erfgoedobject

Burgerhuis in beaux-artsstijl

bouwkundig element
ID: 216002   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/216002

Juridische gevolgen

Beschrijving

Voornaam burgerhuis in beaux-artsstijl, volgens het bouwdossier een wederopbouwproject van een door oorlogsgeweld geteisterd pand in opdracht van de arts en politicus August Naets, naar een ontwerp door de architect Jules Taeymans uit 1916. Daarbij werd de nog staande structuur van het pand uit 1866 hersteld, van een nieuw gevelfront voorzien en terug onder dak gebracht. Uitgevoerd in 1917, gingen de werken gepaard met de volledige herinrichting van het interieur.

Historiek en context

August Naets (1844-1928), geboren te Booischot in een familie van brouwers en destijds gevestigd te Westerlo, was doctor in de geneeskunde met specialisatie oogziekten, en vanaf 1876 rentmeester van de grafelijke familie de Merode. Als katholiek politicus zetelde hij van 1897 tot 1882 en van 1893 tot 1912 in de Antwerpse provincieraad, van 1909 tot 1921 in de gemeenteraad van Westerlo, en van 1912 tot 1919 in de senaat. Naets verwierf de ruïne vermoedelijk van de vooroorlogse eigenaar, de weduwe Ed. Herkens, die in 1915 zelf het herstel van de aanpalende panden nummers 31 en 33 had aangevat, naar een ontwerp van de architect J.B Suykerbuyk uit 1914. Na stillegging van deze werken door het stadsbestuur wegens het ontbreken van een bouwvergunning, werden beide eigendommen afzonderlijk verkocht. Afkomstig uit de Kempen deed Naets voor het ontwerp van het wederopbouwproject beroep op zijn streekgenoot, de provinciaal architect voor het arrondissement Turnhout Jules Taeymans. De uitvoering was in handen van de in Antwerpen gevestigde aannemer Jan Van Dijk-de Vlam. Vermoedelijk maakte Naets ten hoogste kortstondig gebruik van het heropgebouwde hotel, dat al in 1920 van eigenaar bleek gewisseld.

Het perceel maakt deel uit van het zuidelijke bouwblok van de Van Breestraat, tussen de Lange Leemstraat en de Mechelsesteenweg, dat in 1914 haast volledig werd verwoest tijdens de driedaagse beschieting van Antwerpen door de Duitse artillerie. Dit bombardement dat in de nacht van 7 oktober begon en zonder onderbreking aanhield tot 9 oktober, deed een twintigtal grote brandhaarden in en rond de binnenstad ontstaan, waardoor ganse huizenblokken in vlammen opgingen. Een geheel van twee gekoppelde burgerhuizen in neoclassicistische stijl, volgens de bouwaanvraag uit 1866 gebouwd in opdracht van Eugeen Joors, besloeg de percelen nummers 31 en 33. Van dit complex kon de architect niet worden geïdentificeerd. De elf panden die in de Van Breestraat op de muren na uitbrandden, werden nog tijdens of kort na de oorlog binnen de bestaande perceelstructuur heropgebouwd, zeven als volledige nieuwbouw (nummers 17 tot 29), twee met behoud van de nog staande structuur achter een nieuw gevelfront (nummers 31 en 33), en twee met herstel van de gevel naar vooroorlogs uitzicht (nummers 35-37).

Het hotel Naets behoort tot het rijpe werk van Jules Taeymans, die er in Turnhout, naast zijn carrière als provinciaal architect - een ambt dat hij meer dan 35 jaar bekleedde, ook een bloeiende privépraktijk op nahield. Toch vooral gekend voor zijn talrijke nieuwbouw- en restauratieprojecten in overheidsdienst – pastorieën, gemeentescholen en gemeentehuizen in neogotische of neorenaissance stijl, ontwierp de architect voor zijn privécliënteel ook diverse landhuizen en burgerhuizen, in de periode vóór de Eerste Wereldoorlog naar stijl variërend van neotraditioneel of eclectisch, tot art nouveau of beaux-arts. Het hotel Naets lijkt voor zover gekend zijn enige realisatie in Antwerpen te zijn geweest. Als belangrijkste werk uit het interbellum geldt de Onze-Lieve-Vrouw-Middelareskerk te Turnhout, een betonnen skeletbouw met een baksteenparement en invloeden van de neobyzantijnse en de art-decostijl in de interieurdecoratie.

Architectuur

Met een gevelbreedte van vier traveeën, telt de rijwoning een souterrain en drie bouwlagen onder een gemansardeerd zadeldak. Het vernielde pand vormde de linker helft van een symmetrisch geheel van twee volgens spiegelbeeldschema gekoppelde huizen, met een door poortrisalieten gemarkeerd, bepleisterd en beschilderd gevelfront. Belangrijkste kenmerken waren de rondbogige koetspoort onder een balkon met ijzeren borstwering, het driehoekige fronton als risalietbekroning, de horizontale geleding met klemtoon op de bel-etage, de stucomlijstingen en het klassieke hoofdgestel. Voor het nieuwe gevelfront werd een gecementeerd simili-parement toegepast op een arduinen plint. De regelmaat van de ordonnantie, nu met registers van rechthoekige vensters, de horizontale geleding door de puilijst en het klassieke hoofdgestel, en het zijrisaliet met rondboogpoort, werden net als het gebruik van schijnvoegen op de begane grond in de nieuwe compositie hernomen. Taeymans voegde aan het risaliet een driezijdige, kwarthol ingesnoerde erker toe, rustend op een klokvormige console en bekroond door een balkon met balustrade. Verder maakte hij gebruik van vlakke vensteromlijstingen, en een aan de Lodewijk XVI-stijl ontleend geveldecor. Dit laatste bestaat uit eierlijsten en doorlopende balustraden op de bel-etage, entablementen en guirlandes op de bovenste verdieping, en uitgelengde consoles onder de kroonlijst. Het gevernist houten schrijnwerk van de fraaie houten vleugeldeur en de vensters is bewaard, evenals de smeedijzeren keldertralies.

In het wederopbouwproject onderging de plattegrond van het vernielde hotel nauwelijks structurele wijzigingen - afgezien van de verlenging van de smalle achterbouw in entresol, daar waar het interieur volledig werd heringericht. Zoals het oude, beantwoordt het nieuwe hotel aan de typologie van de woning met koetspoort, bestemd voor de vermogende burgerij. Volgens de bouwplannen wordt de enfilade van salon, eetkamer, veranda en terras, op de begane grond geflankeerd door de koetspoort, de vestibule en traphal, de spreekkamer en de office. De eerste verdieping biedt ruimte aan het privésalon, een boudoir, twee slaapkamers en de badkamer. Vier overige slaapkamers nemen de tweede verdieping in, daar waar de meidenkamers zich onder het dak bevinden en de keuken in het souterrain.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1917#7122, 1866#510, 1915#6353; foto GP#6756.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2014


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Burgerhuis in beaux-artsstijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/216002 (Geraadpleegd op 24-09-2020)