erfgoedobject

Woning Verdyck

bouwkundig element
ID: 301995   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/301995

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Woning Verdyck
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Burgerhuis uit 1935 in opdracht van Jos Verdyck-Renglet, naar ontwerp van Léon Stynen. In 1937 was Verdyck werkzaam als mandat. de banque, profess. de sciences comm.. De woning is representatief voor het 'nieuwe bouwen', waarmee Stynen vanaf begin jaren 1930 een bijzonder succesvolle carrière uitbouwde. In en rond Antwerpen realiseerde hij in deze periode een groot aantal woningen van uiteenlopend type, gaande van prestigieuze landhuizen tot veeleer bescheiden rijwoningen. Constanten zijn de functionaliteit van de plattegrond en de gestroomlijnde vormgeving, die naar Nederlands voorbeeld wordt gevat in een expressieve baksteenarchitectuur met een plastische volumetrie. Daarbij laat Stynen zich opmerken door de degelijkheid van zijn materiaalkeuze en uitvoeringstechniek, met aandacht voor textuur en coloriet. Tot de belangrijkste voorbeelden uit deze gerijpte fase van zijn nog prille loopbaan behoren de eigen woning in de Tentoonstellingswijk en de “Résidence Elsdonck” in Wilrijk.

Als één van de vroegst werkzame en meest productieve architecten van de jonge Tentoonstellingswijk realiseert hij er in de jaren 1930 niet minder dan tien woningen, die in vormgeving, materiaalgebruik en planvoering minder opvallende of vernieuwende varianten zijn op het ontwerp voor zijn eigen woning aan de Camille Huysmanslaan. Een strikte stedelijke reglementering van het uitzicht, de bebouwde oppervlakte, het materiaalgebruik en de indeling van de gebouwen moest het esthetische en prestigieuze karakter van de nieuwe residentiële wijk vrijwaren. Stynen opteert daarbij voor gevels met een natuurstenen sokkel en een parement in roomkleurige Silezië blindeersteen of geel(bruine) baksteen, bij voorkeur opengewerkt met horizontale en rechthoekige raampartijen of patrijspoortramen. De meeste woningen zijn uitgevoerd met gevelschrijnwerk in Hongaarse eik. De bouwwerken zijn steeds uitgevoerd door aannemer Jos Quick, gevestigd aan de Kloosterstraat 35 te Essen. De blauwe hardsteen bestelde Stynen bij de firma E. Sermon, gevestigd aan de Plantin en Moretuslei 58 te Antwerpen. Voor het glaswerk werd beroep gedaan op de firma E. Peeters & Zonen, gevestigd aan de Mechelsesteenweg 221 te Antwerpen.

Stynen tekent een aantal voorontwerpen voor een rijwoning van twee traveeën breed en drie bouwlagen hoog, onder plat dak. Steeds voorziet hij een sokkel in natuursteen met rechter inkomtravee en een bovenbouw in baksteenparement. Enkele ontwerpen tonen een compositie met patrijspoorten ter hoogte van de bovenbouw van de inkomtravee, geflankeerd door een venstertravee met brede ramen. Andere gevelschetsen zijn op de verdiepingen uitgewerkt met gevelbrede bandramen opgedeeld door een vensterpost. In de goedgekeurde bouwaanvraag is geopteerd voor deze variatie met bandramen. De pui is bekleed in blauwe hardsteen, bestaande uit een toegangsdeur en een breed venster. Hierboven is een parement in gele baksteen, uitgevoerd in halfsteens verband me Dudokvoeg – dieperliggende stootvoegen in combinatie met platvolle lintvoegen. De verdiepingen zijn uitgewerkt als bandramen, die benadrukt zijn door een omlijsting en een vensterpost in zwarte vergleisde brikken. Dit contrast tussen onder- en bovenbouw wordt versterkt door de rollaag boven de pui, die in hetzelfde materiaal is uitgevoerd. De dakrand was oorspronkelijk voorzien om afgewerkt te worden met leien dekstukken. Blauwe hardsteen is gebruikt voor het inkomportaal met afgeronde dagkanten en twee toegangstreden én voor de vensterdorpels. De voordeur uit Hongaarse eik is bewaard gebleven, net zoals de voetschraper aan de rechterzijde. Het oorspronkelijke vensterschrijnwerk, ook in Hongaarse eik, is vandaag vervangen. Oorspronkelijk bestonden de ramen van de woonkamer, slaapkamer en voorkamer uit vaste midden- en zijvlakken, terwijl de ramen van de kleine kamers met vaste zijvlakken en opendraaiend middenvlak waren uitgevoerd.

Volgens de bouwplannen was de woning volledig onderkelderd. De ruimtes op de begane grond zijn georganiseerd rond een zijdelings ingeplante traphal met slingertrap. Kenmerkend voor Stynen is de opengewerkte woon- en eetkamer met gebogen wand in functie van het bredere salongedeelte aan straatzijde. Achteraan is hier een groot venster op de tuin voorzien. Het volume van de aanpalende keuken springt uit ten aanzien van de achtergevel, waardoor ruimte is voor een hoekvenster. Hierboven was een gevelbrede luifel voorzien. De keuken is enkel toegankelijk vanuit de hal, waar ook een toilet is ingericht. De eerste verdieping omvat twee gelijkwaardige slaapkamers, met aan weerszijden van de trappenhal een kleinere kamer aan straatzijde en achteraan een badkamer en toilet. Ook hier verlenen de gebogen wanden het interieur een dynamisch karakter. De tweede verdieping heeft een gelijkaardige indeling, zij het dat hier een kamer in plaats van de badkamer is ingericht. Vergelijkbaar met andere woonhuizen van Stynen uit deze periode, was het interieur voorzien van keramische vloeren voor inkom, vestibule, office, keuken, koer en badkamer. In de woon- en eetkamer was parket voorzien. De trapleuning was voorzien in limba, maar is uitgevoerd met koperen buizen en gevlochten draad.

  • Architectuurarchief Vlaanderen, archief Léon Stynen, dossier woning Verdyck.
  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossier 18#3397.
  • JAENEN M. 2015: Léon Stynen: interieurontwerpen tijdens de jaren 30 in Antwerpen, M&L 34.2, 6, 7, 9.
  • RATINCKX F. 1937: Adresboek Van Antwerpen, Antwerpen.

Bron     : -
Auteurs :  Van den Borne, Steven, Van Severen, Elke
Datum  : 2015


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Woning Verdyck [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/301995 (Geraadpleegd op 27-09-2020)