erfgoedobject

Villa in art-decostijl

bouwkundig element
ID: 216482   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/216482

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Villa in art-decostijl
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Villa in art-decostijl naar een ontwerp door de architecten Vincent Cols en Jules De Roeck uit 1933, opgetrokken in 1934. Opdrachtgever was de heer R. Van Dieren.

De villa Van Dieren is de meest recente van de minstens zeven landhuizen die het architectenbureau Cols en De Roeck tijdens het interbellum in de Nieuw-Parkwijk "Den Brandt" tot stand bracht. Van de andere zijn vandaag bewaard, de villa Somers uit 1922 aan de Eglantierlaan, de eigen villa van Vincent Cols aan de Della Faillelaan en de villa Dekkers aan de Sorbenlaan die beide uit 1924 dateren, en als meest imposante de villa Lee uit 1928-1930 aan de Hagedoornlaan. Als groep vormen zijn een representatief staal van de residentiële productie uit de beginperiode van het succesvolle bureau. Geassocieerd sinds 1912, maakten Cols en De Roeck vanaf de jaren 1920 vooral naam met tuinwijken en woningen voor een bemiddeld cliënteel, overwegend in neotraditionele, cottage- of sobere art-decostijl. Omstreeks 1930 verplaatste het zwaartepunt van hun architectuurproductie zich naar grootschaliger bouwprojecten als bedrijfs-, kantoor- en appartementsgebouwen, in een meer eigentijdse vormentaal met gebruik van nieuwe materialen en technieken. Actief tot 1965, bracht het architectenbureau ook in de naoorlogse periode nog een indrukwekkende oeuvre residentiële en bedrijfsarchitectuur tot stand, waaronder in de Nieuw-Parkwijk "Den Brandt" een tweede reeks van een vijftal traditionalistische tot gematigd modernistische villa’s.

Vrijstaand ingeplant in de diepte van het perceel, op een quasi vierkante plattegrond van drie bij drie traveeën, omvat het gebouw twee bouwlagen onder een schilddak met dakkapellen. Het gevelparement is opgetrokken uit geel baksteenmetselwerk van het type Belvédère in halfsteens verband met zogenaamde Dudokvoeg (dieper liggende lintvoegen in combinatie met platvolle stootvoegen). Witte natuursteen werd gebruikt voor deur- en vensteromlijstingen, de plint en dorpels, leien voor de dakbedekking, staal voor het schrijnwerk. De opstand beantwoordt aan een vrij klassiek, regelmatig opzet, beheerst door het breed overstekende schilddak met houten kroonlijst. Asymmetrisch van compositie, legt het door gecanneleerde Ionische pilasters omlijste rondboogportaal met bovenlicht de klemtoon op de middenas van de voorgevel, rechts geflankeerd door oplopende, driezijdige erkers. In de westelijke zijgevel tekent zich het traplicht af; de oostelijke zijgevel volgt dan weer een symmetrisch schema, bepaald door twee schoorstenen en vensters in erkervorm. Het stalen schrijnwerk van de inkomdeur en vensters is bewaard, evenals het smeedijzer van de deurwaaier en het traliewerk. Voor zover bewaard is het voortuinhek overgroeid door de haag; de rondbogige garagepoort is vernieuwd.

De plattegrond is georganiseerd rond de traphal, die een centrale positie inneemt in de westelijke helft van het gebouw. Volgens de bouwplannen wordt deze op de begane grond aan straatzijde geflankeerd door de vestibule met vestiaire, en aan tuinzijde door de veranda met driezijdige sluiting. Ten oosten strekt zich over de volledige bouwdiepte de suite van salon en eetkamer uit, uitgevend op het terras; garage en keuken beslaan een annex van één bouwlaag aan de westzijde. Op de bovenverdieping bevinden zich drie slaapkamers waarvan de grootste met boudoir, en de badkamer. Het dakniveau herbergt drie overige slaapkamers, een tweede badkamer en een zolder.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossier 238#3901.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2014


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Villa in art-decostijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/216482 (Geraadpleegd op 15-10-2019)