erfgoedobject

Modernistische villa

bouwkundig element
ID: 305591   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/305591

Beschrijving

Modernistische villa, opgetrokken voor Hugo Vanderhaeghe naar een ontwerp uit 1934 door de West-Vlaamse architect Omer Vanderhaeghe, mogelijk familie van de bouwheer. Vanderhaeghe realiseerde verschillende interbellumwoningen in een eenvoudige modernistische en art-decostijl, voornamelijk in West-Vlaanderen.

De contextwaarde van deze villa schuilt in het geheel van opeenvolgende villa’s op grote percelen, in vele gevallen achterin gelegen, die het overgrote deel van de Kardinaal Mercierlaan, de Jules Vandenbemptlaan en de Koning Leopold III-laan kenmerkten. Deze straten waren een geliefde woonplaats voor de welgestelde bewoners van Heverlee, vaak personeel (professoren) verbonden aan de Leuvense universiteit. Grote, vrijstaande villa’s werden opgetrokken in een verscheidenheid aan stijlen.

De vrijstaande woning is dieper op het perceel gelegen, zoals dit ook bij de bouwaanvraag een vereiste was. Hierdoor werd een voortuin gecreëerd, van de straat gescheiden door middel van een afsluiting. Ondanks het feit dat de afsluiting niet wordt vermeld op de bouwaanvraag, werd deze wel uitgevoerd in de geest van het ontwerp van Omer Vanderhaeghe. De rode en gele baksteen, zo kenmerkend voor de gevel van de woning, werd ook aangewend voor de bakstenen pijlers, van elkaar gescheiden door een zwart smeedijzeren hekwerk.

De woning werd opgetrokken in een zakelijke bouwstijl, gekenmerkt door een plastische gevelwerking met erkers en balkons. Opvallend bij deze woning is het diverse materiaalgebruik in de gevelafwerking. Voor de gevel werd hoofdzakelijk gebruik gemaakt van een vlakke gele baksteen, gemetseld met een kenmerkende Dudokvoeg. Ter hoogte van de venster- en deurpartijen werd gebruik gemaakt van geglazuurde tegels en groene cimorné.

De woning telt drie traveeën en twee bouwlagen onder een tentdak van rode leien met pinakel. Een plint in rode baksteen geeft de aanzet voor de gevel. De linker travee van de straatgevel is prominent uitgewerkt doordat deze vooruitspringt tegenover de rest van de gevel, de kroonlijst doorbreekt en tot boven de dakrand uitsteekt, gemarkeerd door een vlaggenmast, een typerend modernistisch gevelelement. Op het gelijkvloers werd deze travee opengewerkt als een inpandig en overhoeks terras. Dit terras werd reeds dichtgemaakt. De tweede bouwlaag werd voorzien van een rechthoekige vensterpartij met een latei in cimorné. Hetzelfde materiaal werd aangewend voor twee sierlijsten in de top van de travee. De centrale travee omvat de rondbogige voordeur met een omlijsting in cimorné, verhoogd gelegen tegenover het straatniveau. Een trappenpartij in rode baksteen verbindt de voortuin met de voordeur. Rechts van de voordeur werd in het gevelvlak een geometrische bank met plantenbak van zwarte, groene en oranje tegels verwerkt. Een eenvoudig rechthoekig balkon kijkt vanop de eerste verdieping uit op de voortuin en straatzijde, toegankelijk gemaakt door een rechthoekig deurvenster. De rechter travee wordt bepaald door de uitspringende hoek op het gelijkvloers, onder een plat dak en met een kroonlijst van cimorné. Deze hoek is opengewerkt door middel van grote vensterpartijen, van elkaar gescheiden door middel van zwart geglazuurde tegels. Links van deze uitsprong, bevindt zich een klein rechthoekig venster, voorzien van een polychroom glasraam met geometrische motieven. Ook de hoek op de verdieping werd opengewerkt door middel van overhoekse vensterpartijen.

Plannen van de zijgevels zijn niet bijgesloten bij de bouwaanvraag. Vermoedelijk zijn deze nog in originele toestand. De linkerzijgevel is grotendeels blind, althans op de verdieping. Een opvallende, gesloten, rechthoekige uitsprong kenmerkt de verdieping langs de rechterzijde. Ook de rechterzijgevel lijkt, met uitzondering van de vensters die zich van de voorgevel naar deze zijgevel plooien, eerder blind uitgewerkt.

Het originele schrijnwerk (ramen, voordeur en kroonlijst), opnieuw beschilderd, bleef behouden. Dit houten schrijnwerk is erg eenvoudig van vormgeving. In de uitspringende hoek in de voorgevel ter hoogte van de rechtertravee, bleef een guillotineraam bewaard.

Ondanks de vrijstaande positie van de woning, maakt de architect gebruik van een klassieke enkelhuisplattegrond, geënt op de 19de-eeuwse indeling van een stedelijke rijwoning. In de deurtravee vinden we het oorspronkelijke, inpandige terras, de hal, de trappenkoker, de achterliggende keuken met pomphuis (ondergebracht in een aanbouw). De rechtertravee omvat achtereenvolgens een woonkamer en een eetplaats, met een naar de achtertuin gericht boogvormig terras. Op de verdieping maakt de trappenhal vier kamers toegankelijk. Een badkamer bevindt zich in de aanbouw boven het pomphuis. Het terras in de rechtertravee is ook op deze verdieping toegankelijk. De indeling van de zolder is niet gekend, aangezien de bouwaanvraag geen plannen van deze bouwlaag bevatte.

  • Stadsarchief Leuven, Modern Archief, dossier 1934/64 (bouwvergunning 26.03.1934).
  • AMELYNCK J 1988: De moderne woning in Groot-Leuven van 1928 tot 1940: een aanzet tot inventarisatie en analyse, onuitgegeven thesis, Katholieke Universiteit Leuven, Faculteit letteren en wijsbegeerte. Departement archeologie en kunstwetenschap.

Auteurs :  Elsen, Liedewij
Datum  : 2019


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Modernistische villa [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/305591 (Geraadpleegd op 16-10-2019)