erfgoedobject

Burgerhuis in art deco

bouwkundig element
ID: 304953   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/304953

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Burgerhuis in art deco
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Burgerwoning in een beheerste art-decostijl met eigenzinnig geïnterpreteerde neotraditionele en art-nouveau-elementen, in 1932 ontworpen voor de aan de nabijgelegen Van Praetlei 9 gevestigde bouwheer August Vochten. Het is niet geweten of hij verwant is aan de gelijknamige, eveneens in Merksem gevestigde bouwmeester. Het goedgekeurde ontwerpplan is ondertekend door bouwkundige L. Verbaendert, die ook instond voor de burgerwoningen aan de Du Chastellei 33 en Sint-Bartholomeusstraat 11 in Merksem. Volgens een bouwaanvraag uit 1997 is de achterbouw aangepast en uitgebreid.

Behoudens naoorlogse invullingen ten gevolge van aanzienlijke oorlogsschade door de inslag van een V-bom in 1945, is de oorspronkelijke interbellumbebouwing van één- en meergezinswoningen met voortuin in een gevarieerde, doch veelal conventionele of behoudsgezinde modernistische en art-decostijl relatief gaaf bewaard gebleven in de Sint-Lutgardisstraat. De woning behoort tot een reeks bakstenen burgerhuizen aan oostzijde van de Sint-Lutgardisstraat, gekenmerkt door erkers onder een pseudomansardedak. De gevel laat zich opmerken door de verzorgde ornamentele details en het contrasterende materiaalgebruik.

De voortuin heeft een toegangspad in betontegels, en is afgebakend door het slechts deels bewaarde, sierlijk vormgegeven oorspronkelijke smeedijzeren hekwerk tussen natuurstenen of gegoten, met een golvende kroonlijst versierde en door entasis gekenmerkte kolommen. Het symmetrisch opgevatte smeedwerk spiegelt aan weerszijden van een centraal rasterpatroon een ornamenteel schema in art deco (spiralen, cirkels, driehoeken, ovalen en golven).

Twee ongelijke traveeën breed omvat de burgerwoning evenveel bouwlagen onder een pseudomansardeverdieping, in de vorm van een schubbendak gedekt met kunstleien. De lijstgevel is opgebouwd uit platvol gevoegde rode baksteen, gemetseld in staand verband. Contrasterend zijn de opvallende bovenlichtomlijstingen en de gecanneleerde borstweringen en friezen op de eerste verdieping beraapt en wit geschilderd. Natuur- of kunststeen is aangewend voor het licht vooruitspringende, als ondiepe luifel uitgewerkte deurkalf onder het met vuurdoorn (Pyracantha) overgroeide bovenlicht van de toegang, versierd met vruchten en bloemen. Blauwe hardsteen is gebruikt voor de vensterdorpels, de met verdiepte panelen versierde toegangstreden, en de verzorgde hoge plint. De geprofileerde vensterdorpels met waterspuwers hebben decoratief gehouwen afzaten. De plint, in de driezijdige erker verhoogd tot aan de dorpels, heeft een geprofileerde sokkel en is verfraaid met een sierlijst van vier evenwijdige lijnen, drie schijfvormige motieven in de borstwering, en boven de kelderopening een driehoekig fronton in laagreliëf met halve schijf in de punt.

De lijstgevel kent de typische asymmetrische compositie van een enkelhuis en kenmerkt zich door een smalle toegangstravee links, en een brede, licht risaliterende venstertravee rechts. Deze laatste is beklemtoond door een twee bouwlagen hoge driezijdige erker op trapezoïdale plattegrond, in alle vlakken opengewerkt met vensteropeningen, en afwijkend van het oorspronkelijke ontwerp voorzien van een plat dak. De erker is in de pseudomansarde bekroond door een rechthoekig bakstenen standvenster. De smalle linkse travee heeft boven de verhoogde, éénsteens verdiepte toegang met getrapte dagkanten een vensteropening en eenvoudig mansardevenster. De uniforme, rechthoekige vensteropeningen op de begane grond en eerste verdieping hebben trapezoïdale en omlijste verjongende bovenlichten, segmentbogig verdiept en versierd met diamantkoppen centraal in de bovenlateien. De geschilderde en beraapte bovenlichtomlijstingen zijn in de erker uitgewerkt als doorlopende banden, en boven de toegang afwijkend gepunt. De erker, gevel, en mansardevensters zijn afgewerkt met eenvoudige wit geschilderde houten kroonlijsten, deels met vernieuwde zinken bakgoten, en ter hoogte van het kleine mansardevenster gedragen door houten consoles. Volgens het oorspronkelijke ontwerp waren de mansardevensters oorspronkelijk bekroond met decoratief rijkere exemplaren, voorzien van een afgetopte punt en overkragende uiteinden.

Het schrijnwerk is vermoedelijk reeds in de naoorlogse periode vervangen ten gevolge van oorlogsschade. Mogelijk oorspronkelijk is het opvallende metalen deurrooster met rastervormig, door bolornamenten gescheiden rasterpatroon met voluutbekroning. Het vernieuwde vensterschrijnwerk heeft in de bovenlichten niet-oorspronkelijke glas-in-loodpanelen. Volgens het ontwerp waren de mansarderamen oorspronkelijk verdeeld door een laddervormige en op neorococo-geïnspireerde roedeverdeling.

Het bouwplan toont een plattegrond geïnspireerd op de sinds de negentiende eeuw gangbare stedelijke enkelhuisindeling, met elementen die nog verwijzen naar de boerenwoning. Op de gelijkvloerse verdieping bevinden zich naast de zijdelings ingeplante inkomhal met trappenhuis in enfilade de representatieve en woonkamer, die tot tegen de trap loopt. Trapzaal en woonkamer zijn vanuit de inkomhal ontsloten door twee schuin en loodrecht op elkaar geplaatste deuropeningen. De woonkamer geeft uit op de eenlaagse achterbouw met gescheiden washuis en keuken onder een daklicht, een afzonderlijk toilet en een slechts vanuit de tuin of koer toegankelijke bergplaats. Op de eerste verdieping zijn omheen de trappenhal een kleine badkamer en twee kamers geschikt, ter hoogte van de voorgevel perceelbreed. De mansarde herbergt een bijkomende kamer en een zolderruimte. Het burgerhuis is slechts deels onderkelderd met een provisie- of opslagruimte en in de smalle travee een kolenkelder. In 1997 is in de oorspronkelijke achterbouw achter de trap een nieuwe wasplaats ingericht, en is deze uitgebreid met op de begane grond een gevelbrede open keuken gericht op de tuin, en op de eerste verdieping een ruimere badkamer.

  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossiers, 103#7536 & 1974#1152.

Bron     : -
Auteurs :  Van Severen, Elke
Datum  : 2018


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Burgerhuis in art deco [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/304953 (Geraadpleegd op 29-09-2020)