Teksten van Tuinwijk Kromme Boom

https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/26641

Tuinwijk Kromme Boom ()

Geïsoleerde, kleine tuinwijk, slechts deels uitgevoerd in 1925 door de sociale huisvestingsmaatschappij Le Foyer Gantois (sinds 1951 De Gentse Haard) naar plannen van architect Valentin Vaerwyck. In 1952 werd de wijk uitgebreid met enkele sociale woningen.

Bouwgeschiedenis en situering

In 1925 realiseerde de sociale huisvestingsmaatschappij Le Foyer Gantois (sinds 1951 De Gentse Haard) negentien sociale woningen aan weerszijden van de Eikstraat (2-16, 19-39), de zogenaamde Tuinwijk Kromme Boom, naar plannen uit 1923 van architect Valentin Vaerwyck (die 30 woningen voorzag). De woningen werden verhuurd aan arbeiders van de naburige fabrieken aan de Henri Farmanstraat. Aannemer was waarschijnlijk de weduwe Edm. Piscador en zonen uit Wetteren die in 1923 door de Nationale Maatschappij voor Goedkope Woningen en Woonvertrekken werd goedgekeurd als aannemer voor 20 woningen van Vaerwyck op de weg naar Oostakker. In 1952 werd de wijk uitgebreid met enkele sociale woningen (begin 21ste eeuw deels vervangen door nieuwbouw en deels ingrijpend gerenoveerd). Uit die naoorlogse periode dateert waarschijnlijk de volksnaam Klein-Korea, als referentie aan het afgelegen en geïsoleerde karakter van de wijk (mede door de aanleg van de R4 en de John Kennedylaan).

Typering en beschrijving

De bouwfase van 1925 is een kleinschalige toepassing van de tuinwijkgedachte. Ze bestaat uit een tweezijdig bebouwde en licht gebogen straat met vijftien rijhuizen en vier hoekhuizen voorzien van een voortuintje, en een centrale doorgang die heden leidt naar de achterliggende, recentere wijk. De architectuur is regionalistisch, geïnspireerd op begijnhoven met variërende huizentypes in symmetrisch opgebouwde straatwanden. Breedhuizen van één of anderhalve bouwlaag en drie traveeën met dubbelhuisopstand. Verhoogde venstertravee boven keldergat tevens gemarkeerd door een verhoogd puntgevelvormig dakvenster. Enkele huizen zijn van het enkelhuistype met een voorpuntgevel op schouderstukken: de hoekhuizen nummers 2, 16, 19 en 39, de half vrijstaande huizen nummers 29 en 31 welke de korfboogvormige doorgang flankeren; nummer 37 vertoont eveneens een puntgevel. Oorspronkelijk verankerde baksteenbouw onder zadeldaken (pannen) met een knik en een dakkapel voor de woningen van één bouwlaag. Heden geschilderde en/of bepleisterde of gecementeerde gevels met schijnvoegen. Rechthoekige muuropeningen in houten omlijstingen onder een aflijnende druiplijst en sommige vensters met behouden houten luiken.

Evaluatie

De bouwfase van 1925 heeft een architecturale en stedenbouwkundige waarde als representatief voorbeeld van de kleinschalige tuinwijkaanleg en regionalistische architectuur te Vlaanderen tijdens de eerste helft van de jaren twintig. Bepalende erfgoedelementen zijn de architecturale homogeniteit, schaal, silhouet, volumewerking en materialiteit (dakbedekking), evenals de groenaanleg (voortuintjes).

  • Onroerend Erfgoed, Archief Inventaris sociale woningbouwpatrimonium (2011-2016), Sitenaam OOSTAKK_KROMMEBOOM_4140.
  • BOGAERT C., LANCLUS K. & VERBEECK M. 1983: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Gent, Fusiegemeenten, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 4ND, Brussel - Gent.
  • De Bouwgids 1932, 8-9, 203.
  • DE SMET F. 1932: Valentin Vaerwyck, Brussel, 141-144.
  • L’Habitation à Bon Marché, 1923, 6, 141; 9, 238.
  • JOOS L., BISSCHOP M.-L. & VAN DOORNE G. 1984: Volkshuisvesting in Gent, Gent, 84.
  • MEGANCK L. 2002: Bouwen te Gent in het interbellum (1919-1939). Stedenbouw – Onderwijs – Patrimonium – Een synthese, onuitgegeven doctoraatsverhandeling UGent, Vakgroep Kunstwetenschappen, 259.

Auteurs:  Verbeeck, Mieke; Vandeweghe, Evert
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)


Je kan deze tekst citeren als: Verbeeck M. & Vandeweghe E. 2016: Tuinwijk Kromme Boom [online], https://id.erfgoed.net/teksten/184240 (geraadpleegd op ).


Tuinwijk Kromme Boom ()

Tuinwijk zogenaamde Kromme boom met "regionalistische inslag". Omvat een tweezijdig bebouwde en licht gebogen straat met vijftien rijhuizen en vier hoekhuizen voorzien van een voortuintje, gebouwd in opdracht van de bouwmaatschappij "Gentse Haard" in 1929 naar ontwerp van architect Valentin Vaerwyck.

Kleurrijke eenheidsbebouwing met variërende huizentypes in symmetrisch opgebouwde straatwanden. Breedhuizen van een of anderhalve bouwlaag en drie traveeën met dubbelhuisopstand. Verhoogde venstertravee boven keldergat tevens gemarkeerd door een verhoogd puntgevelvormig dakvenster. Traditionele typologie: enkele huizen zijn van het enkelhuistype met een voorpuntgevel op schouderstukken: de hoekhuizen nummers 2, 16, 19 en 39, de half vrijstaande huizen nummers 29 en 31 welke een korfboogvormige doorgang flankeren (naar een vrij recente woonwijk daarachter); nummer 37 met gedateerde gevelsteen (1934) vertoont eveneens een puntgevel. Oorspronkelijk verankerde baksteenbouw onder zadeldaken (pannen) met een knik en een dakkapel voor de woningen van één bouwlaag. Heden geschilderde en/of bepleisterde of gecementeerde gevels met schijnvoegen. Rechthoekige muuropeningen in houten omlijstingen onder een aflijnende druiplijst en sommige vensters met behouden houten luiken.

  • DE SMET F. 1932: Valentin Vaerwyck, Brussel, 141-144.

Bron: BOGAERT C., LANCLUS K. & VERBEECK M. 1982: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Gent, Fusiegemeenten, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 4nd, Brussel - Gent.
Auteurs:  Verbeeck, Mieke
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)


Je kan deze tekst citeren als: Verbeeck M. 1983: Tuinwijk Kromme Boom [online], https://id.erfgoed.net/teksten/26641 (geraadpleegd op ).