erfgoedobject

Burgerhuis in cottagestijl

bouwkundig element
ID: 305107   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/305107

Juridische gevolgen

Beschrijving

Nagenoeg half vrijstaand burgerhuis in sobere cottagestijl, gebouwd in 1929-1930, in opdracht van de in 1929 gestichte bouwpromotor Maatschappij 'Entreprises Financières et Commerciales'.

Context

De percelen waarop de quasi identieke woningen, Jozef Verbovenlei 7 en 13, zijn gebouwd, maakten samen met de aanpalende woningen van het bouwblok (nummers 9 en 11) en de ruggelings aansluitende percelen in de Van Hersbekelei, initieel deel uit van een project uit 1924 met uitbreiding in 1926.

Dat bouwproject voorzag in een ensemble van in elke straat vijf gekoppelde half vrijstaande cottagewoningen met voortuin, ontworpen volgens een spiegelend standaardplan. De vijf zuidelijke woningen in de Van Hersbekelei (nummers 4, 6, 8, 10, 12) lijken integraal en gefaseerd uitgevoerd tussen 1924 en 1926.

De betrokken bouwdossiers geven steeds aannemer Vermeiren-Broeckx op als opdrachtgever. Echter, kadastrale gegevens vermelden als bouwpromotor van minstens een aantal van de betrokken percelen de (Naamloze) Maatschappij voor de onderneming van openbare en bijzondere werken, die opgericht werd in 1911 en architect François Toen tot haar beheerders mochten rekenen.

Ook diens mogelijke opvolger, de in 1929 gestichte Maatschappij 'Entreprises Financières et Commerciales' is gekend uit archiefbescheiden. Vermoedelijk werkte Vermeiren-Broeckx samen met voornoemde bouwpromotoren, die in de jaren 1920 en 1930 grote delen van Deurne-Zuid in de omgeving van het Boekenbergpark en het Te Boelaerpark verkavelden. Van deze maatschappijen is verder geen huisarchitect gekend.

De vijf woningen die waren voorzien in de Jozef Verbovenlei, werden niet volgens de oorspronkelijke dossiers uit 1924-1926 gebouwd. Voor deze huizen werden vanaf 1929 nieuwe bouwaanvragen ingediend, waarbij de bijna identieke woningen Jozef Verbovenlei 7 en 13 het opzet van de oorspronkelijke verkaveling lijken te volgen. Hoewel grootschaliger van opzet, zijn de woningen Jozef Verbovenlei 7 en 13 conform het initiële plan uit 1924 ontworpen als half vrijstaande cottagewoningen met gevels en grondplan volgens een gespiegeld schema. De woningen in dit bouwblok kregen een voortuin en een half ondergrondse garage die bij het nummer 13 niet uitgevoerd is. Van de woning nummer 13 is de doorrij naar de garage vervangen door betontegels. Opvallend is dat bij het ontwerp van nummer 9, met functionele baksteengevel en simili-accenten en dat van nummer 11, in verzorgde witte natuursteen, het oorspronkelijke cottageconcept volledig verlaten is.

De bouwaanvraag van nummer 13 uit 1929-1930, werd ingediend door de in 1929 gestichte bouwpromotor Maatschappij 'Entreprises Financières et Commerciales', die het perceel gekocht had van de (Naamloze) Maatschappij voor de onderneming van openbare en bijzondere werken. Wellicht kunnen beide bouwpromotoren aan elkaar gelinkt worden. Verder is de link met aannemer Louis Vermeiren ook af te lezen bij een verbouwing uit 1937. Omstreeks 1937 is de woning uitgebreid met een garage, naar ontwerp van Jos Sels-Vermeiren in opdracht van zijn schoonvader Louis Vermeiren-Broeckx, die toen eigenaar was van deze woning. Architect Jos Sels, die de uitbreidingsplannen van 1937 tekende, was gehuwd met Rosalia Clementina Vermeiren, de dochter van voorgenoemde aannemer. Volgens archiefbescheiden was de architectenpraktijk van Sels-Vermeiren gevestigd in de Sint-Rochusstraat 191, waar ook zijn schoonvader leefde. In 1974 onderging de woning verbouwingswerken naar ontwerp van Edm. Verstraete in opdracht van Remi Snels.

Beschrijving

Woningen nummer 7 en 13 sluiten als half vrijstaande woningen met gevels en grondplan volgens een gespiegeld schema, een reeks van vier interbellumwoningen af. Kenmerkend is de aanwezigheid van een voortuin en een half ondergrondse garage die bij het nummer 13 niet uitgevoerd is. De doorrij naar de garage is vervangen door betonklinkers.

Exterieur

De pittoreske woning is twee bouwlagen hoog en aan straatzijde twee traveeën breed, onder een leien pseudo-mansardedak en met een plint in blauwe hardsteen. De gevelfronten kregen parementen van rode baksteen in kruisverband met gesneden voegwerk, waarbij witte natuursteen is toegepast voor hoekkettingen, negblokken en voor constructieve delen zoals zuilen, stijlen en lateien. Blauwe hardsteen is gebruikt voor de vensterpartijen, voor de omlijsting van de garage en in de toegang. De cottagestijl komt vooral tot uiting in de gevelbekroningen uit stijl- en regelwerk, mijtervormig aan straatzijde en in de zijgevel met puntgevel, waarin zich de toegang bevindt.

De ontwerpplannen tonen een als één geheel ontworpen voor- en zijgevel. De straatgevel is als façade uitgewerkt in twee ongelijke traveeën. De benadrukte brede travee is opgevat als een met drielichten geopend geheel: oplopende erkerpartijen met trapezoïdaal grondplan, rustend op een centrale geometrische console en bovenaan, middels een brede houten basis aansluitend op een mijtervorm in stijl- en regelwerk met afzomende windborden.

De hoektravee maakt de verbinding tussen de voor- en zijgevel, door middel van twee identieke, over de hoek doorlopende vierlichten met gezwollen hoekzuilen op de begane grond en de verdieping. Als beëindiging onder de vlakke kroonlijst, een doorlopende expressieve belijning met geblokte vakwerkstroken, harmonisch overgaand in het geknikt aanzettend dakvolume. In de lichtjes terugwijkende puntgeveltravee van de zijgevel zit het inkomportaal, toegankelijk middels vijf treden, zijdelings gemarkeerd door opvallende, driedelige, en trapsgewijs verspringende traplichten. De puntgevel kreeg bovenaan geprononceerd houten vakwerk gedragen door kwartronde houten consoles. Voor het overige vertoont het gevelfront hier een informele ordonnantie met onregelmatig geplaatste vensterpartijen van ongelijke formaten.

Zoals bij nummer 7 was oorspronkelijk houten schrijnwerk voorzien, integraal met kleinroedeverdeling in de zij- en hoekpartijen, maar in de erkertravee enkel in de bovenlichten toegepast.

In 1974 zijn verbouwingswerken uitgevoerd waarbij het keukenvolume achteraan verhoogd is met een extra bouwlaag, terwijl de zijgevel volgens de bouwplannen verfraaiingswerken onderging: een gedeeltelijke invulling van de vensterpartijen met grijze klampsteen; een onuitgevoerde of verdwenen bekleding met glasalplaten in de gevelpunt en een nieuwe inkomdeur.

Het decoratieve houten vakwerk is goed bewaard maar het vensterschrijnwerk lijkt aangepast, waarbij de traditionalistische vensterindeling verdwenen is.

Interieur

Uit de verbouwingsplannen uit 1974 kan afgeleid worden dat de volledig onderkelderde woning, ondanks de toegang in de zijgevel, een klassieke enkelhuisopdeling kreeg, met zijdelings ingeplant trappenhuis. In de inkomtravee zijn achtereenvolgens een bureel aan de straat, de traphal met vestiaire en achterliggende keuken met aangebouwd toilet geschikt. De brede travee herbergt in enfilade twee achter elkaar gelegen salons, met achteraan een eetkamer aan een terras, middels een trap verbonden met de tuin. De bovenbouw vertoont een gelijkaardige indeling, maar met trapsgewijs terugspringend bouwvolume aan de tuin. Op de eerste verdieping zit de badkamer in de smalle travee aan tuinzijde. De overige ruimte wordt hier ingenomen door drie kamers, een indeling die herhaald is op de dakverdieping, mogelijk in functie van inwonend personeel. De kelderruimten zijn toegankelijk vanuit de tuin.

De ontwerptekeningen uit 1974 tonen een ingrijpend gewijzigde binnenindeling volgens een eigentijdse smaak, waarbij de klassieke enkelhuisopdeling opgeofferd is voor een uitgesproken ruimtelijke interieurbeleving. De vrijstaande, bakstenen garagepoort uit 1937 onder plat dak is wellicht in 1974 aangepast met een sectionaalpoort.

  • Kadasterarchief Antwerpen,Leggers Antwerpen, afdeling VI (Deurne), artikel 1938.
  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossiers, 329#14807 en 627#22746.
  • Informatie verkregen van Marcel Windey (12 februari 2018).

Bron     : -
Auteurs :  Van den Borne, Steven
Datum  : 2018


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Burgerhuis in cottagestijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/305107 (Geraadpleegd op 21-07-2019)