erfgoedobject

Modernistische villa

bouwkundig element
ID: 305742   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/305742

Beschrijving

De modernistische villa werd volgens de bouwaanvraag uit 1936 opgetrokken in opdracht van L. Brichet uit Kessel-Lo. De ontwerper van de woning is architect Alphonse Marchal. De villa wordt gekenmerkt door een plastische vormgeving waarbij in- en uitspringende geveldelen, gebogen gevelelementen refererend naar de pakketbootstijl, een sterke horizontale geleding alsook grote vensterpartijen zowel schatplichtig zijn aan het modernisme als kenmerkend  voor het oeuvre van Marchal.

De villa werd verplicht achter de rooilijn ingeplant, voorafgegaan door een gedeeltelijk verharde voortuin met oprit. Twee lage bakstenen pijlers met betonnen deksteen, waartussen aanvankelijk een poortje, scheiden de voortuin van de straat. Een pad doorkruist de licht hellende voortuin tot aan de inkom. De villa telt twee bouwlagen boven een kelderverdieping met garage, onder een afgetopt tentdak. Het ontwerp van Marchal voorzag een woning met een plat dak waarop een dakterras en pergola, toegankelijk via het hoger opgetrokken trappenhuis. Het getrapte volumespel dat hier uit voortvloeide, werd mogelijk niet uitgevoerd of later vervangen door een tentdak met rode pannen, een breed uitkragende kroonlijst en dakkapellen in de vier dakvlakken (hier werd geen bouwaanvraag voor teruggevonden).

De villa is voorzien van een parement in metselwerk van platte, gele baksteen boven een plint uit donkerbruine baksteen. Wit bepleisterde accenten benadrukken de horizontale geleding, die de traveeën onderling bindt. Centraal in de gevel bevindt zich de inkomtravee, geflankeerd door twee venstertraveeën uitgewerkt als hoekrisalieten. Een afhellende, verharde oprit met getrapt opgebouwde keermuren uit donkerbruine baksteen met betonnen dekstenen leidt naar de lager gelegen rechthoekige garagepoort in de rechtertravee. De begane grond wordt in deze travee opengewerkt door een rechthoekig, overhoeks venster met een wit bepleisterde halve hoekkolom en latei, en een hardstenen lekdrempel. Eenzelfde venster kenmerkt de verdieping, oorspronkelijk met een vlaggenmast ter hoogte van de hoekkolom (verdwenen). De borstwering tussen beide vensters wordt op de hoek geaccentueerd door driekwartrond metselwerk. Het inkomportaal in de middentravee rust op een bordes van drie brede treden, die uitlopen in de rotonde van de linkertravee. Dit bordes wordt gedeeltelijk van de voortuin afgescheiden door een rechthoekige bloembak in hetzelfde bruin metselwerk als de plint. De rechthoekige voordeur wijkt terug ten opzichte van de flankerende hoekrisalieten. Een wit bepleisterde luifel tussen beide hoekrisalieten, ondersteund door een witte, ronde kolom, overdekt het bordes en benadrukt de horizontale geleding. Twee ronde vensters met een hardstenen spuwer doorbreken de verdieping ter hoogte van de centrale travee. De linkervenstertravee vormt een rotonde ter hoogte van de begane grond, oplopend in het balkon met gesloten borstwering en buisleuning van de bovenverdieping. Deze erkerpartij die in een vloeiende beweging de voorgevel met de linkerzijgevel bindt, is opengewerkt door een vijflicht tussen halve kolommen. De hardstenen lekdrempel en wit bepleisterde latei benadrukken de gebogen vorm en de horizontale geleding. Een overhoekse vensterpartij met deurvenster maakt het balkon toegankelijk.

De rechterzijgevel telt drie traveeën waarbij de linkertravee wordt opengewerkt door de twee overhoekse vensterpartijen. De centrale travee omvat een rechthoekige zijtoegang met zijlicht en een rond venster op de verdieping. De derde, vooruitspringende travee is blind. De linkerzijgevel wordt bepaald door de hoger beschreven rotonde met balkon. Twee overhoekse vensters werken beide verdiepingen open ter hoogte van deze zijgevel en de achtergevel. Het witgeschilderde, houten schrijnwerk bleef behouden. Kenmerkend is de drieledige, witgeschilderde, houten garagepoort met patrijspoorten.

De centrale deurtravee omvat een hal met loodrecht hierop, ter hoogte van de rechtertravee en bereikbaar via de zijingang, het trappenhuis. De hal en het trappenhuis sluiten een kantoor in op de begane grond, verlicht door de overhoekse vensterpartij. Achter de hal en het trappenhuis, uitgevend op de achtertuin, situeren zich de keuken (deurtravee) en de woonkamer (salle commune). De linkertravee omvat ter hoogte van de boogvormige erker het salon en de eetkamer in het verlengde, ter hoogte van de achtertuin. Op de verdieping werd deze plattegrond aangehouden: vier slaapkamers schikken zich rond de traphal, met een badkamer boven de inkomhal en een opbergkamer boven de woonkamer.

  • Stadsarchief Leuven, Modern Archief, dossier 1936/102 (bouwvergunning 16.05.1936).

Auteurs :  Elsen, Liedewij
Datum  : 2019


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Modernistische villa [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/305742 (Geraadpleegd op 16-10-2019)