erfgoedobject

Eenheidsbebouwing

bouwkundig element
ID: 307211   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/307211

Beschrijving

Dit hoekensemble van vier burgerhuizen en oorspronkelijk twee winkelpanden, werd in 1931 in art deco ontworpen door bouwkundige Semal. De opdrachtgever van deze eenheidsbebouwing was Michel Casaert, aannemer van beroep. Zijn naam komt meermaals voor in de bouwdossiers van de Klinkkoutersstraat en de Bouwmeestersstraat. Ook de eenheidsbebouwing in art deco op de hoek van de Bouwmeestersstraat 38-44 en Klinkkouterstraat 50-54 werd door hem gebouwd.

Dit gedeelte van de Aannemersstraat en Klinkkouterstraat wordt gekenmerkt door een gevarieerde middelhoge rijbebouwing, waarbij baksteenarchitectuur dominant is. Het ensemble past daarom qua materiaalgebruik, stijl en volumetrie in de gevelrijen, en is enerzijds door de ligging op een hoek en anderzijds door de het grote aantal huizen dat het ensemble bevat beeldbepalend in de straten.

Het ensemble bestaat uit vier rijwoningen en een hoekpand met gelijkaardige kenmerken. De zesde woning die uiterst rechts van het ensemble gepland was, werd niet uitgevoerd. Zowel de twee linkerwoningen als de twee middenwoningen zijn telkens identiek volgens spiegelbeeldschema vormgegeven. Het hoekpand aan de rechterzijde heeft een individuele vormgeving. Het ensemble omvat drie bouwlagen onder een pannen zadeldak met de nok parallel aan de straat. De nok loopt gelijk door over de vier rijwoningen, waarbij het achterste dakvlak van de vierde woning steiler is. Het hoekpand heeft een apart dak met een lagere en L-vormige nok, waarbij het dakvlak ter hoogte van de straathoek afgewolfd is. Alle lijstgevels zijn even hoog en hebben een gecementeerde plint, in de twee middenwoningen uitgevoerd in breuksteenimitatie. De gevels met rechthoekige gevelopeningen boven kunststenen lekdrempels zijn opgebouwd uit een baksteenparement, plaatselijk verlevendigd door siermetselwerk, en worden bovenaan afgelijnd met een houten geprofileerde kroonlijst op sierklossen. Enkel de eerste, tweede en vierde rijwoning hebben hun originele kroonlijst bewaard.

De gespiegelde twee linkerwoningen zijn ingedeeld in een smalle deurtravee langs de symmetrieas, met daarnaast een brede venstertravee die per verdieping ingevuld is met twee identieke gekoppelde vensters. De gelijkvloerse verdieping heeft naast de twee vensters een deuropening bovenop een kunststenen trede, met bovenaan een smal zijlicht met hoge borstwering. Daarboven is per verdieping een identiek venster uitgewerkt. De bovenvensters van de linkertravee zijn schuin ingeplant, gevat in een oplopend spaarveld met getrapte dagkanten. De borstweringen en lateien van alle vensters zijn telkens versierd met metselwerk in rollagen. Al het schrijnwerk is recent bij beide woningen.

De gespiegelde twee middelste woningen hebben op de gelijkvloerse verdieping een identieke deuropening als de linkerwoningen, langs de symmetrieas. Bij beide is de houten deur met deurrooster bewaard, net zoals het houten zijlicht. Bij de linkerwoning is het schrijnwerk ingevuld met structuurglas, bij de rechterwoning is dit glas in lood. In de naastliggende travee is een breed venster aanwezig met bepleisterde latei. In de rechterwoning is hier het houten driedelig raam met bovenlicht en glas in lood bewaard. De bovenverdiepingen zijn symmetrisch uitgewerkt, waarbij elke gevel een centrale driezijdige erker heeft die over beide verdiepingen doorloopt tot in de kroonlijst. Onderaan wordt de vloerplaat ondersteund door een getrapte console, beide uit beschilderd beton. Beide verdiepingen zijn identiek vormgegeven, waarbij een breed venster vooraan de erker geflankeerd wordt door twee gekoppelde smalle vensters in de schuine zijden. Zowel de borstweringen van de eerste verdiepingen als de hoeken van de erker worden benadrukt met siermetselwerk. Bovenaan loopt een fries van rollagen tussen reliëfmetselwerk, en de scheiding tussen beide woningen wordt gemarkeerd door een verticale band van siermetselwerk die over beide bovenverdiepingen doorloopt. Al het vensterschrijnwerk is recent, op het gelijkvloerse raam in de rechterwoning na.

Het hoekpand bestaat uit twee traveeën langs de Aannemersstraat die symmetrisch in de Klinkkouterstraat gespiegeld zijn langs de afgeschuinde centrale hoektravee. Elke travee is gevat binnen gevelhoge lisenen die onderaan de cementplint doorbreken en bovenaan met elkaar verbonden zijn door getrapte tandlijsten. In de hoektravee is een deuropening bereikbaar via twee kunststenen treden. Daarboven is op elke verdieping een identiek octogonaal venster aanwezig, ingevuld met houten schrijnwerk en structuurglas, en rondom voorzien van siermetselwerk. Op de gelijkvloerse verdieping is in elke travee telkens een breed venster onder een gecementeerde latei uitgewerkt, waarbij het venster in de linkertravee een hogere borstwering heeft. In de uiterst rechtse travee van het ensemble is een poortopening aanwezig waarbij op de latei het opschrift “ingang voor velos // reparatien” is aangebracht. De zijtraveeën zijn op de bovenverdiepingen per verdieping telkens voorzien van twee identieke gekoppelde vensters. De symmetrie wordt doorbroken door de bovenverdiepingen van de travee rechts van de hoektravee, die uit het gevelvlak uitkraagt. Alle vensters zijn voorzien van rollagen in de borstweringen en bevatten recent schrijnwerk.

De ontwerper gaf volgens de bouwplannen de vier woningen aan de linkerzijde een conventionele enkelhuisindeling mee. Deze hebben per ensemble een identiek gespiegeld grondplan. Via de voordeur betreedt men de inkomhal met trap. Daarnaast staat een salon langs de straatzijde in verbinding met een eetplaats. De traphal geeft achteraan uit op een smalle koer, waarnaast zich een smallere lage aanbouw bevindt waarin de keuken, bergruimte en toilet ingericht zijn. De vierde woning heeft dezelfde indeling, maar aangezien dit perceel korter is, zijn hier de ruimtes minder groot uitgevoerd. Ook bevindt de achterbouw zich hier achter de traphal. Op de eerste verdieping geeft de traphal telkens uit op een gevelbrede voorkamer en een smallere achterkamer. De vierde woning heeft nog een extra kamer boven de keuken. Het hoekpand is zowel toegankelijk via de voordeur in de hoektravee, die op een winkelruimte uitgeeft, als via de poort in de rechtertravee, die op de garage uitgeeft. De winkelruimte staat in verbinding met de woonkamer in de linkertravee. De garage geeft uit op een koer met toilet en de traphal, die ook met de woonkamer in verbinding staat. Op de eerste verdieping geeft de traphal uit op vier kamers die zich allen langs de straat bevinden. Van de bovenliggende verdieping zijn geen bouwplannen beschikbaar. Verder zijn de woningen deels onderkelderd.

  • Stadsarchief Gent, Bouwaanvragen Sint-Amandsberg, BA-SA, 1931 - 3886.

Auteurs :  De Caluwé, Carlo, Janssens, Karolien
Datum  : 2019


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Eenheidsbebouwing [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/307211 (Geraadpleegd op 28-09-2020)