erfgoedobject

Geheel van twee burgerhuizen in neorégencestijl

bouwkundig element
ID: 300244   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/300244

Juridische gevolgen

Beschrijving

Geheel van twee burgerhuizen in neorégencestijl gebouwd in opdracht van Léon Fuchs, naar een ontwerp door de architect Ernest Stordiau uit 1924. De bouwheer is mogelijk te identificeren met de Joodse wisselagent Léon Fuchs (1869-1935), geboren in Antwerpen en echtgenoot van Nelly Gevers (1872-1964). Het bouwproject betrof een voornaam burgerhuis (nummer 168) allicht bestemd als eigen woning van Fuchs, en een bescheidener burgerhuis (nummer 170) bedoeld voor verhuur. Achteraan op het perceel palend aan de Peter Benoitstraat, liet Fuchs in 1927 door Stordiau een garage met chauffeurswoning en serre optrekken, die in 1937 alweer werd gesloopt voor een nieuwbouwwoning.

Ernest Stordiau, die vooral naam maakte in de wijk Zurenborg, onderscheidde zich als beginnend architect vanaf midden jaren 1880 met woningen in een geheel eigen neo-Florentijnserenaissance-stijl, om rond de eeuwwisseling een vernieuwende rol te spelen binnen de Antwerpse art nouveau. Als één van de weinige gekende realisatie uit het interbellum, behoort het bouwproject Fuchs tot het late oeuvre van de toen 68-jarige Stordiau. De neorégencestijl sluit aan bij de behoudende ontwerpen uit het decennium vóór de Eerste Wereldoorlog, waarin de architect zich vooral liet inspireren door de Franse Lodewijk XIV-stijl en het classicisme, volgens L'Emulation: "Très distingué, personnel, sobre de détails."

Met een gevelbreedte van elk drie traveeën, omvatten de rijwoningen een souterrain en drie bouwlagen onder een mansardedak met getoogde dakkapellen. Beide opstanden zijn individueel behandeld volgens een gelijkaardig compositieschema, waarbij het eigenlijke hotel Fuchs zich onderscheidt door een iets grootser opzet. Het veeleer sobere gevelparement is opgetrokken uit witte natuursteen, met gebruik van blauwe hardsteen voor de plinten en de deuromlijsting van nummer 170, en leien als dakbedekking. Door waterlijsten geleed in horizontale registers, met een klassiek hoofdgestel als bekroning, legt de symmetrische gevelcompositie telkens de klemtoon op de middenas. Deze wordt op de eerste verdieping gemarkeerd door een rechthoekige erker in nummer 168, en een balkon in nummer 170, beide op bewerkte consoles en met smeedijzeren borstwering. De overwegend getoogde muuropeningen hebben een vlakke omlijsting in nummer 168, en een typisch schelpvormige sluitsteen op nummer 170. Opvallende stijldetails zijn het centrale, spiegelbogige tweelicht op de bovenste verdieping van nummer 168, en de geprofileerde deuromlijsting met spiegelbogig bovenlicht van nummer 170, beide versierd met schelpornamenten. Ook het smeedijzeren traliewerk, de balkonborstweringen en vensterleuningen gaan terug op 18de-eeuwse régencepatronen. Van het oorspronkelijk houten schrijnwerk is enkel het bewerkte bovenlicht van nummer 168 en de fraaie deur van nummer 170 bewaard. De garage in souterrain van nummer 168 dateert van een latere aanpassing.

Het hotel Fuchs op nummer 168 loopt met de achterbouw en de tuin door achter de ingesloten huurwoning op nummer 170, die slechts over een kleine binnenplaats beschikt. De L-vormige plattegrond van het hotel wordt volgens de bouwplannen vanaf het ‘schoon verdiep’ over de volledige breedte opgedeeld door de centrale, groots opgezette traphal met vestiaire en bovenlicht, bereikbaar via het trappenbordes van de vestibule, en ontdubbeld door de diensttrap. Het salon neemt de straatzijde in, de eetkamer met terras en de office met keukenlift de tuinzijde, waar het kantoor met antichambre de achterbouw beslaat. Behalve wijn, kolen- en voorraadkelders, omvat het souterrain de spreekkamer (verbouwd tot garage) en ter hoogte van de achterbouw de keuken met 'cour basse'. Zoals gebruikelijk boden de bovenverdiepingen en de mansarde ruimte aan de privé- en slaapvertrekken, de gasten- en meidenkamers.

Het huurhuis beantwoordt aan de klassieke typologie van het burgerhuis, met op het 'schoon verdiep' een enfilade van salon en eetkamer, geflankeerd door vestibule, traphal en office, via de 'monte plats' verbonden met de keuken in het souterrain.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossier 1924#19429 en 1927#27212.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2015


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Geheel van twee burgerhuizen in neorégencestijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/300244 (Geraadpleegd op 04-04-2020)