Kasteeldomein De Burg

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Limburg
Gemeente Lummen
Deelgemeente Lummen
Straat Burgemeester Briersstraat
Locatie Burgemeester Briersstraat 4-6, 5, Lummen (Limburg)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Lummen (actualisaties: 07-09-2007 - 14-09-2007).
  • Adrescontrole Lummen (adrescontroles: 12-11-2007 - 12-11-2007).
  • Inventarisatie Lummen (geografische inventarisatie: 01-01-1981 - 31-12-1981).

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Kasteeldomein De Burg

Deze vaststelling is geldig sinds 01-02-2018.

Beschrijving

Voormalige verblijfplaats van de Heren van Lummen. Gelegen op de oever van de Mangelbeek aan de zuidkant van de Ringlaan die voor de dorpskom de wegen Hasselt-Lummen en Herk-de-Stad-Lummen verbindt.

Vermelding van een "castrum" of versterking bij de overdracht in 1203 door graaf Lodewijk II van zijn allodium aan prins-bisschop Hughes de Pierrepont, volgens C. Thiels gesitueerd op de plaats van de kerk zie de ten zuiden van het kerkhof lopende "Burggracht". De burggracht was tevens de belangrijkste straat voor de aanleg van de Kerkstraat.

Bewaarde kern uit de 16de eeuw in het huidige kasteel; mogelijk werd laatst genoemde, na de verwoesting van de eerste burcht, op deze plaats buiten de dorpskern gebouwd, of lag de eigenlijke burcht buiten het dorp als verdedigingspost bij de wegen naar Herk-de-Stad en Hasselt.

Een opmeting van 1686 toont een waterkasteel met de verspreide dienstgebouwen ten westen: gelijkaardige toestand op de tekening van circa 1725 van Remacle Leloup. Vrijwel ongewijzigd geheel van circa 1550 tot 1725: vierkante plattegrond met ronde hoektoren of donjon op de noordwesthoek, ten zuidwesten, het hoofdgebouw met ophaalbrug, op de binnenplaats, een klein gebouw, en bakstenen omwalling met steunberen op de noord-, oost- en zuidzijden.

Tussen 1725-1744 omgebouwd tot "kasteel" met zijvleugels links en rechts van de ingangspoort.

In de loop van de 19de en 20ste eeuw, verlenging van de zuidvleugel, gebruik makend van de zuidelijke burchtmuur; sloping van noordelijke en oostelijke burchtmuren op de basis na, en gedeeltelijke demping der westelijke grachten. Het kasteel bleef in de loop der tijden in het bezit van de familie van der Marck, Heren van Lummen van 1350-1792. Na de dood van de laatste bezitster, Louisa-Marguerite van der Marck (1820) verkocht aan Palmers; daarna in bezit van de familie Briers, tot op heden eigenaar.

Huidig kasteel met L-vormige plattegrond. Hoge sokkel van baksteen, gestut door middel van zware steunberen; de ophaalbrug werd vervangen door een verhoogde weg.

Westelijke hoofdvleugel van elf traveeën en twee bouwlagen, opgetrokken uit baksteen met verwerking van mergelsteen, daterend uit de 16de eeuw met verbouwingen tijdens het tweede kwart van de 18de eeuw en begin 20ste eeuw. Bakstenen onderbouw met zes steunberen, afgedekt door mergelstenen waterlijst. Torenvormig poortgebouw uit het tweede kwart van de 18de eeuw in de vijfde travee: drie bouwlagen onder afgewolfd mansardedak (kunstleien); rondboogpoort met trapezoïdale sluitsteen opgenomen in een rechthoekige kalkstenen omlijsting onder druiplijst; erboven, rechthoekig venster met kalkstenen lekdrempel en gemetste omlijsting van gesinterde baksteen. Bovenbouw begroeid met klimop, evenals de vleugel van vier traveeën en twee bouwlagen onder afgewolfd zadeldak (kunstleien), eveneens uit het tweede kwart van de 18de eeuw. Rechthoekige vensters. Zware kroonlijst in stucwerk. Rechtervleugel van zes traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak (kunstleien) uit de 16de eeuw; zes mergelstenen muurbanden onderbroken door de rechthoekige vensters (verbouwing uit de 18de eeuw). Gesmeed ijzeren muurankers. Kroonlijst in stucwerk. Zuidelijke trapgevel uit de 16de eeuw met mergelstenen hoekbanden; in de top, gedicht kozijntje vervangen door steekboogvenstertje in belijnende omlijsting van gesinterde bakstenen met oren en neuten. De oostgerichte achtergevel, deels met klimop begroeid, biedt een 19de-eeuws uitzicht, met gemetste steekboogvensters onder kalkstenen latei.

Zuidvleugel, (nok loodrecht op de westvleugel) van twaalf traveeën en twee bouwlagen onder afgewolfd zadeldak (kunstleien); de eerste vier traveeën (de oudste kern uit de 18de eeuw), begroeid met klimop, komen reeds voor op een tekening van M. George van 1831. Voor circa 1725 bevond er zich een lagere bijbouw van één travee en één bouwlaag onder zadeldak. De overige acht traveeën werden begin 20ste eeuw bijgebouwd; vijfde, tiende en elfde travee bekroond door trapgevel. Ook de noordgerichte gevel aan de binnenplaats biedt dit recenter uitzicht.

Kasteelhoeve. Semi-gesloten hoeve, ten noordwesten van het kasteel. Voor de hoeve loopt de Mangelbeek, waarvan een kunstmatige aftakking kasteel en hoeve omgeeft.

Hoeve, aanvankelijk met losse bestanddelen (toestand volgens opmeting van 1686) herbouwd in de huidige vorm in 1738 (zie jaartal in gesinterde baksteen op het woonhuis).

Oudste kern uit de 17de eeuw nog aanwezig in poortgebouw en woonhuis; venster- en deuromlijstingen verbouwd in 1738. Ten noorden van het rechthoekig erf, geheel van acht traveeën en twee bouwlagen onder zadeldaken met verspringende nokhoogte en nokrichting. Verankerde baksteenbouw (S-ankers) met verwerking van mergelsteen, ijzerzandsteen een kalksteen. Gecementeerde plint. Noordgerichte voorgevel met inrijpoort in de tweede travee onder zadeldak (nok loodrecht op de straat) gemarkeerd door een trapgevel. Gedrukte rondboogpoort van ijzerzandsteen, geflankeerd door steunberen; boven de poort, twee gedichte, smalle gleuven voor de ketting van de vroegere ophaalbrug; op de tweede bouwlaag getoogd venster in gesinterde bakstenen omlijsting met druiplijst, oren en neuten, op kalkstenen lekdrempel (tweede kwart van de 18de eeuw). Gemetste, gedrukte rondboogpoort aan de erfzijde.

Links van het poortgebouw, vroegere conciërgerie van drie traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak (Vlaamse pannen). Twee boven elkaar geplaatste steekboogvensters in de tweede travee. Bakstenen fries van een dubbele muizentand. Zuidgerichte gevel, aan de erfzijde gemarkeerd door een centrale steekboogdeur in gesinterde bakstenen omlijsting onder druiplijst, met oren en neuten, en bekroond door een gedicht, steekboogvormig bovenlicht tussen twee vensters. Centraal steekboogvenster op de twee bouwlagen. Oostelijke trapgevel met mergelstenen afwerking. Aanleunende stal van twee traveeën, bijgebouwd in 1738; zijgevel met muurvlechtingen en topstuk.

Rechts van het poortgebouw, pachterswoning van vier traveeën en anderhalve bouwlaag onder zadeldak (nok evenwijdig aan de straat). In de noordgevel twee getoogde vensters in de eerste twee traveeën; vier eenvoudige, licht getoogde bovenvenstertjes. Aan de erfzijde, in de zuidgevel, deur met bovenlicht (zie conciërgerie) in de tweede travee; getoogde vensters in de overige traveeën, kleiner formaat op de bovenverdieping. Bakstenen fries van een dubbele muizentand.

Pachterswoning door aandak met schouderstukken gescheiden van de stallen van 1738 (thans woonhuis), bijgebouwd in het verlengde der 17de-eeuwse kern; vijf traveeën onder zadeldak met lagere nok. Aan de erfzijde, getoogde deuren en luiken met witgekalkte omlijsting.

Ten zuiden van het erf, L-vormig complex van 1738: koestal, vaarzenstal, dubbele dwarsschuur en paardenstal. Baksteenbouw op gecementeerde plint. Koestal ten zuidoosten van het erf, acht traveeën onder zadeldak. Aan de erfzijde, getoogde muuropeningen in witgekalkte omlijsting en lage centrale steekboogpoort. Bakstenen fries van een dubbele muizentand. Ten noorden en ten zuiden, trapgevels afgewerkt met ijzerzandsteen en drie ronde uilengaten.

Tussen koestal en dwarsschuur: vaarzenstal (loodrecht op koestal) van drie traveeën onder zadeldak. Lage centrale steekboogpoort bekroond door een zolderluik. Dwarsschuur met paardenstal, ten zuidoosten van het erf, zeven traveeën onder zadeldak. Paardenstal in de eerste travee met lage steekboogpoort; dubbele dwarsschuur met hoge steekboogpoorten in de tweede en vijfde travee. Bakstenen fries van een dubbele muizentand. Ten oosten en ten westen, trapgevels met ijzerzandstenen afwerking en ronde uilengaten. Ten oosten van het erf, bakhuis en kalverenstal van vier traveeën onder zadeldak. Bakhuis in de laatste travee. Getoogde muuropeningen. Ten zuiden, trapgevel, ten noorden, puntgevel in vakwerkbouw (ankerbalkgebint met tussenbalkstandjuk).

  • AERTS J., De Burg van Lummen, in Limburg, 53, 1974/ 1, pagina 23-30.
  • BRANS L. - THIELS C., Het landje Lummen, van voor 1203 tot 1792, gestencileerde uit gave, Lummen, 1968, pagina 21-22.

Bron: Schlusmans F. met medewerking van Gyselinck J., Linters A., Wissels R., Buyle M. & De Graeve M.-Ch. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Hasselt, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 6N2 (He-Z), Brussel - Gent.

Auteurs: Schlusmans, Frieda

Datum tekst: 1981

Relaties

maakt deel uit van Lummen

Lummen (Lummen)

is gerelateerd aan Kasteeldomein De Burg

Burgemeester Briersstraat 4, Ringlaan 5 (Lummen)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.