erfgoedobject

Telefooncentrale

bouwkundig element
ID: 307159   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/307159

Beschrijving

Eind jaren veertig liet de Regie van Telegraaf en Telefoon (RTT) een nieuwe telefooncentrale optrekken (A.T.M.K. Gent-Sint-Pieters) in een zakelijke baksteenarchitectuur naar ontwerp van ingenieur-architect W. Smets.

Historiek

In 1948 diende de Regie van Telegraaf en Telefoon (RTT) een aanvraag in voor een nieuwe telefooncentrale (A.T.M.K. Gent-Sint-Pieters). De plannen waren opgemaakt door ingenieur-architect W. Smets (hoofdingenieur was R. Vandenhove,  tekenaar St. Van Caneghem). De Regie van Telegraaf en Telefoon (RTT) was een autonoom overheidsbedrijf dat sinds 1930 het telefoonnet beheerde. Zij ging verder met de automatisering die enkele jaren eerder door de overheid was aangevat in de grotere steden zoals Gent. Eind 1935 stelde de RTT een algemeen ontwerp op voor de volledige automatisering van de telefonie in België wat een net van 600 kantoren (kleine, middelgrote en grote) impliceerde en ook 6 transit-centra (onder andere in Gent). Al snel bleken vele van deze gebouwen ontoereikend en bovendien was er tijdens de Tweede Wereldoorlog ook heel wat oorlogsschade. Na de oorlog werd de RTT dus geconfronteerd met te weinig en te kleine gebouwen, in combinatie met een toenemend aantal abonnees en telefoonverkeer. Van 1945 tot 1950 werden daarom een honderdtal gebouwen opgetrokken. In de grotere steden voerde men in deze periode ook een decentralisatie door: in Gent werd de bestaande telefooncentrale in het centrum (Sint-Niklaasstraat 27-Bennesteeg 16) aangevuld met nieuwe telefooncentrales in de wijk Rooigem (Peerstraat 32), in Sint-Amandsberg (Sint-Baafskouterstraat 68) en aan Gent-Sint-Pieters (Kortrijksesteenweg 540-542). Dit laatste gebouw bleef in het bezit van de RTT en haar opvolgers (heden Proximus NV) maar is de voorbije jaren bijna volledig herbestemd voor kantoren.

Beschrijving

Net zoals andere telefooncentrales uit de jaren 1940 sluiten de gevels van dit gebouw nog sterk aan op tendensen uit het interbellum en meer bepaald op de zakelijke baksteenarchitectuur uit die periode.

Het volume aan de straat is U-vormig met de opening naar de straat toe en telt drie bouwlagen onder een plat dak. De gevels hebben een horizontaliserend karakter door het metselwerk (smalle, gele baksteen met een Dudokvoeg: verdiepte lintvoegen in combinatie met platvolle stootvoegen) en door de rechthoekige poort en bandvensters die bij de twee hoekvleugels zelfs doorgetrokken worden over de hoek. Andere karakteristieke elementen zijn de afgeronde hoeken van die twee zijvleugels, de ruime plint in blauwe hardsteen (op de rechterhoek met RTT-monogram), de blauwhardstenen vensterbanken en betonnen bovendorpels, de minimale betonnen kroonlijst en de metalen afsluiting van de voorkoer die verwijst naar telefoonpalen, potten en telefoondraden (en die ook terug te vinden is bij andere RTT-gebouwen uit die tijd zoals dat in de De Ridderstraat van Aalst).

Achter dit straatvolume bevindt zich een smaller maar groter, rechthoekig volume van vier bouwlagen onder een schilddak, met een uitbouw voor de trappenhal rechts achteraan en helemaal achteraan een lagere uitbouw van drie bouwlagen onder een schilddak, evenals enkel losstaande lagere rechthoekige volumes. De gevelarchitectuur van dit volume sluit qua parement aan bij die van de voorbouw maar de gevels zijn meer opengewerkt met grote, klassieke, rechthoekige ramen. In het interieur bleef de oorspronkelijke trappenhal bewaard en enkele elementen van de inkomhal.

  • Stadsarchief Gent bouwaanvragen reeks G12, 1948/K/25.
  • ANSEELE E. e.a. 1955: Regie van telegraaf en telefoon van België: 1930-1955, Brussel.

Auteurs :  Vandeweghe, Evert
Datum  : 2019


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Telefooncentrale [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/307159 (Geraadpleegd op 04-06-2020)