Villa in expressief baksteenmodernisme gebouwd voor rekening van R. Verhaeghe naar een ontwerp van architect Jul De Roover uit 1963.
Architect en interieurontwerper Jul De Roover werd in 1913 in Antwerpen geboren. Het artistieke en sociaal geëngageerde milieu waarin hij opgroeide, bepaalde later zijn ontwerpfilosofie, die in de progressieve antiburgerlijke idealen van het Interbellum geworteld was. Hij was vanuit zijn opvattingen over een sociaal rechtvaardige maatschappij met een sterk gemeenschapsideaal, een fervente tegenstander van de Belgische verkavelingspolitiek. Toch bestaat een groot deel van zijn oeuvre uit ontwerpen voor villa’s en woningen. Opdrachten voor de gemeenschap waren eerder zeldzaam.
Zijn werk toont een zeer persoonlijke verwerking van de invloeden van verschillende modernistische pioniers en stromingen. Elke door hem gerealiseerde woning stelt andere prioriteiten, gebaseerd op gevarieerde invloeden en een intense dialoog met de opdrachtgevers. Het interieur is hierbij geen decoratieve aangelegenheid, maar een ruimtekunst, evenwaardig aan de architectuur en er totaal in opgaand. Deze principes worden ook duidelijk in het onconventionele ontwerp van deze villa in de Eekhoornlaan.
In Wilrijk ontwierp De Roover in 1965 ook een tweewoonst in naoorlogs modernisme in de Prieelstraat 21. In 1967 tekende hij het ontwerp voor een modernistische villa in de Jachtlaan 10 en in 1969 voor een brutalistische villa in de Blauwmeeslaan 3.
In tegenstelling tot de meeste andere villa’s in de Eekhoornlaan, is de inplanting niet haaks of evenwijdig met de straat, maar zo geconcipieerd dat de woonruimtes naar het zuidoosten gericht zijn, ondanks de noordelijke oriëntatie van het perceel.
De villa bestaat uit twee bouwlagen onder een flauw hellend zadeldak met betonnen dakrand. Het ongebruikelijk grondplan bestaat uit in elkaar geschoven driehoeken, zeshoeken en trapezes. De interne constructie in gewapend beton werd voorzien van een gevelparement van bruine baksteen in halfsteens verband. Boven elke bouwlaag en in de plint is een horizontaal doorlopende laag van verticale strekken aanwezig, die tegelijk de latei van de rechthoekige gevelopeningen vormt. De sobere gevelordonnantie en het eerlijke materiaalgebruik werden gecombineerd met een uitzonderlijk maar toch discreet volumespel van gevelvlakken die in scherpe en stompe hoeken tegen elkaar werden geplaatst. De hoeken werden afgewerkt met hoekkettingen van overhoeks geplaatste uitstekende bakstenen.
Het hoofdvolume heeft aan de noordwestzijde twee eenlaagse uitbouwen met licht hellende lessenaarsdaken op verspringende niveaus. De driezijdige erker aan de zuidzijde wordt bekroond door een balkon met bakstenen borstwering.
De zuidoostelijke tuingevel is op het gelijkvloers en op de verdieping open geconcipieerd met brede, overwegend bouwlaaghoge raampartijen. De gelijkvloerse ramen eindigen bovenaan met lichtblauwe glasalpanelen. De kopse gevels zijn meer gesloten opgevat en hebben op gelijkvloers en verdieping telkens één rechthoekig, asymmetrisch gepositioneerd venster.
De achtergevel wordt bepaald door twee lage uitbouwen waarvan de gesloten gevelvlakken enkel door een verticale vensterdeur en twee deuren met bovenlicht onderbroken worden. Verder zijn onder de dakrand smalle bandvensters aanwezig die de horizontale lijn van de dakrand benadrukken. Op de verdieping is een centraal breed bandvenster aanwezig, links geflankeerd door een smalle verticale vensteropening. Verder is de achtergevel van de verdieping blind.
Het houten buitenschrijnwerk en de houten rolluiken zijn nog origineel bewaard.
De combinatie van driehoeken en trapezes resulteert in een zeer opmerkelijk plattegrond en binnenruimtes zonder rechte hoeken. Bij de organisatie van het interieur werd rekening gehouden met de oriëntatie van de villa. De grote inkom- en trappenhal vormt het centrum, met aansluitend de functionele ruimtes. De woonvertrekken vormen een doorlopende suite, bestaande uit de woonkamer met metalen open haard, de eetkamer en een dagverblijf. De bovenverdieping omvat vier slaapkamers en sanitair.
Auteurs: Fexer, Charlotte
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Antwerpen