoest tijdens de driedaagse beschieting van Antwerpen door de Duitse artillerie. Dit bombardement dat in de nacht van 7 oktober begon en zonder onderbreking aanhield tot 9 oktober, deed een twintigtal grote brandhaarden in en rond de binnenstad ontstaan, waardoor ganse huizenblokken in vlammen opgingen. Op de hoek met de Lange Leemstraat bevond zich een neoclassicistische eenheidsbebouwing van drie panden gebouwd omstreeks 1865-1870, die de percelen nummers 17, 19 en 21 besloeg. Opdrachtgever, ontwerper noch bouwjaar van dit complex konden worden geïdentificeerd. De elf panden die in de Van Breestraat op de muren na uitbrandden, werden nog tijdens of kort na de oorlog binnen de bestaande perceelstructuur heropgebouwd, zeven waaronder de woning Kleinberg als volledige nieuwbouw (nummers 17 tot 29), twee met behoud van de nog staande structuur achter een nieuw gevelfront (nummers 31 en 33), en twee met herstel van de gevel naar vooroorlogs uitzicht (nummers 35-37).

De van oorsprong Nederlands-Joodse architect Joseph de Lange bouwde tijdens de eerste helft van de 20ste een bloeiende praktijk uit in Antwerpen, voornamelijk in dienst van de Joodse religieuze gemeenten en burgerij. Begonnen in 1903, ontwierp hij vóór de Eerste Wereldoorlog zowel in eclectische als in art-nouveaustijl. De woning Kleinberg die tot de vroegste realisaties uit het interbellum behoort, gaf een eerste aanzet tot de gematigde art-decostijl waarnaar zijn architectuur later in de jaren 1920 zou evolueren. Kort vóór de woning Kleinberg, bouwde de Lange verderop in de van Breestraat de nog veel klassieker ogende dokterswoning Brandès. Zijn bekendste werk uit deze periode is het bekroonde, maar niet uitgevoerde wedstrijdontwerp uit 1923, voor de latere synagoge Romi Goldmuntz in de Oostenstraat. De architect vluchtte na de Duitse inval in 1940 met zijn gezin naar de Verenigde Staten, en overleed te Antwerpen in 1948 zonder zijn loopbaan te hebben kunnen hervatten.

Architectuur

Met een gevelbreedte van drie traveeën, omvat de rijwoning een souterrain, drie bouwlagen en een mansardedak (leien) met gekoppelde, rondbogige dakkapellen. De lijstgevel heeft een parement uit natuursteen voor plint en pui, en een combinatie van rood baksteenmetselwerk in kruisverband en natuursteen voor de bovenbouw. Symmetrisch van opzet en nadrukkelijk verticaal geleed door rechthoekige lisenen, legt de compositie de klemtoon op de middenas. Deze wordt ter hoogte van de eerste verdieping gemarkeerd door een driezijdige erker met bekronend smeedijzeren balkon. Meest opvallend aan deze architectuur is het geveldecor, bestaande uit ornamenten en reliëfs in cartouche-, fries- of chutevorm, dat een vermoedelijk Javaanse inspiratie verraadt. De sierlijke patronen in vloeiende lijnvoering, deels abstract en deels met gestileerde blad- of bloemmotieven, symmetrisch opgebouwd of repetitief van aard, lijken nog het meest ontleend aan batiktextiel. De fries met organische stengels en spiralen op de bodem van de erker, en de grote gespiegelde reliëfs op de borstwering van de eerste verdieping, springen daarbij als meest expressief in het oog. Javaanse invloeden zijn in deze periode ook aanwijsbaar in de toegepaste kunst in Nederland, waar Joseph de Lange bij het begin van de Eerste Wereldoorlog zijn toevlucht had gezocht. In de overgangsfase tussen art nouveau en art deco, kwam de inspiratie op uitheemse ornamenten, allicht voort uit een zoektocht naar nieuwe aansprekende vormen. Van het oorspronkelijk houten schijnwerk zijn enkel de gelijkaardig geornamenteerde inkomdeur en de kroonlijst met fries bewaard; het sobere smeedwerk van balkon en keldertralies is versierd met een spiraalmotiefje.

De plattegrond, die in een scherpe hoek wordt afgesneden door de rooilijn, beantwoordt aan de klassieke typologie van de burgerwoning, bestaande uit een voorbouw en een smalle achterbouw in entresol. Volgens de bouwplannen bood het souterrain behalve de voorraadkelders, ruimte aan de keuken en een ontbijtkamer. Op de begane grond wordt de enfilade van salon, eetkamer, veranda en terras, zoals gebruikelijk geflankeerd door de vestibule, het trappenhuis en de office, uitgerust met een keukenlift. Het privésalon en de suite van slaapkamer met terras, boudoir en badkamer beslaan de eerste verdieping. Twee overige slaapkamers, een badkamer en kantoor bevinden zich op de tweede verdieping, drie mansardekamers en een zolder op de dakverdieping.


Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2014


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Burgerhuis in beaux-artsstijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/215997 (Geraadpleegd op 17-10-2019)